Vragenbus
● Wanneer en hoe moeten bijbelse vragen aan het Genootschap worden voorgelegd?
Elk jaar worden er op het hoofdbureau en de bijkantoren van het Genootschap duizenden vragen ontvangen over diverse aangelegenheden of wordt er om raad gevraagd hoe bepaalde problemen moeten worden aangepakt. Deze vragen komen zowel schriftelijk als telefonisch binnen. Wij vinden het fijn onze broeders en zusters in tijd van nood te helpen. Maar natuurlijk vormt het een zware belasting voor ons kantoorpersoneel. Veel van de vragen die wij krijgen, handelen over kwesties die heel grondig in onze lectuur zijn behandeld, en veel problemen die worden voorgelegd zouden dikwijls het best behandeld kunnen worden door ouderlingen in de gemeente, die met de plaatselijke omstandigheden op de hoogte zijn. — 1 Petr. 1:10.
Als je een vraag hebt, bevelen wij daarom aan dat je eerst nazoekwerk doet in de publikaties van het Genootschap, door gebruik te maken van de Onderwerpen- en Schriftplaatsenindexen in de lectuur, of met je vraag naar een plaatselijke ouderling toe gaat. Heb je raad nodig in verband met een probleem, dan zou het ook goed zijn om eerst bij de plaatselijke ouderlingen te rade te gaan. Kom je er dan nog niet uit, dan kun je de kwestie aan het Genootschap voorleggen. Dat dient bij voorkeur te gebeuren in de vorm van een brief, waarin je alle feiten duidelijk uiteenzet. Maak alsjeblieft geen gebruik van de telefoon, tenzij het een heel dringende aangelegenheid betreft.
In de Koninkrijksdienst van november 1974 wordt in de Vragenbus commentaar gegeven over de vraag: „Hoe kunnen wij hulp krijgen bij het oplossen van een persoonlijk probleem?” Indien deze uitgave beschikbaar is, kun je voor verdere inlichtingen dit artikel misschien nog eens lezen.