Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g70 8/10 blz. 29-31
  • Een blik op de wereld

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Een blik op de wereld
  • Ontwaakt! 1970
  • Onderkopjes
  • Kerken stromen leeg
  • Geestelijkheid verwerpt de bijbel
  • „Crisis van onenigheid”
  • Vervuiling en religie
  • „Is religie verouderd?”
  • Aanval op de kerken
  • „Een rampgebied”
  • De wetenschap, de kerk en de pil
  • Seksuele problemen en het celibaat
  • Katholieken en vodou
  • De tol van bestrijdingsmiddelen
  • Koolmonoxyde — een moordenaar
  • Nationale Raad van Kerken in moeilijkheden
  • De Presbyteriaanse Kerk in verval
Ontwaakt! 1970
g70 8/10 blz. 29-31

Een blik op de wereld

Kerken stromen leeg

◆ Een speciaal bericht uit Parijs bracht bij veel mensen een schok teweeg daar het onthulde dat ongeveer 18.000 kerken en kapellen in Frankrijk bijna of geheel leegstaan. De Toronto Star verklaarde dat dit cijfer zou betekenen dat „ongeveer de helft van de plaatsen van aanbidding in Frankrijk in de betrekkelijk naaste toekomst de ondergang tegemoetgaan of in verval dreigen te geraken, tenzij de religieuze of lekenautoriteiten snel tussenbeide komen”.

Een religieuze commentator verklaarde: „Sinds de godsdienstoorlogen in de 16de eeuw hebben de kerken in Frankrijk nog niet zoveel te lijden gehad!” Ze hebben te lijden van veronachtzaming, van afnemende bezoekersaantallen, gebrek aan geld en van vandalen die het op waardevolle antiquiteiten hebben gemunt. Ook zijn er parochiepriesters die, ten einde verbeteringen in hun kerken te financieren, meubels, vazen, tapijten, kroonluchters en kandelaars verkopen.

Geestelijkheid verwerpt de bijbel

◆ Toen aan 10.000 protestantse geestelijken in de Verenigde Staten werd gevraagd waarin zij al dan niet geloofden, gaven meer dan 7400 hierop antwoord. Hun werd gevraagd: „Gelooft u dat Jezus’ opstanding een historisch feit is?” Eenenvijftig percent van de methodistenpredikanten zei „Neen.” Ook dertig percent van de episcopale priesters van Amerika kon het niet aanvaarden, evenals 35 percent van de verenigde presbyteriaanse predikanten, 33 percent van de Amerikaanse baptistenpredikanten, 13 percent van de Amerikaanse lutherse predikanten en 7 percent van de lutherse predikanten van de Missouri Synode.

Toen hun werd gevraagd of zij in de maagdelijke geboorte van Jezus Christus als een biologisch wonder geloofden, zei 60 percent van Amerika’s methodistenpredikanten nadrukkelijk „Neen”, alsmede 44 percent van de episcopale priesters en 49 percent van de lutherse predikanten.

Toen hun over de bijbel zelf werd gevraagd, zei 82 percent van de methodistenpredikanten dat zij niet geloofden dat dit boek het geïnspireerde Woord van God is; hetzelfde antwoord werd gegeven door 89 percent van de episcopale priesters, 81 percent van de presbyteriaanse geestelijken, 57 percent van de Amerikaanse baptistengeestelijken en 57 percent van de Amerikaanse lutherse geestelijken.

Indien u zich afvraagt wat er met het geloof in Amerika is gebeurd, kijk dan naar degenen die het geloof prediken. „Mijn broeders, een vijgeboom kan toch geen olijven voortbrengen, of een wijnstok vijgen?” (Jak. 3:12) Evenmin kunnen ongelovige mensen geloof opbouwen.

„Crisis van onenigheid”

◆ De Rooms-Katholieke Kerk ziet zich geplaatst tegenover een „crisis van onenigheid”, zeiden een rooms-katholieke bisschop uit Canada en een Amerikaanse jezuïetenpriester. De enige manier waarop de crisis kan worden beëindigd is, zo zeiden zij, bisschoppen, priesters, kloosterlingen en leken medeverantwoordelijkheid te geven in het nemen van beslissingen. Zij zijn van mening dat alle niveaus van de kerk een stem moeten hebben in het voorschrijven van haar bestemming. De eerste stap om dit doel te bereiken, zo zeiden zij, zou vereisen dat de ’communicatiekloof’ tussen priesters en bisschoppen wordt opgeheven.

Priester J. H. Fichter, socioloog aan de faculteit van de Harvard-universiteit, verklaarde dat de Amerikaanse kerk „zozeer verdeeld is, de mensen er zoveel afwijkende meningen op na houden en zoveel verschillende ambten bekleden, dat er met betrekking tot belangrijke kwesties openlijke onenigheid bestaat”. Hij verklaarde dat „in veel gevallen geestelijken en leken afzonderlijk werken. . . . Sommigen van hen [de leken] gaan hun eigen weg, en ’het kan hun geen zier schelen’ wat de priesters zeggen”. Ook de geestelijken, zo zei hij, treden in opvallend grote aantallen uit.

