Avond- en ochtendschemering
Tussen zonsondergang en de werkelijke duisternis ligt een korte periode, de avondschemering, wanneer de sterren zichtbaar beginnen te worden. De Hebreeën uit de oudheid noemden deze periode nesjef, en dit is blijkbaar de periode waar in Exodus 12:6 (SV) de uitdrukking „tussen twee avonden”, of het woord „avondschemering” (NBG) op doelt. Evenzo is aan het eind van de nachtelijke duisternis een ochtendschemering, waarna de dag aanbreekt. Ook deze periode werd met hetzelfde Hebreeuwse woord aangeduid. Aldus schrijft de psalmist in Psalm 119:147: „Vóór de morgenschemering roep ik om hulp.”