Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w94 15/9 blz. 25-26
  • Een bron van niet-aflatende moed

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Een bron van niet-aflatende moed
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1994
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Een les voor christenen
  • Eén religie blijft er over
    Ontwaakt! 1996
  • Heb goede moed!
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1993
  • De Kerk van Engeland — een „bedreigde soort”?
    Ontwaakt! 1981
  • Maak me moedig
    Zing met vreugde voor Jehovah
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1994
w94 15/9 blz. 25-26

Een bron van niet-aflatende moed

„EEN sissend geluid deed ons als aan de grond genageld stilstaan. Toen kwamen er vanuit een struik aan onze linkerkant twee vogels met gespreide vleugels op ons afgerend. Vóór ons lagen twee eieren in een kuiltje in de grond. De vogels hadden verhinderd dat wij per ongeluk op hun nest trapten. Telkens als wij dichterbij probeerden te komen om een foto van de mooie bruingevlekte eieren te maken, herhaalden de vogels hun dreiggedrag. ’Wat een moed’, dachten wij.”

Dat was de ervaring van vier volwassenen toen zij het nest van een Kaapse griel naderden. Een kleinere vogel is de smidkievit. In het boek Everyone’s Guide to South African Birds leggen de ornithologen Sinclair en Mendelsohn uit: „Broedende paren beschermen hun nest en hun jongen fel en worden heel agressief wanneer er een indringer nadert. Ze trekken zich er niets van aan hoe groot de overtreder is en vliegen luid krijsend op, terwijl ze zelfs onbevreesd duikvluchten uitvoeren op mensen in een poging hen af te schrikken.”

Sommigen hebben wel gezien dat een grote olifant per ongeluk in de richting van het nest van een smidkievit liep, wat tot gevolg had dat de vogel zijn dreiggedrag ging vertonen. Meestal is de olifant dan zo goed om een omweg te maken.

Waar halen vogels zo’n opvallende moed vandaan? Die moed vindt zijn oorsprong bij de Schepper van de vogels. Jehovah God heeft in deze kleine schepselen een instinctief mechanisme geprogrammeerd, zodat zij grotere dieren ervan kunnen weerhouden hun nest of hun jonge kuikens schade te berokkenen.

Een les voor christenen

Christenen kunnen hieruit een les trekken, ook al willen zij meer dan louter instinctieve moed tonen. Er wordt van hen verlangd dat zij hun Meester, Jezus Christus, navolgen, die onbevreesd Gods geboden gehoorzaamde (Hebreeën 12:1-3). De bijbel veroordeelt lafhartigen die ervoor terugdeinzen God te dienen (Hebreeën 10:39; Openbaring 21:8). Terzelfder tijd begrijpt Jehovah hoe onvolmaakt wij zijn en weet hij dat wij soms kunnen zondigen of dat het ons aan de nodige moed kan ontbreken om zijn wil volledig te volbrengen (Psalm 103:12-14). Wat kan iemand doen als vrees hem ervan weerhoudt het juiste te doen?

Een christen moet zich gebedsvol tot God wenden om kracht teneinde beproevingen het hoofd te kunnen bieden en de goddelijke wil te kunnen blijven doen. De bijbel bevat de volgende geruststellende belofte dat Jehovah ons zal helpen: „Hij geeft de vermoeide kracht, en degene zonder dynamische energie schenkt hij volledige sterkte in overvloed. Jongens zullen zowel moe als mat worden, en jonge mannen zelfs zullen zonder mankeren struikelen, maar wie op Jehovah hopen, zullen nieuwe kracht verkrijgen. Zij zullen opvaren met vleugels als arenden. Zij zullen rennen en niet mat worden; zij zullen wandelen en niet moe worden” (Jesaja 40:29-31). Veel onvolmaakte mensen hebben de waarheid van deze woorden ondervonden en ’zijn van een zwakke toestand krachtig gemaakt’ (Hebreeën 11:34). Een goed voorbeeld was de christelijke apostel Paulus, die schreef: „De Heer stond bij mij en gaf mij kracht, opdat door bemiddeling van mij de prediking ten volle volbracht zou worden en alle natiën haar zouden horen.” — 2 Timotheüs 4:17.

Zelfs pasgeïnteresseerden die navolgers van Jezus Christus willen worden, kunnen die versterkende hulp ervaren. Neem bijvoorbeeld Henry, een Zuidafrikaanse man, die de penningmeester van zijn kerk was en naast zijn predikant woonde. Henry was op zoek naar de waarheid. Ondanks zijn verknochtheid aan de kerk nam hij op een dag het aanbod van een gratis huisbijbelstudie met Jehovah’s Getuigen aan. Na verloop van tijd maakte hij de wens kenbaar een Getuige te worden en vroeg welke stappen hij moest doen om dat doel te bereiken. Er werd uitgelegd dat hij zich eerst moest laten uitschrijven uit zijn kerk (Openbaring 18:4). Aangezien de predikant zijn buurman en vriend was, vond Henry dat hij niet slechts schriftelijk voor het kerklidmaatschap kon bedanken maar de kwestie persoonlijk moest uitleggen. Dit deed hij dan ook moedig.

De predikant was geschokt en nam later de moderator en andere kerkleden mee om Henry te bezoeken. Zij wilden weten waarom hij hun kerk had verlaten en een religie ging aanhangen die volgens hen Gods heilige geest niet bezit. „In het begin was ik bang hun te antwoorden”, legde Henry uit, „omdat zij altijd een grote invloed op mij hadden gehad. Maar ik bad tot Jehovah om hulp, en hij stelde mij in staat deze verdediging te voeren: ’Welke van alle internationale religies gebruikt als enige Gods naam, Jehovah? Zijn het niet Jehovah’s Getuigen? Denken jullie dat God het hun zou toestaan zijn naam te dragen en hun toch niet zijn heilige geest zou geven?’” De kerkfunctionarissen konden zo’n redenering niet ontzenuwen. Dankbaar voor de kennis en de kracht die God verschaft, neemt Henry nu samen met Jehovah’s Getuigen moedig deel aan de van-huis-tot-huisbediening.

Ja, het vergt moed om een ware christen te zijn. Naarmate het einde van deze wereld nadert, zullen geloofsbeproevingen toenemen. Satan wil Gods dienstknechten van hun schitterende hoop op eeuwig leven beroven door te proberen hun rechtschapenheid jegens Jehovah te breken. (Vergelijk Openbaring 2:10.) Maar wij moeten het nooit opgeven. Zelfs als wij door vrees een tijdelijke terugslag ondervinden, kan Jehovah ons er weer bovenop helpen. Blijf naar hem opzien voor kracht om zijn wil te blijven doen. Bedenk dat degene die onbevreesde vogels heeft geschapen, de Bron van niet-aflatende moed is. Ja, ware christenen moeten „goede moed hebben en zeggen: ’Jehovah is mijn helper; ik wil niet bevreesd zijn. Wat kan een mens mij doen?’” — Hebreeën 13:6.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen