De eerlijkheid van de bijbel
Dagbladcommentator S. J. Harris was zo onder de indruk van de uitgesproken eerlijkheid van de bijbel, dat hij in zijn kolom schreef: „De meeste boeken waarin doelbewust een standpunt of een bepaald geloof wordt gepropageerd, doen het volgende: Zij vermijden angstvallig alle tegenstrijdigheden, alle zwakke punten en alle door hun vijanden geuite ongunstige commentaren. Het Oude Testament vermeldt echter talrijke blijken van dergelijke menselijke zwakheden en gebreken. Beschouw de verbitterde boeken van de profeten, zoals het boek Jesaja, eens, waarin de religieuze leiders aan de kaak worden gesteld, het volk wordt veroordeeld omdat het zijn geloof heeft verdorven en de waarschuwing wordt geuit dat Gods oordeel over hen hard zal zijn. Zou u zich kunnen voorstellen dat het nationale comité van de Republikeinse Partij in de Verenigde Staten in de bladen voor de verkiezingscampagne een vernietigende aanklacht door Adlai Stevenson zou opnemen? Of andersom natuurlijk. En toch is dit precies datgene wat met de toestemming van de uitgevers van het Oude Testament een deel van de Heilige Schrift is geworden.” — The Telegraph-Journal van 16 december 1959.