Vervuiling en religie

◆ T. Noffs, kapelaan van de King’s Cross Wayside Chapel te Sydney, Australië, zei dat één reden waarom de georganiseerde religie in de Verenigde Staten nog niet is uitgestorven, te maken had met het vervuilingsprobleem. Het vervuilingsprobleem, zo zei hij, de spoed en urgentie ervan, leidt de aandacht van de jeugd af van een confrontatie met de kerkelijke instellingen. Als morgen het vervuilingsprobleem opgelost zou zijn en de oorlog in Vietnam beëindigd, zou de kerk zoals men die nu kent bijna onmiddellijk verdwenen zijn, zo verklaarde de geestelijke.

„Is religie verouderd?”

◆ De negenendertigjarige presbyteriaanse predikant R. Larson zei de kansel in Pittsburgh vaarwel en kreeg de leiding over een televisieprogramma. Hij maakt van de televisie gebruik om over de vraag „Is religie verouderd?” debatten uit te lokken. Larson maakt zich bezorgd over het feit dat de jongelui steeds minder de kerk bezoeken. Hij zei dat zij de huichelarij van de traditionele kerkelijke structuur gedeeltelijk de schuld van de daling geven. „Je kunt deze jongelui niet voor de gek houden”, zegt hij. „Zij kunnen je vertellen of de kerk zich werkelijk met de problemen van de samenleving bezighoudt, of alleen maar vroom de diensten verricht ter geestelijke vertroosting van de welgestelden.”

Als voorbeeld werd de opmerking gepubliceerd van een meisje dat zei: „Alle kerken maken zich er o zo druk om zoveel mogelijk leden te krijgen, de leden te behouden en het geld te krijgen. Alles wat de kerk doet, doet ze ten behoeve van haar eigen voortbestaan. Ze negeren alles waarvan de religie naar men veronderstelt een voorstandster is.” De baptistenpredikant P. Gehris betoogt: „Het is niet de religie die verouderd is, het is de reusachtige, rijke kerkcorporatie.” Verder zegt hij: „Indien de Amerikaanse kerken geen verdere veranderingen aanbrengen, zullen ze een steeds groter verval te zien geven.”

Aanval op de kerken

◆ Een verzekeringsagent zei: „Heel wat mensen zijn van mening dat God dood is en daarom vallen zij kerken aan. Branden vormen het grootste probleem.” Hij zei dat overal in de Verenigde Staten de kerken schade oplopen. De premie van verzekering tegen diefstal is zo hoog geworden dat sommige religieuze groeperingen er de voorkeur aan geven de schade zelf te betalen in plaats van te trachten geld voor de verzekeringspremies op te brengen. Een vertegenwoordiger van een verzekeringsmaatschappij in New York zei: „De kerk is een van de voornaamste sociale instellingen, en toch heeft ze te lijden van aanvallen. Wij gaan ermee voort verzekeringen voor kerken af te sluiten, maar wij zijn niet gelukkig met de situatie.”

„Een rampgebied”

◆ In 1946 was de Olde-Davenportkerk in Toronto $400.000 waard en telde deze kerk 1000 lidmaten. Thans is het bezoekersaantal op zondag slechts ongeveer 120 personen. De kerk is een centrum voor maatschappelijk werk geworden. De traditionele diensten zijn tot de zondag beperkt en duren ongeveer een uur. Predikant S. B. East van de Islington-kerk noemde Toronto’s westend „een rampgebied” voor de Verenigde Kerken en zei dat vijftig gemeenten in moeilijkheden verkeerden waarvan een tiental strijd voert om hun voortbestaan. De Olde-Davenportkerk is er een van.

De wetenschap, de kerk en de pil

◆ J. J. W. Baker, hoogleraar aan de Wesleyan-universiteit te Middletown in de Amerikaanse staat Connecticut, wierp een kritische blik op het onvermogen van de Rooms-Katholieke Kerk de conflicten tussen de wetenschap en de Vaticaanse dogma’s bij te leggen. In een artikel getiteld „De wetenschap, geboortenbeperking en de Rooms-Katholieke Kerk”, dat in BioScience van 1 februari 1970 verscheen, onderwierp Dr. Baker de in 1968 verschenen encycliek over geboortenbeperking, Humanae Vitae, aan een onderzoek en stelde ze tegenover de bevindingen van de twintig man tellende pauselijke commissie inzake geboortenbeperking. De commissie beval alle middelen voor geboortenbeperking aan behalve abortus.

Volgens het artikel „wijzen recente onderzoekingen uit dat bijna 80% van de rooms-katholieken in de Verenigde Staten zich bedient van middelen tot geboortenbeperking die door de Kerk zijn verboden”, dat er „in het katholieke Italië, waar anticonceptionele middelen onwettig zijn, meer dan 900.000 abortussen per jaar” plaatsvinden, dat „in het katholieke Oostenrijk, België en Frankrijk naar schatting minstens één abortus op elke levende geboorte plaatsvindt”, en dat „in Uruguay deze verhouding drie abortussen op elke levende geboorte is”. Dr. Baker deed een beroep op de academische wereld om de rooms-katholieke leken en geestelijken die zich, vaak met grote persoonlijke offers, tegen de pauselijke encycliek hebben uitgesproken, te ondersteunen.

Seksuele problemen en het celibaat

◆ Een gepubliceerd bericht uit San Francisco, Californië, meldde dat een onderzoek waarbij 280 rooms-katholieke nonnen en priesters betrokken waren die onder psychiatrische behandeling stonden, duidelijke seksuele afwijkingen aan het licht bracht, mogelijk als gevolg van de spanningen die de celibaatsgeloften met zich brengen. Dr. R. J. McAllister berichtte in mei dat 75 percent van de 80 onderzochte nonnen en priesters die buiten de inrichting werden verpleegd, „zich met onnatuurlijke seksuele handelingen bezighielden” — met inbegrip van chronische masturbatie, seksuele betrekkingen met leden van de andere sekse en homoseksuele activiteiten. Van de 200 onderzochte patiënten die in ziekenhuizen werden verpleegd, zo zei hij, vertoonde 36 percent een dergelijk seksueel gedragspatroon. Homoseksualiteit was de meest voorkomende afwijking en werd door 17 percent van de priesters en 12 percent van de nonnen die in ziekenhuizen werden verpleegd beoefend, alsmede door 28 percent van de priesters en 28 percent van de nonnen die buiten de inrichting werden verpleegd.

Katholieken en vodou

◆ In een gepubliceerd verslag stond dat „meer dan 67 percent van Brazilië’s katholieken macumba- of vodoudiensten bijwoont, dat 75 percent in amuletten gelooft en dat 62 percent in het brengen van slachtoffers, gewoonlijk aan geesten, gelooft. Niettemin heeft 98,5 percent van hen hun kinderen in de kerk laten dopen”. Hulpbisschop De Castro Pinto van Rio de Janeiro heeft deze cijfers bevestigd en gaf de „oppervlakkigheid van het katholieke onderwijs in Brazilië” de schuld voor de feiten die door deze cijfers werden onthuld.

De tol van bestrijdingsmiddelen

◆ De Moskouse conservator V. Peskov zei dat door twee Sovjetboeren die onvoorzichtig met chemische bestrijdingsmiddelen waren omgegaan, 50 kraanvogels, 200 zeldzame grote trapganzen, 11 wilde ganzen en 50 vossen werden gedood. Peskov zei dat deze „ramp” in zuidelijk Rusland slechts een „klein onderdeel” vormt van de geschiedenis van het chemicaliënmisbruik op Sovjetboerderijen. „Het gebeurt overal”, zei hij. „Dit probleem baart ons elk jaar meer zorgen. Waarom zien wij in april bijna geen kudden ganzen en kraanvogels meer? Bijna alle patrijzen zijn verdwenen. Onze bossen, parken en velden worden steeds stiller.” Hoewel Peskov er geen melding van maakte, werd dit jaar wegens de geslonken eendenpopulatie het jagen op eenden in Rusland afgelast.

Koolmonoxyde — een moordenaar

◆ Twee agenten van de Amerikaanse rijkspolitie reden hun wagen van de weg af en parkeerden hem met de achterkant in een berg sneeuw. De uitlaatpijp raakte door de sneeuw verstopt. Terwijl zij met lopende motor het verkeer gadesloegen, raakte de patrouillewagen als gevolg van de uitlaatgassen met koolmonoxyde gevuld. De mannen werden door een rechercheur van de rijkspolitie gevonden. Eén agent was dood en de ander ernstig ziek.

Nationale Raad van Kerken in moeilijkheden

◆ De grootste kerkgroepering in Amerika, de Nationale Raad van Kerken, zal volgens voorzitster C. Wedel binnen twee jaar moeten worden vervangen. Zij verklaarde: „Wij kunnen niet al te lang meer op deze voet voortgaan.” De Raad heeft te kampen met acute financiële moeilijkheden als gevolg van de steeds afnemende ondersteuning van de 33 denominaties die er lid van zijn. Eén reden hiervoor is: de kerken die lid zijn krijgen ook steeds minder geldelijke steun. Nog een reden is: enkele leden zijn vertoornd over verschillende standpunten die de Raad in politieke en maatschappelijke kwesties heeft ingenomen. De Charleston Evening Post concludeerde: „Dat het ergens op zal uitdraaien — op doodbloeden of iets dergelijks — is een feit dat door functionarissen van de Raad algemeen wordt erkend.”

De Presbyteriaanse Kerk in verval

◆ De Presbyteriaanse Kerk in Canada maakte melding van „ernstige” verliezen zowel in het aantal kerkleden als geestelijken. Het verlies in leden bedroeg over de periode van 1962 tot 1969 zes percent, terwijl de Canadese bevolking met 2.000.000 toenam.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen