Onze wonderbaarlijk gemaakte longen
De beroemde musicus en dichter Koning David van Israël zong eens tot eer van Jehovah: „Ik zal u prijzen omdat ik op een vrees inboezemende wijze wonderbaar ben gemaakt” (Ps. 139:14). In een bespreking over de wonderen van de menselijke longen, getuigde W. O. Fenn, hoogleraar in de fysiologie, hoe waar dit is met de woorden: „De werking van de ademhalingswerktuigen behoort tot een van de vele wonderen die in het menselijk lichaam aan de dag treden. Voor de uitwisseling van zuurstof en kooldioxyde tussen het bloed en de lucht bieden de longen een oppervlak van ten minste de helft van dat van een tennisveld. Het longmembraan waardoorheen de uitwisseling plaatsvindt, is zo buitengewoon fijn en dun dat geen van de kunstmatige, [door de mens] ontworpen longen het in doeltreffendheid heeft kunnen overtreffen. De inspanning die het vergt om de lucht in de longen te verversen, is te verwaarlozen en de energie die nodig is om dit proces gaande te houden, kan worden geleverd . . . door twee klontjes suiker, of iets wat daarmee overeenkomt, per dag.
Het ademhalingsmechanisme is wonderbaarlijk en zeer doelmatig van structuur en biedt ieder denkend mens reden te over om diep ontzag te hebben voor de processen die dit alles op gang gebracht hebben: ’Hoe magnifiek zijn wij geformeerd, hoe vrees inboezemend en wonderbaar zijn wij gemaakt!’”