SIMRONIETEN
(Simroni̱e̱ten) [Van (behorend tot) Simron].
Nakomelingen van Issaschars zoon Simron. Ten tijde van de tweede volkstelling in de wildernis bedroeg het aantal ingeschrevenen van deze familie, samen met die van de drie andere families waaruit deze stam bestond, 64.300. — Nu 26:23-25.