Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w87 1/3 blz. 10-15
  • ’Op de wachttoren sta ik’

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • ’Op de wachttoren sta ik’
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1987
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Vroege christenen: Voorvechters van Gods Woord
  • Tijdschriften met een ver vooruitziende blik
  • De Wachttoren en Ontwaakt!: Voorvechters van de waarheid
  • „Wachter, hoe staat het met de nacht?”
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1980
  • Samenwerken met de wachter
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2000
  • Toenemen in nauwkeurige kennis van de waarheid
    Jehovah’s Getuigen — Verkondigers van Gods koninkrijk
  • De Wachttoren en Ontwaakt! — Actuele tijdschriften die waarheid brengen
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1994
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1987
w87 1/3 blz. 10-15

’Op de wachttoren sta ik’

„Voorts riep hij uit als een leeuw: ’Op de wachttoren, o Jehovah, sta ik onafgebroken bij dag, en op mijn wachtpost heb ik mij gesteld alle nachten.’” — JESAJA 21:8.

1, 2. (a) Wat had Charles T. Russell zich ten doel gesteld? (b) Hoe zou bijbelse lectuur tot de verwezenlijking van zijn doel bijdragen?

EEN godvrezende 21-jarige jongeman die in het noordoostelijke deel van de Verenigde Staten woonde, had een levenstaak. Hij had zich ten doel gesteld de in zijn tijd bestaande vals-religieuze leringen, vooral de leer van de eeuwige pijniging en de predestinatie, te ontmaskeren. Ook wilde hij opkomen voor de waarheid inzake het loskoopoffer en het doel en de wijze van Christus’ komst. Hoe zou hij dit alles doen? Door het licht van Gods Woord, de bijbel, op religieuze overtuigingen te laten schijnen. — Psalm 43:3; 119:105.

2 Die man was Charles T. Russell, de eerste president van het Wachttorengenootschap, en in 1873 nam hij de beslissing religieuze lectuur uit te geven als een middel om de lichtstralen van de bijbelse waarheid te bundelen. Die publikaties zouden oprechte lezers de gebreken in de dogma’s van de christenheid onthullen. Geen enkele verborgen leerstellige onvolkomenheid zou aan het sterke licht van de bijbel kunnen ontkomen (Efeziërs 5:13). Terzelfder tijd zou deze lectuur de schijnwerper richten op „de gezonde leer”, ten einde het geloof van de lezers op te bouwen (Titus 1:9; 2:11; 2 Timótheüs 1:13). Had de ijver voor bijbelse waarheid waardoor Russell in zijn speurtocht werd aangedreven, een precedent? — Vergelijk 2 Koningen 19:31.

Vroege christenen: Voorvechters van Gods Woord

3. Hoe was Christus Jezus een toonaangevende voorvechter van de waarheid?

3 De eerste-eeuwse christenen waren voorvechters van het gebruik van Gods Woord onder de joden en de heidenen. Het was alsof zij op een wachttoren geposteerd stonden terwijl zij vanaf die hoge positie de waarheid uitbazuinden aan allen die wilden luisteren (Matthéüs 10:27). Hun Leider, Jezus Christus, gaf de toon aan. Hij zei: „Hiertoe ben ik geboren en hiertoe ben ik in de wereld gekomen, om getuigenis af te leggen van de waarheid” (Johannes 18:37). Hoewel hij volmaakt was, weigerde hij zich op zijn eigen wijsheid of persoonlijke meningen te verlaten. In plaats daarvan vonden zijn onderwijzingen hun oorsprong bij zijn Superieure Leraar, Jehovah God. „Ik [doe] niets uit mijzelf”, zei hij tot een groep joden. „Maar deze dingen spreek ik zoals de Vader mij heeft geleerd” (Johannes 8:28; zie ook Johannes 7:14-18). Volgens de evangelieverslagen van Jezus’ aardse bediening heeft hij uit ongeveer de helft van de boeken van de Hebreeuwse Geschriften aanhalingen gedaan (of er parallelle gedachten aan ontleend). — Lukas 4:18, 19 (Jesaja 61:1, 2); Lukas 23:46 (Psalm 31:5).

4. Geef voorbeelden van de wijze waarop Jezus Gods Woord gebruikte om de waarheid te onderwijzen.

4 Zelfs na zijn dood en opstanding gebruikte Christus nog steeds Gods Woord om de waarheid te onderwijzen. Bijvoorbeeld toen Kléopas en zijn metgezel van Jeruzalem naar Emmaüs reisden, hielp Jezus die discipelen aan de hand van de Schrift te redeneren. Het bericht zegt: „En beginnend bij Mozes en al de Profeten legde hij hun uit wat in al de Schriften op hem betrekking had” (Lukas 24:25-27). Later op diezelfde dag verscheen Jezus aan de elf apostelen en enkelen van zijn discipelen om hun geloof op te bouwen. Hoe deed hij dat? Door het bekwame gebruik van de Schrift. Lukas schrijft: „Toen opende hij [Jezus] hun verstand volledig zodat zij de betekenis van de Schriften begrepen, en hij zei tot hen: ’Aldus staat er geschreven dat de Christus zou lijden en op de derde dag uit de doden zou opstaan.’” — Lukas 24:45, 46.

5. Hoe volgde Petrus op het pinksterfeest in 33 G.T. het door Christus gegeven voorbeeld inzake het gebruik van de Schrift?

5 In navolging van haar Voorbeeld begon de christelijke gemeente haar openbare bediening in het jaar 33 G.T. door van de Schrift gebruik te maken. De setting: een open plaats bij een huis in Jeruzalem. Het geluid van „een voortgestuwde, stevige bries” dat dit huis vervult, trekt een menigte van duizenden in Jeruzalem wonende joden en joodse pelgrims naar deze plaats en zij komen daar bijeen. Petrus treedt naar voren en terwijl de andere elf apostelen om hem heen staan, begint hij met krachtige stem te spreken en zegt: „Mannen van Judéa en al gij inwoners van Jeruzalem, dit zij u bekend en leent het oor aan mijn woorden.” Nadat Petrus de aandacht heeft gevestigd op „wat door bemiddeling van de profeet Joël werd gezegd” en wat „David zegt”, geeft hij een verklaring van het wonder dat zojuist is geschied en legt uit dat „God deze Jezus, die gij aan een paal hebt gehangen, zowel tot Heer als tot Christus heeft gemaakt”. — Handelingen 2:2, 14, 16, 25, 36.

6. (a) Leg uit wat er plaatsvond tijdens een vergadering van het besturende lichaam uit de eerste eeuw. (b) Hoe werden de gemeenten ingelicht over de beslissing van het besturende lichaam, en welk nut wierp dit af?

6 Wanneer de vroege christenen inlichtingen nodig hadden die een helderder licht wierpen op leerstellige aangelegenheden of gedragsbeginselen, maakte het besturende lichaam uit de eerste eeuw ook een goed gebruik van de Schrift. De discipel Jakobus bijvoorbeeld, die als voorzitter optreedt tijdens de in het jaar 49 G.T. gehouden vergadering van het besturende lichaam, vestigt hun aandacht op een toepasselijke schriftplaats die in Amos 9:11, 12 staat. „Mannen, broeders, hoort mij”, zegt hij. „Simeon heeft uitvoerig verhaald hoe God voor de eerste maal zijn aandacht op de natiën heeft gericht om uit hen een volk voor zijn naam te nemen. En hiermee stemmen de woorden van de Profeten overeen, zoals er geschreven staat” (Handelingen 15:13-17). Het hele lichaam stemde met Jakobus’ voorstel in, waarna zij hun op de Schrift gebaseerde beslissing vastlegden in een brief, zodat deze aan alle gemeenten ter lezing overhandigd kon worden. Welke resultaten vloeiden hieruit voort? De christenen „verheugden . . . zich over de aanmoediging” en „de gemeenten [werden] aanhoudend in het geloof bevestigd en namen . . . van dag tot dag voortdurend in aantal toe” (Handelingen 15:22-31; 16:4, 5). Aldus werd de vroege christelijke gemeente „een pilaar en ondersteuning van de waarheid”. Maar hoe staat het met de hedendaagse geschiedenis? Zouden C. T. Russell en de met hem verbonden Bijbelonderzoekers dit voortreffelijke voorbeeld uit de eerste eeuw volgen? Hoe zouden zij voor de waarheid opkomen? — 1 Timótheüs 3:15.

Tijdschriften met een ver vooruitziende blik

7. (a) Wat was het doel van Zion’s Watch Tower? (b) Naar wie zag het voor ondersteuning op?

7 In juli 1879 verscheen Russells voornaamste werktuig voor geestelijke verlichting uit de bijbel — Zion’s Watch Tower and Herald of Christ’s Presence (Sions Wachttoren en heraut van Christus’ tegenwoordigheid) — op het wereldtoneel. In de eerste uitgave werd het edele doel van het tijdschrift uiteengezet: „Zoals de naam te kennen geeft, wil het de uitkijkpost zijn vanwaar belangwekkende en nuttige zaken bekendgemaakt kunnen worden aan de ’kleine kudde’, en wil het tevens, als de ’heraut van Christus’ tegenwoordigheid’ het ’voedsel te rechter tijd’ verschaffen aan het ’huisgezin des geloofs’.” Vertrouwen in de almachtige God was de hoeksteen van het tijdschrift. In de tweede uitgave van het tijdschrift stond: „’Sions Wachttoren’ heeft, zoals wij geloven, JEHOVAH als ondersteuner, en aangezien dit het geval is, zal er nooit aan mensen om steun worden gebedeld of gevraagd. Wanneer Hij die zegt: ’Al het goud en zilver van de bergen behoort mij toe’ in gebreke blijft de noodzakelijke geldmiddelen te verschaffen, zullen wij begrijpen dat het tijd is om de publikatie te staken.”

8. Licht de groei van De Wachttoren toe tegen de achtergrond van Jesaja 60:22 en Zacharia 4:10.

8 Zion’s Watch Tower, nu De Wachttoren, verschijnt al ruim 107 jaar zonder onderbreking. Het tijdschrift is uitgegroeid van een uitgave die eens per maand in een oplage van 6000 exemplaren en in één taal verscheen tot een halfmaandelijks tijdschrift dat in 103 talen en met een oplaag van 12.315.000 exemplaren verschijnt. — Vergelijk Jesaja 60:22; Zacharia 4:10.

9. Waarom was de titel Watch Tower (Wachttoren) een passende benaming?

9 De titel, Watch Tower (Wachttoren), was passend gekozen door broeder Russell. Het woord dat in de Hebreeuwse Geschriften gewoonlijk voor „wachttoren” gebruikt wordt, betekent „uitkijkpost” of „observatiepunt”, vanwaar een wachter gemakkelijk een vijand in de verte kon ontdekken en een voorafgaande waarschuwing voor naderend gevaar kon laten horen. Het was derhalve passend dat gedurende de eerste 59 jaar dat dit tijdschrift verscheen, op het titelblad de volgende uitdagende aanhaling uit Jesaja 21:11, 12 stond: „Wachter! wat is er van den nacht?” „De morgen komt.”

10. Wie dient als de wachter van Jesaja 21:11, en welke boodschap kondigt hij aan?

10 De op de uitkijkpost geplaatste wachter uit Jesaja’s profetie zou binnenkort op het toneel verschijnen. Te midden van de alom heersende goddeloze duisternis op aarde had Russell vol vreugde wijd en zijd het goede nieuws van de toekomstige „morgen” bekendgemaakt. De duizendjarige vredesregering van Jezus Christus is het thema van een welkom nieuwsbulletin. Maar voordat „de morgen” aanbreekt, waarschuwt de klasse die als een wachter dient — het overblijfsel van het geestelijke Israël in deze tijd — onverschrokken voor het naderbij komen van „de nacht”, die zijn dichtste duisternis zal bereiken in „de oorlog van de grote dag van God de Almachtige” te Har–Mágedon. — Openbaring 16:14-16.

11, 12. (a) Hoe laten de woorden in Jesaja 21:8 zien dat de wachterklasse getrouw en waakzaam is? (b) Via welk werktuig komt de aankondiging in deze tijd, en hoe wordt die aankondiging voornamelijk verbreid?

11 Eerder, in Jesaja 21:8, worden wij met de volgende woorden aan deze getrouwe wachter voorgesteld: „Voorts riep hij uit als een leeuw: ’Op de wachttoren, o Jehovah, sta ik onafgebroken bij dag, en op mijn wachtpost heb ik mij gesteld alle nachten.’”

12 Stelt u zich eens een op een hoge toren geposteerde wachter voor die in een iets voorovergebogen houding overdag de horizon aftuurt en zich ’s nachts tot het uiterste inspant om met zijn ogen de duisternis te doorboren — altijd een en al waakzaamheid. Dit nu is het algemene beeld dat door het in Jesaja 21:8 gebruikte Hebreeuwse woord voor „wachttoren” (mits·pehʹ) wordt overgedragen. Welke persoon die bij zijn volle verstand is, zou, aangezien de wachter zo goed oplet, zijn luid weerklinkende aankondiging in twijfel trekken? Zo heeft ook de wachterklasse in deze tijd zich tot het uiterste ingespannen door de Schrift te onderzoeken om te zien wat Jehovah in petto heeft voor dit samenstel van dingen (Jakobus 1:25). Vervolgens roept deze wachter die boodschap luid en onbevreesd uit, voornamelijk door middel van de bladzijden van De Wachttoren. (Vergelijk Amos 3:4, 8.) Dit tijdschrift zal zich er nooit door vrees van laten weerhouden voor de waarheid op te komen! — Jesaja 43:9, 10.

13. Welk zustertijdschrift verscheen in 1919, en welk soortgelijk doel had het?

13 Op 1 oktober 1919 verscheen een nieuw tijdschrift op het wereldtoneel: The Golden Age (Het Gouden Tijdperk).a De wachterklasse zou dit instrument als een zustertijdschrift van De Wachttoren gebruiken. Ofschoon de erin opgenomen artikelen niet zo diep in bijbelse onderwerpen zouden graven als de artikelen in De Wachttoren, zou dit tijdschrift de mensheid waarschuwen voor vals-religieuze leringen en de komende vernietiging van het huidige goddeloze samenstel van dingen en hen attent maken op de daarna komende nieuwe aarde waarin rechtvaardigheid zal wonen. Ja, ook dit tijdschrift zou voor de waarheid opkomen!

14. Wat was het doel van Vertroosting en later van Ontwaakt!?

14 Achttien jaar later werd de naam van Het Gouden Tijdperk in Vertroosting veranderd. „De nieuwe naam komt op voor de waarheid” werd in de Engelse uitgave van 6 oktober 1937 gezegd. Vertroosting werd Ontwaakt! met ingang van de uitgave van 22 augustus 1946 (Ontwaakt! verscheen in het Nederlands met ingang van 8 december 1951). In die eerste uitgave werd plechtig beloofd: „Voor onvervalste waarheid instaan, zal het hoogste doel van dit tijdschrift zijn.” Tot op deze dag heeft dit tijdschrift zich aan die belofte gehouden. De Wachttoren en Ontwaakt! heffen op ongeëvenaarde wijze de banier van de waarheid omhoog zodat allen die kunnen zien. Zodoende volgen de tijdschriften het pad dat door de vroege christelijke gemeente gebaand werd. — 3 Johannes 3, 4, 8.

De Wachttoren en Ontwaakt!: Voorvechters van de waarheid

15. (a) Welke methode voor het uitdelen van geestelijk voedsel in deze tijd komt overeen met de methode waarvan de vroege christelijke gemeente zich bediende? (b) Wat is er nog meer nodig behalve het aanhalen van bijbelverzen? Geef voorbeelden.

15 De „getrouwe en beleidvolle slaaf”-klasse, de „wachter”, gebruikt in deze tijd onder leiding van het Besturende Lichaam van Jehovah’s Getuigen het tijdschrift De Wachttoren als haar voornaamste kanaal voor het uitdelen van ’geestelijk voedsel te rechter tijd’ (Matthéüs 24:45). Dit geschiedt naar het patroon van de eerste-eeuwse gemeente, die inlichtingen waardoor een helderder licht op leerstellige aangelegenheden en morele beginselen werd geworpen, in geschreven vorm opstelde ’ter voorlezing aan alle broeders’ (1 Thessalonicenzen 5:27). Vanaf het allereerste begin is De Wachttoren een tijdschrift waarin de bijbel wordt gebruikt en onderwezen. In de eerste uitgave van Zion’s Watch Tower stonden bijvoorbeeld meer dan 200 aangehaalde of vermelde teksten uit ten minste 30 bijbelboeken. Maar er is meer nodig dan alleen maar bijbelverzen aanhalen. De mensen hebben hulp nodig om ze te begrijpen. De Wachttoren heeft altijd het begrip van de bijbel bevorderd. Van 1892 tot 1927 stonden in elke uitgave wekelijkse bijbelleesschema’s afgedrukt en een bespreking van een sleuteltekst uit dat schema. Zie voor andere voorbeelden de tabel getiteld „Wachttoren-artikelen van historisch belang, decennium na decennium”.b

16, 17. Wat deed de eerste redacteur van De Wachttoren om er zeker van te zijn dat dit tijdschrift altijd voor bijbelse waarheid zou opkomen?

16 Hoe zou De Wachttoren de zuiverheid van zijn gedrukte boodschap bewaren? De eerste redacteur van het tijdschrift, C. T. Russell, trof maatregelen om te waarborgen dat hetgeen in De Wachttoren werd gedrukt de waarheid was zoals die op dat tijdstip begrepen werd. Wat een van deze maatregelen inhield, blijkt uit zijn testament, dat op 27 juni 1907 werd opgesteld. (Russell stierf op 31 oktober 1916.) In zijn testament staat:

„Ik geef de opdracht dat de hele redactie van ZION’S WATCH TOWER zal berusten bij een comité van vijf broeders, die ik tot grote nauwgezetheid en loyaliteit aan de waarheid aanmaan. Alle artikelen die in de kolommen van ZION’S WATCH TOWER verschijnen, zullen de onvoorwaardelijke goedkeuring van ten minste drie van het comité van vijf moeten hebben, en ik dring erop aan dat indien bekend zou zijn of verondersteld zou worden dat een bepaalde, door de drie comitéleden goedgekeurde kwestie in strijd is met de opvattingen van één comitélid of van de beide andere leden van het comité, de publikatie van dergelijke artikelen drie maanden lang zal worden opgeschort, zodat er verder over nagedacht kan worden en ze gebedsvol beschouwd en tot een onderwerp van bespreking gemaakt kunnen worden, opdat de eenheid van het geloof en de banden van vrede binnen het redactionele beheer van het tijdschrift zo goed mogelijk bewaard zullen blijven.”

17 Elk lid van het redactionele comité moest volgens het testament van broeder Russell „door en door loyaal zijn aan de leerstellingen van de Schrift” en deze broeders moesten in belangrijke mate blijk geven van „een zuivere levenswijze, een heldere kijk op de waarheid, ijver voor God, liefde voor de broeders en zusters en trouw aan de Loskoper”. Ook stipuleerde Russell dat „er op geen enkele wijze te kennen zal worden gegeven door wie de verschillende artikelen die in het tijdschrift verschijnen, geschreven zijn . . . opdat de waarheid op zichzelf als de waarheid erkend en gewaardeerd zou worden, en opdat de Heer meer in het bijzonder zal worden erkend als het Hoofd van de kerk en de Bron van waarheid”.

18. Waarom kunnen wij vol vertrouwen De Wachttoren en Ontwaakt! lezen?

18 Tot op deze dag volgt het Besturende Lichaam soortgelijke richtlijnen. Elk artikel in zowel De Wachttoren als Ontwaakt!, en elke pagina, met inbegrip van de illustraties, wordt voordat het tijdschrift wordt gedrukt nauwkeurig bekeken door uitgekozen leden van het Besturende Lichaam. Bovendien zijn degenen die assisteren bij het schrijven van artikelen voor De Wachttoren christelijke ouderlingen die zich bewust zijn van de ernst van hun toewijzing. (Vergelijk 2 Kronieken 19:7.) Zij besteden vele uren aan het onderzoeken van de bijbel en ander verwijsmateriaal ten einde zich ervan te vergewissen dat wat geschreven wordt de waarheid is en getrouw in overeenstemming is met de Schrift (Prediker 12:9, 10; 2 Timótheüs 1:13). Het is niet ongewoon dat het gereedmaken van één tijdschriftartikel, dat u misschien in vijftien minuten uitleest, twee weken tot ruim een maand in beslag neemt.

19. Wat kunt u doen om een voorvechter van de bijbelse waarheid te zijn?

19 Derhalve kunt u vol vertrouwen De Wachttoren en Ontwaakt! lezen. Maar u kunt meer doen. U kunt deze tijdschriften enthousiast aan anderen aanbieden opdat ook zij de waarheid kunnen leren kennen en profijt kunnen trekken van het luisteren naar de boodschappen van de ’wachter die op de wachttoren staat’ (Jesaja 21:8). Ja, samen met de hedendaagse wachter kunt ook u een voorvechter van de bijbelse waarheid zijn.

[Voetnoten]

a Het is interessant dat enkele lezers eerst teleurgesteld waren over de opmaak van de omslag van Het Gouden Tijdperk. Het ontwerp leek hun te gewoon toe. Als reactie hierop stond in het jaarverslag van het Wachttorengenootschap: „In dit verband zouden wij te berde willen brengen dat precies op het moment dat er begonnen werd met het uitgeven van Het Gouden Tijdperk een drukkersstaking in Groot New York was. Slechts enkele dagen daarvoor was er een contract opgesteld voor het uitgeven van Het Gouden Tijdperk, en de mensen die de persen bedienden waarop de voor het tijdschrift gebruikte soort van papier en omslag werden verwerkt, staakten niet. Het scheen dus de voorzienigheid Gods te zijn dat juist die soort van omslag en papier waren uitgekozen, want als de keus anders was uitgevallen, zou het onmogelijk zijn geweest zelfs maar met het uitgeven van het tijdschrift te beginnen. De Heer scheen de pasgeboren publikatie derhalve te begunstigen.”

b De jaartallen hebben betrekking op de Engelse verschijningsdatum.

Kunt u zich dit herinneren?

◻ Waarom begon C. T. Russell bijbelse lectuur uit te geven?

◻ Hoe kwamen vroege christenen voor de waarheid op?

◻ Waarom is het woord „Wachttoren” in de titel van dit tijdschrift opgenomen?

◻ Wie is de hedendaagse wachter, en van welk instrument bedient hij zich voornamelijk om zijn stem te versterken?

◻ Hoe komen De Wachttoren en Ontwaakt! voor de bijbelse waarheid op?

[Tabel op blz. 13]

Wachttoren-artikelen van historisch belang, decennium na decennium

1879: „God is liefde” — kwam op voor Jezus’ loskoopoffer als de basis voor de verzoening van de mensheid

1879: „Waarom het kwaad werd toegelaten” — verklaarde waarom de tegenwoordigheid van Jezus Christus onzichtbaar zou zijn

1880: „Eén lichaam, één geest, één hoop” — wees op 1914 als het einde van de tijden der heidenen

1882: „Het loon van de zonde is de dood” — zette uiteen dat de leerstelling van de eeuwige pijniging een loochening is van Gods liefde

1885: „Evolutie en het hersentijdperk” — ontmaskerde de evolutietheorie als bedrog

1897: „Wat zegt de Schrift over het spiritisme?” — toonde de demonische oorsprong van het spiritisme aan

1902: „God op de eerste plaats — Zijn aanstellingen” — beklemtoonde het gehoorzamen van Gods wet in het gezin en in zakelijke betrekkingen

1919: „Gezegend zijn de onbevreesden” — blies een ontwakende organisatie van onbevreesde aanbidders nieuw leven in

1925: „De geboorte van de natie” — maakte de profetieën duidelijk die aantonen dat Gods koninkrijk in 1914 werd geboren

1931: „Een Nieuwe Naam” — voortaan zou de naam Jehovah’s Getuigen ware christenen onderscheiden van de afvallige christenheid

1935: „De Grote Schare” — toonde aan dat de bijeenvergadering van degenen die voor eeuwig op aarde zouden leven, aan de gang was

1938: „Organisatie” — introduceerde een werkelijk theocratische regeling onder Jehovah’s Getuigen

1939: „Neutraliteit” — versterkte Jehovah’s Getuigen wereldwijd om het hoofd te bieden aan de druk van de Tweede Wereldoorlog

1942: „Het enige licht” — gaf het startsignaal om het moedige getuigeniswerk voort te zetten

1945: „Onwrikbaar voor de juiste aanbidding” — toonde aan dat christenen zich moeten onthouden van bloedtransfusies

1952: „De organisatie rein houden” — liet zien dat uitsluiting uit de gemeenschap door gemeenten schriftuurlijk is

1962: „Onderwerping aan ’superieure autoriteiten’ — Waarom?” — verschafte redenen voor relatieve onderworpenheid aan menselijke machten

1973: „Gods gemeente rein houden in de tijd van Zijn oordeel” — drong aan op het mijden van het gebruik van tabak

1979: „IJver voor Jehovah’s huis” — herhaalde dat de van-huis-tot-huisprediking in navolging van het apostolische voorbeeld geschiedt

1982: „’Geliefden, . . . bewaar uzelf in Gods liefde’” — maakte christenen alert op de wijze waarop afvalligen te werk gaan

1983: „Met God wandelen in een gewelddadige wereld” — bevestigde dat christenen zich afzijdig moeten houden van geweld

1984: „De recente schaapskooi voor de ’andere schapen’” — verduidelijkte hoe deze aardse klasse in eendracht wordt gebracht met degenen in de „kooi” van het nieuwe verbond

1987: „Het christelijke Jubeljaar bereikt zijn hoogtepunt in het Millennium” — toonde aan hoe alle loyale christenen vrijheid en leven verwerven

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen