In welke richting gaan de Verenigde Naties?
ELK jaar wordt op 24 oktober de oprichting van de Verenigde Naties gevierd. Bij die gelegenheid wordt er in de algemene vergaderzaal een speciaal concert ten gehore gebracht. In het bijzonder wordt bij bepaalde gelegenheden het indrukwekkende koorgedeelte uit de negende symfonie van Beethoven gebruikt. Klaarblijkelijk vindt men dat de woorden van deze muziek, die handelen over de broederschap der mensheid, in harmonie zijn met de geest en het doel van de Verenigde Naties.
Zien wij echter in onze huidige tijd, meer dan zesentwintig jaar na het ontstaan van de Verenigde Naties, dat de zo ontroerend gezongen woorden „Alle mensen zullen broeders zijn”, door de lid-staten in praktijk worden gebracht? Heeft er in diezelfde algemene vergaderzaal, waar deze edele woorden werden gezongen, tijdens de vele vergaderingen van de Verenigde Naties, veel eenheid geheerst?
Integendeel, in de afgelopen jaren is de wereld getuige geweest van soms erg rumoerige zittingen in de imposante V.N.-gebouwen aan de oever van de East River in Manhattan. Hierdoor is een toenemend aantal nadenkende mensen ernstige twijfel gaan koesteren omtrent de toekomst van de V.N. Zij zijn teleurgesteld in hun verwachtingen. Misschien bent u wel een van hen.
Aan de andere kant zijn er personen die denken dat de problemen waarmee de V.N. te kampen hebben, overwonnen zouden kunnen worden als er veranderingen in deze organisatie zouden worden aangebracht. Wat is uw mening?
Zullen veranderingen helpen?
Cyrus R. Vance, voormalig gezant van de Verenigde Staten bij de Parijse vredesbesprekingen, zei onlangs: „Wij gaan definitief een nieuwe fase in de geschiedenis van de Verenigde Naties binnen. Op het ogenblik is het absoluut de kritieke tijd om te proberen de organisatie te vormen tot wat ze moet zijn, als dit de wereld gaat worden die ze zal zijn.”
Zijn veranderingen in de V.N. het antwoord? Denk eens aan de verandering die werd aangebracht tijdens de Koreaanse Oorlog in het begin van de jaren ’50. In die tijd werd er een resolutie aangenomen waarin werd bepaald dat in het vervolg een meerderheid van twee derde van de stemmen in de Algemene Vergadering voldoende zou zijn om een veto van een van de leden van de invloedrijke Veiligheidsraad teniet te doen. Men was van mening dat deze wijziging in de procedure elke poging van een van de leden van de Veiligheidsraad om de vredespogingen van de Verenigde Naties in de weg te staan, sterk zou belemmeren.
In werkelijkheid was deze verandering, zoals uit het vervolg van de geschiedenis is gebleken, niet drastisch genoeg. Men kwam tot de ontdekking dat tijdens een crisissituatie de twee-derde-meerderheid die nodig was om een veto nietig te verklaren, gewoonlijk niet bereikt kon worden: de invloed van de grote naties in de Veiligheidsraad heeft een sterke uitwerking op de wijze waarop de leden van de Algemene Vergadering stemmen.
Pogingen om de recente crisis tussen India en Pakistan op te lossen, werden belemmerd door het veto in de Veiligheidsraad. Dit bewoog de Pakistaanse minister van buitenlandse zaken ertoe tijdens een zitting van deze raad uit te roepen: „Wij zijn schaakmat gezet door het veto. Laten wij een monument oprichten voor het veto. Laten wij een monument oprichten voor onmacht en onbekwaamheid.”
Wel, bestaat er enige hoop dat er werkelijke veranderingen zullen worden aangebracht om de V.N. te verbeteren? Wat toont het verslag over het verleden? In 1966 werd er in een hoofdartikel uit de in Washington, D.C., verschijnende publikatie Human Events gewaarschuwd dat „alleen drastische hervormingen [de Verenigde Naties] zullen redden van het noodlot dat de Volkenbond trof [die in 1939 faalde]”. In 1970 werd deze gedachte nog steeds gehoord, want in de New York Times werd een artikel gepubliceerd, getiteld „Een oproep tot hervorming van de V.N.”. In het artikel werd gevraagd te beschouwen „hoe [de Verenigde Naties] het beste ontmanteld en weer opgericht zouden kunnen worden”.
Ook de commentaren in deze zelfde krant aan het einde van de zesentwintigste zitting van de V.N. in de afgelopen maand december waren niet erg hoopgevend. „Er was niemand aan het einde van de zitting die eerlijk kon zeggen dat er een veelbelovend nieuw begin was gemaakt. . . . Er bestond het sterke gevoel dat de Verenigde Naties zouden doorgaan zoals ze dat in het verleden hadden gedaan, namelijk druk bezig zijn met het behandelen van vraagstukken van de tweede orde maar door de grote mogendheden verlamd of genegeerd als het om grote vraagstukken gaat.”
Waarom zijn er geen belangrijker veranderingen aangebracht? J.R. Wiggins, voormalig Amerikaans ambassadeur bij de Verenigde Naties, geeft als antwoord: „Pogingen om het systeem te veranderen zouden nog grotere problemen scheppen.” Het is duidelijk dat de Verenigde Naties niet verbeteren. In plaats daarvan lijkt het voor velen alsof ze in de richting van ontbinding gaan.
Wat valt er te zeggen over de successen?
Op het gebied van gespecialiseerde diensten hebben de Verenigde Naties enkele opmerkelijke bijdragen geleverd. Onderwijs, gezondheid, hulp aan de armen en de ontwikkeling van landbouw en industrie maken daar deel van uit.
Maar deze verrichtingen verzinken in het niet wanneer ze worden beschouwd tegen de achtergrond van de grootheid van de wereldproblemen. Armoede, ziekte en honger kunnen wel bestreden zijn, maar ze staan nog verre van het punt van verdwijnen. In 1965 betreurde het tijdschrift Saturday Review het feit dat het voor de V.N. „een probleem is de kloof te overbruggen die de ’bezittende’ van de ’niet-bezittende’ landen scheidt. Droevig genoeg wordt de kloof echter dagelijks breder”. En als men de persverslagen van het afgelopen jaar over de honger, armoede en ziekte waardoor India, Pakistan en bepaalde Afrikaanse landen geteisterd zijn, nog eens de revue laat passeren, kan men zeggen dat de kloof nog steeds niet overbrugd is.
Er zijn mensen die beweren dat een van de belangrijke verrichtingen van de V.N. het voorkomen van een grote oorlog is geweest. De organisatie van de V.N. voorziet namelijk, zoals zij zeggen, in een plaats waar mensen de problemen met elkaar kunnen bespreken. En, volgens de uitspraak van Winston Churchill, kan men „beter praten dan vechten”. Hoewel dit misschien redelijk klinkt, heeft de voormalige secretaris-generaal Oe Thant eens de waarschuwing geuit dat de Verenigde Naties bezig waren „louter een gespreksforum en niets anders” te worden.
Een realistische kijk op de wereldgeschiedenis van de afgelopen zesentwintig jaar, de tijd dat de V.N. bestaan, toont echter aan dat er al te vaak momenten waren waarop men van mening was dat oorlog beter was en meer effect sorteerde dan debatteren. In verschillende delen van de wereld hebben lid-staten zich naar het slagveld begeven in plaats van naar de conferentietafel. Men schat dat er sedert 1945, het jaar dat de Verenigde Naties werden opgericht, vijfenvijftig oorlogen zijn gevoerd, met inbegrip van de derde in grootte in de geschiedenis van de Verenigde Staten.
Ook het feit dat er sindsdien, volgens één bron, over de hele wereld meer dan driehonderd revoluties, pogingen tot verzet, staatsgrepen, oproeren en opstanden zijn geweest, stemt iemand nuchter. Er is veel meer nodig dan louter praten.
Hoe doeltreffend zijn de zittingen?
Mitchell Sharp, Canada’s minister van buitenlandse zaken, uitte een klacht over het feit dat er in de V.N. zoveel gepraat wordt. Hij zei dat de organisatie verdrinkt in een zee van woorden.
Oud-premier Lester Pearson van Canada was het daarmee eens en voegde eraan toe dat de Verenigde Naties „worden bedolven onder hun eigen documenten”. Klinkt dit alsof de zittingen doeltreffend zijn?
Hoe hierdoor pogingen om een crisis op te lossen kunnen worden belemmerd, bleek tijdens de zittingen die werden gehouden om de oorlog tussen India en Pakistan te beschouwen. De Pakistaanse afgevaardigde Z.A. Bhoetto zei hierover: „De Veiligheidsraad, zo vrees ik, verstaat uitmuntend de kunst om obstructie te voeren. Met enige cynische spot heb ik gisteren een uur lang toegezien hoe er een uur verspeeld werd met de vraag of de leden om 9.30 v.m. zouden bijeenkomen, of dat het in verband met de nachtrust en het ontbijt nodig zou zijn om 11.00 v.m. te vergaderen.” Tijdens deze periode stierven er honderden mensen in de oorlog.
Iets meer dan een week daarvoor brak er een heftige discussie uit, waardoor een vergadering van de V.N. verdaagd moest worden. Een afgevaardigde schreeuwde en schudde dreigend zijn vuist in de richting van de ondersecretaris-generaal, waarbij hij het recht vroeg te spreken voor een andere afgevaardigde die een verslag zou uitbrengen. Zij moesten gescheiden worden voordat er slagen vielen. Gebeurtenissen als deze wekken beslist geen respect voor en vertrouwen in deze wereldorganisatie.
Financiële moeilijkheden
De begroting van de Verenigde Naties voor 1971 bedroeg ongeveer 950 miljoen dollar. Maar daarin kon niet worden voorzien. Volgens één verslag heeft de wereldorganisatie een schuld van 189 miljoen dollar. Nu Nationalistisch China is uitgesloten, is de situatie niet verbeterd, want het is niet erg waarschijnlijk dat zijn schuld van dertig miljoen dollar door de binnengetreden Chinese communisten zal worden betaald. Verder neemt het aantal niet-betalers en langzame betalers onder de 132 lid-staten voortdurend toe.
Onlangs hebben de V.N. zelfs enkele malen geld moeten gebruiken dat bestemd was voor speciale posten, alleen om de salarissen van het personeel te kunnen betalen. De financiële problemen worden nog vergroot doordat sommige naties weigeren te betalen voor het voeren van bepaalde acties waarmee ze het niet eens zijn. Deze voelen geen verplichting iets waar ze tegen gestemd hebben, financieel te ondersteunen. Als deze geldelijke problemen voortduren, gaan de Verenigde Naties in de richting van een financiële ramp.
In welke richting gaan de V.N. werkelijk?
De situatie waarin de Verenigde Naties zich op het ogenblik bevinden, is somber. Er bestaat weinig hoop op verbetering. Een schrijver merkte op: „Zolang de Verenigde Naties zijn samengesteld uit mensen, lijdend aan beperkingen die eigen zijn aan de menselijke geest, zal deze organisatie spreken over vrede en zich voorbereiden op oorlog.”
De overleden Adlai Stevenson beschreef het probleem als volgt: „De centrale vraag is of deze wonderbaarlijk verscheiden en begaafde gemeenschap van mensen op deze aarde werkelijk weet hoe ze een beschaving moet leiden.” Het antwoord is duidelijk Neen.
Hoe komt dit? Omdat Jehovah God de mens niet schiep met het vermogen zijn eigen soortgenoten te regeren. Daarvoor heeft hij God nodig. Dat is de reden waarom de pogingen van de mens in dit opzicht op zoveel moeilijkheden uitlopen.
In de ogen van God vertegenwoordigen de V.N. de uitdaging die deze wereld tot hem en zijn hemelse regering richt, de hemelse regering die hij heeft gevestigd om over deze aarde te regeren, zijn koninkrijk in handen van Christus. De Verenigde Naties trachten dus te doen wat alleen God kan en zal doen: ware broederschap en duurzame vrede en veiligheid op deze aarde brengen. Omdat ze tegen hem zijn gekant, gaan ze in de richting van de vernietiging die hij over ze zal brengen. — Matth. 24:15; Openb. 17:8-11.
Wat zult u doen? Waarin zult u uw vertrouwen stellen? Uw leven hangt af van uw beslissing.