De lange opmars van menselijke regeringen
Mensen hebben ze allemaal uitgeprobeerd; geen ervan is een succes gebleken. Welke hoop blijft er bestaan op een rechtvaardige heerschappij?
MONARCHIEËN, keizerrijken, democratieën, republieken, dictaturen en socialistische regeringen — alle vormen van menselijke heerschappij zijn gedurende de afgelopen zesduizend jaar herhaaldelijk uitgeprobeerd. Ze lopen allemaal uiteindelijk op niets uit, hoewel van elke nieuwe regeringsvorm die wordt uitgeprobeerd, wordt beweerd dat deze succes zal hebben.
De huidige krachtsinspanningen op het gebied van menselijke heerschappij vormen hier geen uitzondering op. Ze hebben geen nieuwe weg aangegeven en geen daverend succes ingeluid. Dezelfde regeringsvormen zijn aan de macht, alle met hetzelfde bericht van onvermogen. De werkethiek gaat achteruit, de moraal stort in, oude waarden worden vervangen door „ik eerst”-filosofieën. Armoede en honger, ongelijkheid en speciale bevoorrechting, onderdrukking en corruptie, misdaad en terrorisme, machtige natiën die zwakkere overheersen, de bewapeningswedloop en hebzuchtige oorlogen — al deze misstanden zijn voortbrengsels van hedendaagse menselijke regeringen. Als er iets is waardoor deze generatie wordt gekenmerkt, dan is het wel de geweldige vooruitgang in wetenschappelijke kennis, maar deze heeft zich door de industrie laten misbruiken om afschuwelijke oorlogswapens te produceren.
Na zesduizend jaar van menselijk geëxperimenteer met allerlei soorten van regeringen, kan er eveneens op dit gebied worden gezegd dat ’er niets nieuws onder de zon is’ (Pred. 1:9). Ook zijn de oorzaken waardoor menselijke regeringen falen, niet nieuw. Nog steeds geldt wat Jehovah bij monde van zijn profeet Jeremia verklaarde: „Het staat niet aan een man die wandelt, zelfs maar zijn schrede te richten” (Jer. 10:23). Afgezien van het feit dat er menselijke onvolmaaktheid in het spel is, ’ligt de gehele wereld in de macht van de goddeloze’. De geest van miljoenen is door ’de god van dit samenstel van dingen verblind’. Satanische invloeden manoeuvreren „de koningen van de gehele bewoonde aarde”. — 2 Kor. 4:4; 1 Joh. 5:19; Openb. 16:14.
Wanneer wij naar de vele achtereenvolgende menselijke regeringen kijken, naar de manier waarop ze aan de macht zijn gekomen en later in verval zijn geraakt en zijn gevallen, schijnen ze allemaal een bepaald patroon te volgen. Dit heeft geleerden ertoe gebracht te zeggen dat de geschiedenis zich herhaalt. Wereldmachten bereiken hun glorieperiode als gevolg van doelgerichte toewijding en offervaardigheid. Maar wanneer ze eenmaal in het zadel zitten, gaan ze het geleidelijk aan gemakkelijker aan doen, terwijl ze uiteindelijk uiteenvallen doordat ze zich overgeven aan materialistische uitspattingen en seksuele immoraliteit. Wanneer dit eenmaal gebeurt, is de ineenstorting niet meer veraf.
De geschiedschrijver Will Durant erkende dit patroon van intern verval met de woorden: „Wij hebben getracht aan te tonen dat de wezenlijke oorzaak van de Romeinse verovering van Griekenland was gelegen in de inwendige ineenstorting van de Griekse beschaving. Elke grote natie wordt pas veroverd wanneer ze zichzelf heeft verwoest” (Deel II van The Story of Civilization, blz. 659). In The World Book Encyclopedia (1978) wordt de aandacht gevestigd op één voorloper van de ineenstorting die voor onze generatie een speciale oorzaak van bezorgdheid zou moeten zijn: „Het gezin is de oudste menselijke instelling, en in veel opzichten ook de belangrijkste. Het is de meest fundamentele eenheid van de maatschappij. Hele beschavingen zijn, al naar gelang het gezinsleven hecht of zwak was, blijven bestaan of verdwenen.” — Deel 7, blz. 24.
Zal de geschiedenis zich herhalen?
De geschiedschrijver Arnold J. Toynbee zei over het punt dat de geschiedenis zichzelf herhaalt: „Een overzicht van het historische perspectief in het licht van onze huidige kennis toont aan dat de geschiedenis zich tot op heden ongeveer twintig maal heeft herhaald door menselijke samenlevingen voort te brengen van de soort waartoe onze westerse samenleving behoort, en er wordt ook door aangetoond dat al deze karakteristieke voorbeelden van de verschillende samenlevingen die beschavingen worden genoemd, op de mogelijke uitzondering van onze samenleving na, reeds te gronde zijn gegaan of op het punt staan te gronde te gaan. Wanneer wij bovendien de geschiedenis van deze te gronde gegane en zieltogende beschavingen gedetailleerd beschouwen en met elkaar vergelijken, zien wij aanwijzingen van wat op een terugkerend patroon lijkt in het proces van hun ineenstorting, achteruitgang en val. Wij vragen ons thans vanzelfsprekend af of dit specifieke hoofdstuk van de geschiedenis zich in ons geval beslist moet herhalen. Ligt dat patroon van achteruitgang en val thans voor ons in het verschiet als een onontkoombaar lot waaraan geen enkele beschaving ooit kan hopen te ontkomen?”
Hij beantwoordt vervolgens zijn eigen vraag: „Naar de mening van de schrijver is het antwoord op deze vraag nadrukkelijk negatief. . . . Er bestaat niets om onze westerse beschaving ervoor te behoeden het historische precedent te volgen door, indien ze dat verkiest, maatschappelijke zelfmoord te plegen. Maar wij zijn er niet toe gedoemd de geschiedenis zich te laten herhalen; wij hebben de gelegenheid, door onze eigen krachtsinspanningen, om de geschiedenis, in ons geval, een nieuwe en ongekende wending te laten nemen. . . . Wat zullen wij doen om redding te verwerven? Breng in de politiek een constitutioneel, samenwerkend wereldregeringsstelsel tot stand. Zoek in de economie naar bruikbare compromissen (variërend overeenkomstig de praktische vereisten op verschillende plaatsen en tijden) tussen vrije ondernemingen en het socialisme. Plaats op geestelijk niveau de wereldlijke superstructuur terug op religieuze fundamenten. . . . Van de drie taken is de religieuze vanzelfsprekend op den duur verreweg de belangrijkste.” — Civilization on Trial (1948), blz. 38-40.
Het is typerend dat hij zeer krachtig van mening is dat onze beschaving anders kan zijn en aan de herhaling van de geschiedenis van menselijke regeringen kan ontkomen. Hij schreef het bovenstaande 34 jaar geleden, waarbij hij zijn hoop in politiek opzicht baseerde op de Verenigde Naties en in economisch opzicht op een compromis tussen het kapitalisme en het communisme, en waarbij hij bovenal zijn hoop vestigde op een terugkeer naar religie als het fundament van onze beschaving. Thans zien wij hoe alle drie de fronten grote gebreken vertonen. De Verenigde Naties zijn ineffectief gebleken, een compromis tussen kapitalisme en communisme is verder weg dan ooit en religie is nog nooit zo zwak geweest.
De geschiedenis schijnt op het punt te staan zichzelf te herhalen. Zal dit echter gebeuren?
Er is nog een geschiedkundige schrijver die zich over menselijke regeringen heeft uitgelaten. Hij heeft er zelfs van tevoren een geschiedenis over opgetekend. Hij heeft ook van tevoren geschreven over een rechtvaardige heerschappij die op aarde zal komen. In het volgende artikel worden zijn uitlatingen over regering beschouwd.