Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g00 22/12 blz. 20-24
  • Ik heb een hoop die me staande houdt

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Ik heb een hoop die me staande houdt
  • Ontwaakt! 2000
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • „Witte magie is goed”
  • „Je lieve moeder is dood”
  • „O God, als u echt bestaat”
  • Verrassingen in Oeganda
  • ’Lees hem van begin tot eind’
  • Terug naar Donetsk
  • „Pjotr is naar je op zoek”
  • Kijk vooruit, niet achterom
  • De waarheid heeft me mijn leven teruggegeven
    Ontwaakt! 1996
  • „Jehovah, u hebt me gevonden!”
    Ontwaakt! 2004
  • ‘Ik ben niet meer gewelddadig’
    De Bijbel verandert levens
  • Dankbaar voor Jehovah’s onophoudelijke steun
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1993
Meer weergeven
Ontwaakt! 2000
g00 22/12 blz. 20-24

Ik heb een hoop die me staande houdt

VERTELD DOOR TATJANA VILEYSKA

Ons gelukkige gezin werd geruïneerd toen Moeder in onze woning werd doodgeslagen. Vader pleegde vier maanden later zelfmoord. Hierna wilde ik niet meer leven. Waarom ben ik er dan nog steeds en kan ik het verhaal navertellen? Dat zal ik uitleggen.

DONETSK, in het oosten van Oekraïne, is een stad van hoogovens en kolenmijnen. De bevolking van meer dan een miljoen spreekt Russisch en is ijverig en vriendelijk. Sommigen van hen geloven in astrologie of spiritisme en velen raadplegen horoscopen om dingen over de toekomst te weten te komen. Anderen wenden zich tot tovenaars, of koldoens, zoals ze in het Russisch worden genoemd. Sommige van deze mensen zoeken contact met de doden in de hoop verlichting van ziekte te vinden of gewoon voor de grap.

Vader was schoenmaker. Hoewel hij zich atheïst noemde, had hij het gevoel dat we door iemand op aarde waren geplaatst. Hij zei vaak: „We zijn alleen maar gasten op deze planeet.” Moeder ging met Pasen altijd naar de kerk, want ze zei: „Als er een God is, als hij wel bestaat, dan moeten we gaan.” Ik ben in mei 1963 geboren. Samen met mijn oudere zus, Loebov, en mijn jongere broer, Alexandr, vormden we een gelukkig gezin.

„Witte magie is goed”

Pjotr,a een ver familielid, kreeg tijdens zijn werk in een kolenmijn een ongeluk. Daarbij liep hij verwondingen op aan zijn hoofd die in een speciale kliniek behandeld moesten worden. Omdat hij ongerust was over zijn gezondheid raadpleegde hij een koldoen. De tovenaar bracht Pjotr in contact met de geestenwereld. Hoewel zijn vrouw en mijn ouders tegen hem zeiden dat tovenarij belachelijk was, meende hij dat hij het beter wist. „Ik doe aan witte magie”, verklaarde hij. „Zwarte magie is slecht, maar witte magie is goed.”

Pjotr beweerde krachten te bezitten die hem in staat stelden de toekomst te voorspellen en mensen tegen kwaad te beschermen. Niettemin ging Pjotrs vrouw bij hem weg. Vandaar dat Pjotr vaak bij ons verbleef, soms weken achtereen. Zijn invloed op ons gezin was verschrikkelijk. Hoe dan ook, Vader en Moeder begonnen stevige ruzies te krijgen. Uiteindelijk gingen ze uit elkaar en lieten zich scheiden. Wij kinderen verhuisden met Moeder naar een andere flat en Pjotr — haar bloedverwant — trok bij ons in.

Loebov trouwde en verhuisde met haar man naar Oeganda (Afrika). In oktober 1984 ging Alexandr met vakantie en vertrok ik voor een week naar de stad Gorlovka. Toen ik van huis ging, namen Moeder en ik vluchtig afscheid. Wat zou ik graag willen dat ik meer tegen haar had gezegd of zelfs thuis was gebleven! U moet namelijk weten dat ik Moeder nooit meer levend heb gezien.

„Je lieve moeder is dood”

Toen ik terugkwam uit Gorlovka was de flat vergrendeld en hing er een mededeling van de politie op de deur die de toegang verbood. De angst sloeg me om het hart. Ik ging naar onze buren. Olga was te veel van streek om te praten. Haar man, Vladimir, zei vriendelijk: „Tanja, er is iets vreselijks gebeurd. Je lieve moeder is dood. Pjotr heeft haar vermoord. Daarna kwam hij naar onze flat, belde de politie en gaf zichzelf aan.”

De politie bevestigde het verschrikkelijke nieuws en gaf me de sleutels van onze flat. Ik was vervuld van haat jegens Pjotr. Razend graaide ik het merendeel van zijn persoonlijke bezittingen bij elkaar — met inbegrip van zijn boeken over magie — gooide ze in een deken en nam ze mee naar een nabijgelegen veldje waar ik ze verbrandde.

Alexandr hoorde het nieuws en deelde mijn haat jegens Pjotr. Toen kreeg Alexandr een oproep voor het leger en vertrok. Vader kwam bij me in de flat wonen en Loebov kwam terug uit Oeganda en bleef een tijdje bij ons. Soms hadden we redenen om aan te nemen dat we door goddeloze geestenkrachten werden lastiggevallen. Bovendien had Vader nachtmerries. Hij vond dat Moeders dood zijn schuld was. „Was ik maar bij haar gebleven,” zei hij vaak, „dan zou ze nu nog leven.” Het duurde niet lang of Vader raakte in een ernstige depressie. Nog geen vier maanden na Moeders dood pleegde hij zelfmoord.

Na Vaders begrafenis ging Alexandr weer in het leger en keerde Loebov terug naar Oeganda. Ik probeerde een nieuwe start te maken door te gaan studeren aan het Makejevka-instituut voor Bouwkunde dat op een afstand van slechts dertig minuten van huis lag. Door de flat op te knappen en opnieuw aan te kleden hoopte ik een paar van de herinneringen uit te wissen. Maar er was nog steeds reden om te geloven dat we door demonen werden lastiggevallen.

„O God, als u echt bestaat”

Alexandr sloot zijn diensttijd af en kwam weer thuis wonen. Maar hij en ik kregen steeds ruzie. Hij trouwde en ik ging een paar maanden in Rostov wonen, een Russische stad aan de kust van de Zee van Azov, ongeveer 170 kilometer van huis. Ten slotte besloot ik me te ontdoen van elk afzonderlijk ding dat van Pjotr was geweest.

Ik werd zelf zo depressief dat ook ik van plan was zelfmoord te plegen. Maar Moeders woorden bleven in mijn oren klinken: „Als er een God is, als hij wel bestaat.” Op een avond bad ik voor de eerste keer. „O God,” smeekte ik, „als u echt bestaat, laat mij dan alstublieft zien wat de zin van het leven is.” Een paar dagen later kwam er een brief van Loebov waarin ze me uitnodigde haar in Oeganda te bezoeken. Dus stelde ik mijn plannen om mezelf van het leven te beroven uit.

Verrassingen in Oeganda

Grotere verschillen dan tussen Oekraïne en Oeganda zijn nauwelijks denkbaar. In maart 1989 landde mijn vliegtuig in Entebbe. Toen ik uit het vliegtuig stapte, stapte ik in een oven. Ik had nog nooit zo’n hitte gevoeld! Dat was niet zo verbazingwekkend, want dit was de eerste keer dat ik buiten de Sovjet-Unie kwam. De mensen spraken Engels, een taal die ik niet begreep.

Ik nam een taxi voor de rit van 45 minuten naar Kampala. Het landschap was zo anders dan ik gewend was dat het bijna leek alsof ik me op een andere planeet bevond! Maar mijn vrolijk lachende taxichauffeur was de vriendelijkheid zelve en vond uiteindelijk het huis van Loebov en haar man, Joseph. Wat een opluchting!

Loebov bestudeerde de bijbel met Jehovah’s Getuigen. Ik had nog nooit van hen gehoord, maar Loebov wilde me graag meer vertellen. Ze liep me overal in het huis achterna en vertelde me alles wat ze had geleerd, vanaf Genesis helemaal tot en met Openbaring. Eerlijk gezegd viel dat niet mee!

Op een dag kwamen de Getuigen langs die met Loebov studeerden. Een van hen heette Marianne. Ze probeerde niet meteen tegen me te prediken, omdat ik toentertijd toch niet zoveel Engels kon verstaan. Maar haar hartelijke, vriendelijke ogen zeiden me dat ze een oprecht, gelukkig mens was. Ze liet me een plaatje zien van het Paradijs in de brochure „Zie! Ik maak alle dingen nieuw”. „Kijk eens naar deze vrouw”, drong ze aan. „Dat ben jij en die andere vrouw dat ben ik. We zijn samen in het Paradijs met al deze andere mensen. Is dat niet geweldig?”

Andere Getuigen in Kampala schenen om de beurt bij Loebov en Joseph op bezoek te komen. Ze waren zo vriendelijk dat ik hen ervan verdacht alleen maar indruk op mij te willen maken. Een paar weken later woonde ik mijn eerste vergadering bij; het was de viering van het Avondmaal des Heren (Lukas 22:19). Hoewel ik niet begreep wat er werd gezegd, was ik opnieuw onder de indruk van de vriendelijkheid van de mensen.

’Lees hem van begin tot eind’

Marianne gaf me een Russische bijbel — de eerste die ik ooit had gehad. „Lees de bijbel van begin tot eind”, drong ze aan. „Zelfs als je niet alles begrijpt, lees het gewoon maar!”

Ik was diep geroerd door Mariannes cadeau en besloot haar raad op te volgen. Ik dacht: ’Wat voor nut heeft het tenslotte een bijbel te bezitten als ik niet de moeite neem hem te lezen?’

Toen ik terugging naar Oekraïne nam ik mijn bijbel mee. De volgende paar maanden werkte ik in Moskou en gebruikte ik mijn vrije tijd om de bijbel te lezen. Tegen de tijd dat ik negen maanden later naar Oeganda terugging, had ik de halve bijbel gelezen. Na mijn terugkomst in Kampala liet Marianne me in de bijbel een schitterende hoop voor de toekomst zien. Een paradijs! Een opstanding! Vader en Moeder terugzien! Ik besefte dat wat ik leerde het antwoord was op mijn gebed toen ik in Donetsk was. — Handelingen 24:15; Openbaring 21:3-5.

Toen we het onderwerp goddeloze geesten bestudeerden, luisterde ik met ingehouden adem. De bijbel bevestigde wat ik al lang had vermoed. Er bestaat niet zoiets als goede of onschuldige magie. Het is allemaal vol gevaar. Dat wat er in ons eigen gezin was gebeurd, was daarvan voor mij het grootste bewijs. Toen ik Pjotrs bezittingen verbrandde, had ik zonder het te weten het juiste gedaan. De vroege christenen verbrandden ook hun voorwerpen die verband hielden met magie toen ze Jehovah begonnen te dienen. — Deuteronomium 18:9-12; Handelingen 19:19.

Hoe meer ik van de bijbel begreep, hoe zekerder ik werd dat ik de waarheid had gevonden. Ik stopte met roken en in december 1990 werd ik als symbool van mijn opdracht aan Jehovah gedoopt. Loebov werd net drie maanden daarvoor gedoopt en Joseph in 1993.

Terug naar Donetsk

In 1991 ging ik terug naar Donetsk. Datzelfde jaar werden Jehovah’s Getuigen in Oekraïne wettelijk erkend, wat inhield dat we in vrijheid konden bijeenkomen en openlijk konden prediken. We begonnen gesprekken op straat met iedereen die even tijd had. We kwamen er al gauw achter dat zelfs in een land waar veel mensen beweerden atheïst te zijn, velen nieuwsgierig waren naar Gods koninkrijk.

In het begin van de jaren ’90 was bijbelse lectuur schaars, dus runden we een uitleenbibliotheek in de straten van Donetsk. We zetten een kraampje neer op het grote stadsplein om exemplaren van onze boeken en brochures uit te stallen. Al gauw bleven vriendelijke, nieuwsgierige mensen staan om vragen te stellen. Degenen die lectuur wilden, leenden die en kregen een huisbijbelstudie aangeboden.

In 1992 werd ik pionier, een volletijdprediker van Jehovah’s Getuigen, en in september 1993 kreeg ik een uitnodiging om deel te gaan uitmaken van een team van vertalers op het bijkantoor van het Wachttorengenootschap in Selters (Duitsland). In september 1998 werden we overgeplaatst naar Warschau (Polen) in afwachting van de voltooiing van onze nieuwe bijkantoorfaciliteiten in Lviv (Oekraïne).

De groei onder Jehovah’s volk in Oekraïne is verbazingwekkend geweest. Terwijl Donetsk in 1991 één gemeente had van 110 verkondigers, zijn er nu 24 gemeenten met meer dan 3000 Getuigen! Een bezoek aan Donetsk in 1997 leverde niet alleen plezierige ontmoetingen op maar ook een episode die me van streek maakte.

„Pjotr is naar je op zoek”

Tijdens mijn verblijf in Donetsk schrok ik hevig toen Julija, een Getuige die ons gezin kende, zei: „Pjotr is naar je op zoek. Hij wil je spreken.”

Toen ik die avond thuis was, huilde ik en bad ik tot Jehovah. Wat wilde Pjotr van me? Ik wist dat hij voor zijn misdrijf een aantal jaren gevangen had gezeten. Ik haatte hem om wat hij had gedaan en ik vond dat hij het niet verdiende om over Jehovah’s nieuwe wereld te horen. Een paar dagen lang bad ik over de kwestie en besefte toen dat het niet aan mij was om te beslissen wie het waard is eeuwig leven te ontvangen. Ik herinnerde me de belofte die Jezus Christus deed aan de misdadiger die naast hem aan de paal hing — dat de misdadiger met hem in het Paradijs zou zijn. — Lukas 23:42, 43.

Met dat in gedachten besloot ik Pjotr op te zoeken en hem getuigenis te geven over het Messiaanse koninkrijk en Gods nieuwe samenstel van dingen. Vergezeld door twee christelijke broeders ging ik naar het adres dat Julija me had gegeven. Daar kwam ik voor het eerst sinds Moeders dood oog in oog te staan met Pjotr.

De sfeer was gespannen. Ik legde aan Pjotr uit dat ik een Getuige van Jehovah was geworden en dat de bijbel me had geholpen te begrijpen waarom we in dit samenstel allemaal met problemen te kampen hebben en soms zelfs met persoonlijke tragedies. Ik vertelde Pjotr ook hoe verschrikkelijk het voor ons was geweest om onze moeder en daarna onze vader te verliezen.

Pjotr legde uit dat een stem hem had gezegd dat hij mijn moeder moest vermoorden en hij vertelde verder tot in detail wat er die dag gebeurd was. Terwijl ik naar dat afschuwelijke verhaal luisterde, had ik niet alleen gevoelens van walging maar ook van medelijden, want hij leek nerveus, als een opgejaagd dier. Toen Pjotr was uitverteld, probeerde ik hem enkele prachtige beloften uit de bijbel te laten zien. Hij beweerde in Jezus te geloven, dus vroeg ik:

„Heb je een bijbel?”

„Nog niet. Maar ik heb er een besteld”, antwoordde hij.

„Je weet misschien al dat de persoonlijke naam van de ware God volgens de bijbel Jehovah is.” — Psalm 83:18.

Bij het horen van die naam raakte Pjotr geïrriteerd. „Je moet het met mij niet over die naam hebben”, zei hij. „Ik kan die naam niet uitstaan.” Onze pogingen om Pjotr over Gods prachtige beloften te vertellen, liepen helemaal op niets uit.

Toen ik wegging, was één ding me helemaal duidelijk: als ik Jehovah niet had leren kennen, was ik misschien net als Moeder vermoord, had ik misschien net als Vader zelfmoord gepleegd of zou ik misschien net als Pjotr zijn gemanipuleerd om gruwelijke dingen te doen. Wat ben ik intens dankbaar dat ik de ware God, Jehovah, heb leren kennen!

Kijk vooruit, niet achterom

Die schokkende belevenissen hebben mijn emoties niet onberoerd gelaten. Zelfs nu brengen de herinneringen soms pijn en verdriet bij me teweeg. Maar toen ik Jehovah en zijn voornemens leerde kennen, is het genezingsproces begonnen. De bijbelse waarheid heeft me geleerd me op de toekomst te concentreren in plaats van op het verleden. En wat voor toekomst heeft Jehovah voor zijn dienstknechten in petto!

Die toekomst omvat de opstanding van de doden in een aards paradijs. Wat zal ik blij zijn wanneer ik mijn ouders levend kan verwelkomen! Vader had in feite gelijk toen hij zei: „We zijn slechts gasten op deze planeet.” En Moeders neiging om te geloven dat God werkelijk bestaat, was beslist juist. Het meeste verlang ik ernaar Vader en Moeder, wanneer ze een opstanding hebben gekregen in Gods nieuwe samenstel van dingen, over de bijbelse waarheden te kunnen onderwijzen.

[Voetnoot]

a De naam is veranderd.

[Inzet op blz. 24]

Voor het eerst sinds Moeders dood kwam ik oog in oog te staan met haar moordenaar

[Illustratie op blz. 23]

Met Marianne en Heinz Wertholz, zendelingen die in Oeganda met me hebben gestudeerd

[Illustratie op blz. 23]

Mijn doop in Kampala

[Illustratie op blz. 24]

Ik maak deel uit van het Oekraïense vertaalteam in Polen

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen