De taal genaamd „pidgin”
Door Ontwaakt!-correspondent in Nieuw-Guinea
PAL ten noorden van Australië ligt het eiland Nieuw-Guinea, dat op Groenland na het grootste eiland ter wereld is. De algemene spreektaal waarvan men zich hier bedient is de taal die „pidgin”, of, juister, „Melanesisch-pidgin” wordt genoemd.
Dit is een betrekkelijk nieuwe taal, want ze is nog maar ongeveer honderd jaar oud. En ze heeft nog geen 2000 woorden. Men zou dus geneigd zijn te denken dat er in deze taal gewoon geen woord bestaat om de gewenste gedachten uit te drukken. Door de beschikbare woorden echter op bekwame wijze te gebruiken, kan Melanesisch-pidgin zeer specifiek en krachtig zijn.
Hoe heeft deze taal zich ontwikkeld? Welk nuttig doel wordt erdoor gediend? Hoe worden gedachten in deze taal tot uitdrukking gebracht als er geen specifiek woord bestaat voor het onderwerp waarover wordt gesproken? Hoe staat men van verschillende zijden tegenover Melanesisch-pidgin?
De oorsprong ervan
Pidgin is een taal die hoofdzakelijk door de handel tot ontwikkeling is gekomen. Men denkt dat het woord „pidgin” een verbastering van het Engelse woord „business” is. Een taal genaamd „pidgin” werd oorspronkelijk in de zeventiende eeuw door Engelse kooplieden en de inheemse bevolking langs de Chinese kust ontwikkeld ten einde handel te drijven. Daarna ontstonden er in de loop van de tijd in verschillende plaatsen vele pidgindialecten, en over het algemeen voor hetzelfde doel.
In 1788 bereikten Engelse immigranten Australië en kort daarna ontwikkelde zich een Australisch pidgin om het contact met de inheemse bevolking te vergemakkelijken. Betreffende de verbreiding van daaruit, merkt The Encyclopædia Britannica op:
„Aangezien pidgin zich aan het eind van de 18e eeuw, lang voordat de eilanden in de Grote Oceaan voor de handel werden opengesteld, aan de oostkust van Australië ontwikkelde, moet Australië als de voornaamste bron van Pacific-pidgin worden beschouwd. . . . Er bestaat natuurlijk een nauwe verwantschap tussen het pidgin van Australië en dat van Nieuw-Guinea; de woordenschat van de inheemse bevolking van Nieuw-Guinea omvat tal van woorden die oorspronkelijk in Australië werden ingevoerd.”
Het eiland Nieuw-Guinea was tot nog maar ongeveer honderd jaar geleden praktisch onbekend voor de buitenwereld. Toen begonnen er echter in steeds grotere getalen kooplieden, zendelingen en kolonisten te komen. In die tijd ontstond het Melanesisch-pidgin. Deze taal omvat nu woorden die van Engelse oorsprong zijn en die aan het Duits, Melanesisch, Polynesisch en Maleis zijn ontleend.
De waarde ervan
Omdat pidgin als „onkruid” woekert, stelt men reeds lang pogingen in het werk het de kop in te drukken. Maar in de laatste vijfentwintig jaar van de negentiende eeuw kwamen Duitse kooplieden tot de ontdekking dat de taal dermate vaste voet in Nieuw-Guinea had gekregen dat de inheemse bevolking weigerde Duits te spreken. Dit ergerde baron Von Hesse-Wartegg, die erop aandrong dat deze „pidgin-onzin” plaats moest maken „voor een verstandige Duitse taal”. Alle pogingen in die richting hadden echter alleen maar tot gevolg dat er een aantal Duitse woorden in het pidgin werden opgenomen.
Zelfs thans is het gebruik van pidgin op de scholen in Nieuw-Guinea verboden. Sterke krachten blijven pogingen in het werk stellen de taal te onderdrukken. Maar ondanks deze tegenstand kan niet worden ontkend dat Melanesisch-pidgin praktisch is. Hoe dat zo? Welnu, gaat u de omstandigheden in dit afgelegen land maar eens na.
Nieuw-Guinea is een eiland met hoge bergen, hoogvlakten en verborgen dalen, waarvan bepaalde gedeelten nog nooit door blanken zijn geëxploreerd. Het is het geboorteland van vele stammen, die meer dan 500 verschillende talen spreken! In sommige gevallen zijn er misschien niet meer dan 5000 mensen in één taalgroep.
In vroeger tijden was er op het gebied van de handel weinig uitwisseling tussen de stammen. Er waren weliswaar herhaaldelijk stamoorlogen, doch weinig culturele contacten tussen de stammen. Nu zijn de tijden echter aan het veranderen. Er is behoefte aan een communicatiemiddel dat snel en gemakkelijk kan worden geleerd. Melanesisch-pidgin voorziet in die behoefte. En naarmate deze taal in de meest afgelegen en moeilijk te bereiken gebieden van Nieuw-Guinea doordringt, kunnen steeds meer stammen met elkaar in verbinding treden. Zij kunnen deze taal in korte tijd meester worden, terwijl een ingewikkelder taal veel moeilijker te leren zou zijn.
Bekwaam gebruik van beperkte woordenschat
Het aantal woorden in het Melanesisch-pidgin neemt toe, doch er zijn er nog altijd geen 2000. Oudere talen hebben gewoonlijk vele malen meer dan dat aantal woorden. Maar zelfs met een beperkt aantal woorden is het mogelijk specifiek en krachtig te zijn. Men behoeft alleen maar te leren hoe men de beperkte woordenschat op de juiste wijze moet rangschikken.
Neemt u bijvoorbeeld eens wat er in verband met het woord voor brood wordt gedaan, dat in het Melanesisch-pidgin „bret” is. Aangezien er geen woord voor bakkerij bestaat, zegt men „haus bret”, letterlijk „broodhuis”. De bakker is „man bilong wokim bret”, dat wil zeggen, „een man die brood maakt”. Een brood is eenvoudig „hap bret”, hetgeen niet een half brood betekent, maar „een stuk” brood. Een gesneden brood? Nu, dat is „bret ol i-katim pastaim”, ofte wel „pas gesneden brood”.
Ook al zijn er dus dingen waarvoor geen exact woord in het Melanesisch-pidgin bestaat, kan men datgene wat men in gedachten heeft meestal voldoende tot uitdrukking brengen. Zo behoeft men, hoewel er geen woord voor „Schepper” bestaat, niet bang te zijn dat men niet onder woorden kan brengen wat de titel inhoudt, namelijk, „Man bilong wokim olgeta samting”, hetgeen letterlijk betekent, „Degene die alle dingen maakt”.
Het schrijven van de taal
Met het vertalen van lectuur in het Melanesisch-pidgin rijzen er problemen. Gedeelten van de bijbel, die de beste lectuur vormt, zijn er echter in vertaald. Deze gedeelten omvatten de vier Evangeliën, de Handelingen der Apostelen en enkele van de brieven van de apostel Paulus. En het strekt de bevolking van Nieuw-Guinea tot eer dat deze boeken zo gretig worden gezocht en bestudeerd.
Er wordt steeds meer leesmateriaal in het Melanesisch-pidgin geproduceerd. Er verschijnen thans openbare aankondigingen en pamfletten in het Melanesisch-pidgin, evenals kranten en een reeks van boeken. Ook het internationaal verspreide tijdschrift De Wachttoren wordt in het Melanesisch-pidgin uitgegeven en van elke uitgave worden zo’n 3800 exemplaren gedrukt.
In deze tijd, waarin het een van de grootste behoeften van de mensheid is om zonder misverstand met mensen van alle rassen en nationaliteiten te kunnen spreken, is de taal die „pidgin” wordt genoemd een middel tot dat doel.