Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g72 8/7 blz. 20-22
  • „Uit de maat” met de muziek van Peru

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • „Uit de maat” met de muziek van Peru
  • Ontwaakt! 1972
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • De hedendaagse oude Inca-muziek
  • De afgebroken maat
  • Een uitlaatklep voor de emoties
  • De volksmuziek van de kust — tegenhanger van de bergmuziek
  • Verandering van karakter met verandering van plaats
  • De muziek van veel landen
    Ontwaakt! 1971
  • De muziek de je kiest
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1974
  • Hoe voorkom ik dat muziek te belangrijk wordt?
    Wat jonge mensen vragen — Praktische antwoorden, Deel 2
  • Hoe kan ik muziek binnen de perken houden?
    Ontwaakt! 1993
Meer weergeven
Ontwaakt! 1972
g72 8/7 blz. 20-22

„Uit de maat” met de muziek van Peru

Door Ontwaakt!-correspondent in Peru

RAFAËL kwam de vestibule binnen en liet zich in een stoel vallen. „Wij zijn uren aan het opnemen geweest; ik heb nog nooit zo’n uitvoering gehad als nu”, zei hij. „In plaats van gewoon te kunnen zitten om de begeleiding te spelen, ben ik de hele middag bezig geweest het orkest bergmuziek te leren spelen.”

„Dat zal toch niet zo’n probleem geweest zijn”, antwoordde ik. „Jullie zijn allemaal uitstekende gitaristen en volksmuziek is zo eenvoudig.”

„Eenvoudig, jawel, maar heb je ooit op de maat gelet? Het is die maat waarmee iedereen die niet in de Peruviaanse bergen is opgegroeid, moeite heeft.”

„Eh, ja, ik heb wel eens gemerkt dat de volksmuziek van Peru wat verschillend is, maar — eh, wat is er dan met die maat?”

„Om de paar maten wordt er een maat ingelast die slechts een fractie van de normale tijdsduur krijgt. Dit wordt in de muziek eenvoudig niet gedaan. Iedere musicus weet dat een muziekstuk uit precies zoveel maten bestaat en dat iedere maat een bepaald aantal maatdelen heeft, hetzij twee, drie, vier of zelfs meer. Maar niet de Peruviaanse volksmuziek uit de bergen.”

„Een ogenblikje”, interrumpeerde ik. „Ik weet iets van muziek af en ik weet dat voor het verkrijgen van ritme iedere maat wat tijdsduur betreft moet passen in het geheel. Er is niets onbehaaglijkers dan een muziekstuk te zingen of te spelen waarbij niet elke maat volledig tot zijn recht komt. En vertel je me nu dat . . .?”

„Dat in de Peruviaanse muziek niet alle maten het aantal maatdelen krijgen waar ze ’recht’ op hebben? Ja. Hier, ik zal het voordoen.” Daarop begon hij een bekend wijsje te neuriën, dat ik al vele malen in de vier jaar dat ik in het binnenland onderwijs heb gegeven, gehoord had. Ik merkte op dat hij, terwijl hij neuriede, bij iedere vijfde maat precies op de helft van het aantal maatdelen een kort ogenblik ophield. Het klonk — voor Peruviaanse muziek — aangenaam en normaal.

„Herinner jij je de dansen niet die op deze muziek worden gedanst?” vroeg hij. „Ik zal je geheugen opfrissen.” Daarop ging Rafaël staan, schuifelde een paar passen terwijl hij hetzelfde wijsje neuriede, en hield toen een kort ogenblik op door op de helft van de vijfde maat de voeten snel achter elkaar tot stilstand te brengen, waarna hij onmiddellijk verder ging met de volgende vier maten en bij de vijfde maat weer een kort ogenblik ophield. Hoe vaak had ik de Indianen niet op deze manier zien dansen en zingen! Het was fascinerend deze karakteristieke wijze van dansen en zingen te zien en te horen — bij elkaar een volmaakte eenheid.

Snel gingen mijn gedachten terug naar de typische stadjes, die verspreid lagen op de puna (de koude, droge hoogvlakte) of genesteld waren in een van de terrasvormige dalen van de Andes. Ik herinnerde mij de orkestjes op de pleinen, uitgerust met eigengemaakte harpen en fluiten. Felgekleurde, golvende rokken onthulden, wanneer ze wijd uitwaaierden, stevig gebouwde danseressen die voor hun met gebreide mutsen getooide partners een werveldans uitvoerden: draaien en stampen en halt — draaien en stampen en halt.

Rafaël was weer aan het woord. Hij legde uit dat het moeilijk zou zijn deze muziek op schrift te stellen, maar dat ze niettemin eenvoudig en tamelijk gemakkelijk te spelen was. Tenminste, op de afgebroken maat na, want deze schept voor „gewone” musici een ongelooflijk probleem. Hun, als het ware, geestelijke metronoom streeft ernaar de ontbrekende maatdelen op te vullen en het ritme gelijk te maken.

De hedendaagse oude Inca-muziek

Het langgerekte Peru wordt over zijn hele lengte verdeeld door de hoge Andes-keten; hierdoor is in de eeuwen vóór de tijd van de moderne vervoersmiddelen het contact tussen de bergbevolking en de bewoners van de kuststreken tot een minimum beperkt geweest. De door de Inca’s geïnspireerde muziek is daarom in haar nog bijna originele vorm bewaard gebleven. Hierbij is het wel bijzonder dat deze volksmuziek niet de betrekkelijk nabijgelegen kuststreken heeft bereikt, maar zich wel over een afstand van meer dan 3000 kilometer in het bergland heeft verspreid, terwijl er van streek tot streek slechts kleine veranderingen in de muziek zijn ontstaan.

Deze veranderingen hebben zich tot drie karakteristieke soorten streekmuziek ontwikkeld: de muziek van het noordelijke, het centrale en het zuidelijke deel van de Peruviaanse Andes.

Als u bijvoorbeeld een bewoner van de noordelijke bergstreken was, zou u van vrolijke en levendige muziek houden, en u zou gewoon zijn bij deze muziek in snelle, huppelende passen of in marstempo te dansen. Van jongs af aan zou u liefde zijn bijgebracht voor de viool en de eigengemaakte harp, voor de quena (een van riet vervaardigde fluit) en de gitaar waarop het begeleidende ritme wordt getokkeld.

Zou u daarentegen in het zuiden wonen, dan zou u meer voelen voor de melancholische klanken van de mandoline en de accordeon, die bij het uitvoeren van de droevige melodieën worden aangevuld met de charango (een kleine gitaar) en de grote guitarrón, met zijn extra zware tonen. En als u op deze treurige balladen zou dansen, zou de ontroering u overmeesteren en zouden de tranen u langs de gegroefde wangen lopen.

Als u daarentegen in het centrale gebied van de Andes zou zijn opgevoed, het land van de saxofoon en de klarinet, de harp en de viool, zou u verrukt zijn over de zangerige melodietjes van het populaire genre. U zou door het in de verte hoorbare getam van de cajon (de eigengemaakte trommel) naar het openbare plein worden gelokt, waar u zich in de kring van dansers zou voegen of ter begeleiding ritmisch in uw handen zou gaan klappen.

De afgebroken maat

Hoewel de Indianen die in de bergen wonen, hebben geleerd de wals te dansen die van de kust is doorgedrongen, is de walsmaat praktisch onbekend in de composities van deze volksmuziek. De uit twee of vier maatdelen bestaande maten van de populaire volksmuziek zijn in het algemeen gefraseerd in groepen van verscheidene opeenvolgende maten, gevolgd door een afgebroken maat.

De plaats waar de afgebroken maat wordt ingelast, wisselt met het muziekstuk dat gespeeld wordt en kan zelfs in één stuk variëren. Zo is het mogelijk dat men een muziekstuk heeft waarbij de eerste twee maten uit vier maatdelen bestaan en de derde uit slechts één maatdeel, welke maat weer gevolgd wordt door twee maten met vier, en een maat met één maatdeel. Dit wordt zo door het hele stuk herhaald, met heel weinig afwisseling in melodie. Maar wat misschien aan kleur en inventiviteit ontbreekt, wordt ruimschoots gecompenseerd door het ongebreidelde enthousiasme waarmee er uren achtereen wordt gestampt, geklapt en gejuicht.

Een uitlaatklep voor de emoties

De Indianen lijken uiterlijk onbewogen, maar hun muziek stelt hen in staat uiting te geven aan diepe gevoelens. Een voorbeeld hiervan zijn de langzame, melancholische balladen die op gemeenschappelijke bijeenkomsten worden gezongen en waarbij muziek wordt gespeeld die men El Triste (de droevige) noemt. Dit is muziek voor het uiten van weeklachten en het zingen van gevoelige serenades; dit is ook de enige muziek waarbij de zanger op de voorgrond treedt. De solist, die hetzij in het Spaans of in het Quechua zingt, wordt begeleid door één guitaar, die alleen maar de melodie aangeeft. Hij zingt de melancholische liedjes met buitengewone droefheid, waardoor er tranen verschijnen in de ogen van alle luisteraars. Het is niet ongewoon groepjes gasten vrij en zonder schaamte te zien huilen; allen hebben genoten.

Ongetwijfeld wordt de primitieve muziek van een land het meest door de eigen bewoners gewaardeerd. Maar in de afgelopen jaren zijn er enkele orkest-arrangementen van deze door de Inca’s geïnspireerde muziek gemaakt voor symfonieorkesten. Hoewel men de afgebroken maten heeft moeten opofferen, zijn de op de voorgrond tredende mineurklanken van de muziek verbazingwekkend mooi wanneer ze in rijke orkestrale harmonie worden gespeeld.

De volksmuziek van de kust — tegenhanger van de bergmuziek

Ja, de plaatselijke sfeer van de muziek uit de bergen is voor buitenstaanders moeilijk te begrijpen; mogen wij nu echter verwachten dat de criollo-muziek (= inheemse muziek) van de kust „normaal” genoeg is om door iedereen gemakkelijk gespeeld te kunnen worden? Helaas niet! Ook sommige stukken inheemse muziek van de kust bevatten verrassingen.

In tegenstelling tot de volksmuziek uit de bergen, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van de 3/4-maat (de gewone walsmaat), komen er in de criollo-muziek, behalve polka’s en foxtrots, enorm veel vrolijke walsjes voor. Hoewel veel composities heel normaal zijn en verrukkelijk in het gehoor liggen, worden sommige gespeeld en gezongen met een bijzondere syncopering (waarbij het accent van het zware naar het lichte maatdeel verschuift).

Elke „uitvoerder” heeft een individuele interpretatie van de syncopering; zijn muziek zal echter altijd die onderscheiden Peruviaanse sfeer hebben die maar zelden kan worden nagebootst door iemand die hier niet geboren is. Het is evenwel interessant dat duo’s, trio’s of kwartetten instaat zijn in volmaakte harmonie in dit ongewone ritme te „syncoperen”, hetgeen alleen te bereiken is door uren achtereen te oefenen. Deze prestatie is dubbel verwonderlijk wanneer er bepaalde stukken worden gezongen die een overvloed van woorden bevatten. De stroom van woorden tussen de aanhef en het slot worden in het gesyncopeerde ritme vaardig verwerkt tot een soepel lopende muziekmarathon, die de toehoorders ademloos doet luisteren.

Verandering van karakter met verandering van plaats

De walsen van Lima, de hoofdstad aan de kust, zijn levendig en behouden bij de uitvoering door vaardige gitaristen of moderne orkesten een vrolijk karakter. Als u op welke dag maar ook in de straten van Lima zou lopen, zou u ongetwijfeld op een zeker moment een groep mensen op de binnenplaats van iemands huis feest zien vieren. En dan kan het bijna niet anders of er wordt op de trompetten een pakkende foxtrot gespeeld.

Als u naar het noorden reist, zult u bemerken dat de muziek opmerkelijk sentimenteler wordt. En om dit karakter nog te beklemtonen, hebben de zangers een pakkende overgangsklank in hun stem ontwikkeld, waardoor er nog een extra zweempje melancholie aan de muziek wordt toegevoegd.

Op veel typisch Peruviaanse tafereeltjes staan de kleine Indiaanse orkesten met fluit en harp afgebeeld, die voor kleurrijke dansparen Peruviaanse bergmuziek spelen. De uit vele lagen bestaande, golvende rokken van de señoritas met hun bronsbruine, door de wind gegroefde gezichten, waaieren tijdens het draaien uit tot een volmaakte cirkel, in een steeds weerkerend ritme: draaien en stampen en halt — draaien en stampen en halt.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen