Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g83 22/9 blz. 3-8
  • Gaat het dierenrijk verdwijnen?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Gaat het dierenrijk verdwijnen?
  • Ontwaakt! 1983
  • Vergelijkbare artikelen
  • Afrika’s schaarser wordende wild — Zal het blijven bestaan?
    Ontwaakt! 1987
  • Ivoor — Hoeveel is het waard?
    Ontwaakt! 1998
  • Is het tijd om afscheid te nemen?
    Ontwaakt! 1989
  • De neushoorn — slachtoffer van menselijk bijgeloof
    Ontwaakt! 1972
Meer weergeven
Ontwaakt! 1983
g83 22/9 blz. 3-8

Gaat het dierenrijk verdwijnen?

DE HUIVERINGWEKKENDE tegenwoordigheid van het kwaad doet het hart sneller kloppen als de stilte wordt verscheurd door het onmiskenbare geluid van automatische wapens. Het afschuwelijke geluid weerklinkt een tweede en een derde maal, en dan is het weer stil. De afstand is te groot om te kunnen horen hoe de slachtoffers wankelen en neervallen, te groot om hun laatste stuiptrekkende bewegingen te zien. Loop erheen en tel de doden. Het zijn er honderden, misschien wel 300.

Degenen die de slachting hebben aangericht, zijn vertrokken. Het lag niet in hun bedoeling de doden te begraven. Zij hebben de onschuldige slachtoffers ontdaan van hun materiële rijkdom en ze op de plek waar ze vielen, laten liggen om te rotten in de zon of een prooi te worden voor aasgieren. De aanblik van het bloedbad vormt een aanschouwelijke herinnering aan de gevaren en de steeds veelvuldiger moedwillige afslachting die dreigen voor degenen die zeer waardevolle artikelen bij zich dragen maar zich onvoldoende kunnen beschermen en zich ook haast nergens kunnen verbergen.

Vermenigvuldig dit tafereel duizenden keren. Tel de tienduizenden en nog eens tienduizenden doden. En alleen dan begint u een juist beeld te krijgen van de meedogenloze slachtpartij waarin Afrika’s eens zo grote kudden olifanten worden gedecimeerd. Momenteel worden ze sneller gedood dan ze zich kunnen voortplanten, en er bestaat grote vrees dat het ze zal vergaan als de bizon, die eens in ontzaglijke aantallen op de Amerikaanse prairie rondzwierf en die door de mens bijna volledig is uitgeroeid.

De grote olifanten hebben hun leven gegeven voor mensen met waardering voor het exotische. Kostbaar ivoren snijwerk, variërend van een meter lengte tot de grootte van een vingerhoed, is erg in trek bij degenen die het zich kunnen veroorloven. Twintig jaar geleden bedroeg de prijs van ivoor ongeveer drie dollar per pound (450 g). Tegenwoordig brengt die hoeveelheid het enorme bedrag van $40 op. Alleen al in 1980 werd voor $8,3 miljoen aan ivoor in de VS ingevoerd en men schat dat hiervoor 2300 olifanten het leven hebben gelaten.

Een olifantenstroper die een beetje kan rekenen, weet dat een dier met slagtanden van pakweg 45 kg hem minstens $8000 gaat opleveren. In Tanzania confisqueerde de politie een verborgen voorraad slagtanden met een geschatte waarde van $360.000 — resultaat van stroperswerk. De acties van jachtopzichters en parkwachters in sommige Afrikaanse landen hebben geresulteerd in een aantal doden onder zowel stropers als parkwachters. „Het is net oorlog”, zei een parkwachter. Maar vanwege de enorme prijzen die voor ivoren slagtanden betaald worden, zijn stropers bereid het risico te nemen. Zelfs enkele jachtopzichters hebben de goede zaak verraden en zich bij de stropers aangesloten. Het doden van slechts één grote olifant met slagtanden kan meer opbrengen dan het jaarsalaris van een parkwachter.

Personen met een beetje exotische smaak beperken zich niet noodzakelijkerwijs tot wat ivoren snijwerk. Zij betalen ook graag $400 voor een aktentas van olifantshuid of kopen een prullenmand of paraplustandaard die uit een poot is gemaakt. Een pennenkoker van een voetje van een jong olifantje is natuurlijk ook heel grappig. Een man vindt het wellicht een leuk idee een portefeuille van olifantshuid te hebben, en een vrouw wil misschien pronken met een tasje of ceintuur van dat materiaal. Maar hebben zij erbij stilgestaan dat een olifant zijn leven heeft gegeven opdat zij iets ongewoons konden bezitten?

Stropers zijn zo ongevoelig geworden voor het volstrekt willekeurig afslachten van dieren, dat men in sommige landen gif stort in waterpoelen, die niet alleen door olifanten maar ook door andere dieren benut worden. Vergiftigde speren, vergiftigd fruit, pijlen uit blaasroeren, valkuilen, vuur en automatische vuurwapens maken de weerloze olifant tot een gemakkelijke prooi voor degenen die maar op één ding uit zijn: hem doden! En doden doen zij, in Oost-Afrika wel 70.000 olifanten per jaar.

Niet lang geleden kon Oeganda zich beroemen op 49.000 olifanten. Soldaten van het leger van de toenmalige president, Idi Amin, gingen als bijverdienste stropen en knalden olifanten bij duizenden neer, hakten hun slagtanden uit en lieten ze rotten waar ze neergevallen waren. Parkwachters telden eens 900 karkassen in één gebied.

Amins regering werd in 1979 omvergeworpen, maar jammer genoeg konden de olifanten van Oeganda niet opgelucht ademhalen. Tegenwoordig zijn de wapens van Amins leger — hetzij achtergelaten door vluchtende soldaten of in beslag genomen — een kostbaar bezit in de handen van stropers. Hiermee kunnen stropers systematisch alles wat beweegt en geld oplevert, doden. Momenteel telt Oeganda nog ongeveer 1500 olifanten.

Wanneer zal de slachtpartij ophouden? Zolang er nog vraag is van de kant van consumenten die een totale onverschilligheid voor de consequenties aan de dag leggen, valt het moeilijk zich voor te stellen hoe de uitroeiing van Afrika’s in het wild levende olifant voorkomen moet worden.

Ongelukkigerwijze is de olifant niet de enige bedreigde diersoort met dit felbegeerde ’witte goud’. Afrika’s zwarte neushoorn met zijn 30 tot 60 cm lange hoorns is zo meedogenloos opgejaagd dat het tien jaar geleden op 100.000 stuks geschatte bestand tot een 10.000 à 20.000 is verminderd. Net als de olifant wordt ook de neushoorn sneller vernietigd dan hij zich kan voortplanten. Deskundigen spreken bitter over het vooruitzicht van uitroeiing van alle Afrikaanse wilde neushoorns. „De vooruitzichten op overleving in de vrije natuur zijn gehuld in pessimisme”, zeggen zij.

De welgestelden hoeven zich misschien geen tweemaal te bedenken om $40 per pound te betalen voor met snijwerk versierde olifantsslagtanden, maar zij zullen misschien ongelovig met hun ogen knipperen als zij horen wat men voor rinoceroshoorn vraagt — in veel gevallen een onfatsoenlijk hoge prijs van $14.000 per pound. Waarom zo hoog? In sommige landen gelooft men vanouds dat de tot poeder vermalen rinoceroshoorn magische en helende eigenschappen bezit, terwijl dit poeder ook zeer hoog wordt geschat als een afrodisiacum (potentieverhogend middel) voor diegenen wier seksuele vermogens afnemen. De rijken betalen er dan ook hoge prijzen voor.

Medische deskundigen vinden geen bewijs dat gemalen rinoceroshoorn een potentieverhogend middel is. Zij die seksueel impotent zijn, kunnen net zo goed hun geld in hun zak houden en hun eigen vingernagels of geknipte haar opeten, aangezien rinoceroshoorns en menselijke vingernagels dezelfde, keratine geheten, substantie bevatten. Niettemin zijn velen ervan overtuigd dat er een verschil is, en zij betalen grif de meer dan $600 per ounce (28 g) die de detailhandel voor het rinoceroshoornpoeder durft te vragen — tot verrukking van de stropers. Het commentaar van één wildopziener — „Er zouden hier binnen drie weken geen neushoorns meer zijn” — illustreert hoe onmisbaar hun patrouilles zijn. Aangezien veel Aziaten nog steeds geloven dat de rinoceroshoorn magische kracht bezit, is de Aziatische soort al bijna uitgestorven.

In Noord-Jemen is de rinoceroshoorn zeer gewild als heft voor de dolken die de mannen daar traditiegetrouw vanaf hun twaalfde jaar in hun gordel dragen. De dolken zijn versierd met zilver en goud en de Noordjemenieten betalen er enorme bedragen voor: $6000 tot $13.000. In minder dan tien jaar heeft Noord-Jemen volgens gepubliceerde rapporten bijna 23.000 kg aan rinoceroshoorns geïmporteerd, hetgeen zo’n 8000 neushoornlevens vertegenwoordigt. Wat een prijs voor een traditie!

Ver verwijderd van de Afrikaanse woongebieden van de olifant en de neushoorn rust de 3,60 m lange en 1360 kg wegende walrus op zijn ijsschots in de Noordelijke IJszee. Die lange, naar beneden gerichte tanden die hem zijn indrukwekkende uiterlijk verlenen, bestaan uit ivoor — over de hele lengte van bijna een meter. Vroeger werd het dier bijna alleen door de Eskimo bejaagd, die hem als voedsel gebruikte en zijn slagtanden met handsnijwerk versierde om wat te kunnen verdienen. Nu is hij heel belangrijk geworden als een bron van ivoor, en jaarlijks worden er naar schatting 5000 gedood. Als dit aantal toeneemt, zal iemand de walrus moeten vertellen zich sneller te gaan voortplanten omdat hij anders tot de dieren gaat behoren die uit de vrije natuur verdwenen zijn.

En er is nog veel meer. Voor het snelste dier dat men kent, de cheetah, heeft men een snelheid van 113 km per uur gemeten. Maar zelfs de cheetah kan niet hard genoeg rennen om te ontkomen aan zijn hevigste belager, de mens. Dat prachtige, elegante dier, geelachtig van kleur met over zijn hele lichaam zwarte vlekken, was eens de trots van India en kwam overvloedig op de steppen van Afrika en Azië voor. Sinds het begin van de eeuw is er echter zo meedogenloos op de cheetah gejaagd dat hij uit India totaal is verdwenen en in de rest van Azië ook vrijwel uitgestorven is. In Afrika zijn er nog maar jammerlijk weinig en hun aantal wordt elke tien jaar gehalveerd.

Waarom wordt de cheetah op deze wijze afgeslacht? Omdat mevrouw een nieuwe bontjas wil hebben, en een jas die gemaakt is van het bont van de prachtige, verdwijnende familie van de cheetah’s, valt haar wel in de smaak. Stropers vinden haar verlangens zeer lonend. Een onlangs in beslag genomen zending van 319 pelzen, de hele partij een illegale buit van stropers, vertegenwoordigde „een vermindering van het aantal in het wild levende cheetah’s met 5 tot 10 procent”. Door modegrillen en ijdelheid wordt dit prachtige schepsel met uitsterving bedreigd.

Alweer is het de prachtige tekening die de vacht van de majestueuze luipaard zo buitengewoon waardevol maakt voor verwerking in jassen. Hoe waardevol? Ongeveer $10.000 op de stropersmarkt. Het is duidelijk dat alleen de rijken zich een dergelijke luxe kunnen veroorloven. Niettemin neemt het aantal van hen die zich dit kunnen veroorloven toe, en daarmee ook de vraag naar luipaardhuiden, zolang die nog te vinden zijn. Sommige landen hebben de import van luipaardhuiden voor jassen verboden, maar voor de tienduizenden luipaarden die hun leven hebben gegeven ter wille van de mode, is dit te weinig en komt het te laat.

Hetzelfde kan gezegd worden van de tijger, het grootste lid van de kattenfamilie. Eens de koning van het Aziatische dierenrijk, in overvloed voorkomend over het hele zuidelijke deel van het continent, regeerde hij oppermachtig tot de jaren 1800. Het ontbrak hem echter aan iets wat absoluut noodzakelijk was om te overleven — het vermogen om vuurwapens te gebruiken tegen zijn ergste vijand, de mens. Hij kon niet terugschieten. Kunt u zich voorstellen hoeveel dappere jagers op de tijger gejaagd zouden hebben als hij inderdaad had kunnen terugschieten? Zoals de zaken nu staan, hebben mensen de tijgers meedogenloos uitgeroeid en hun natuurlijke woongebied vernietigd, en slechts een paar zijn er nu nog overgebleven.

Welke waarde zou een gorilla voor de mens kunnen hebben, afgezien van voedsel voor slechts enkelen? Men hoort zelden van een gorilla-jas, en tanden van gorilla’s zijn niet van ivoor. Maar toch doodt de mens gorilla’s voor trofeeën. Hij snijdt zelfs hun handen af om er asbakken van te maken. Stroperij en de vernietiging van hun natuurlijk leefmilieu doen de gorillapopulatie in Afrika zeer snel afnemen. Biologen vrezen dat zijn overleving op het spel staat.

Eens dacht men dat de in het wild levende dieren een onuitputtelijke bron vormden. Maar kan zelfs een dergelijke schijnbaar onuitputtelijke bron bijvoorbeeld in vijf jaar 10.000 zebra’s leveren om er trommels en haardkleedjes voor toeristen van te maken, en dan toch niet beginnen op te drogen? Niettemin gaat de slachting door en het dierenrijk lijkt ten ondergang gedoemd.

Het bedroevende is dat het merendeel van de dieren niet sterft om voedsel te verschaffen voor hongerige magen maar om voedsel te geven aan ijdelheid. Mensen hebben geen luipaard- of cheetah-jassen nodig. Wij kunnen het zonder aktentassen of handtasjes van olifantshuid stellen. Wie heeft er zo’n schrijnende behoefte aan een ongewoon paar schoenen dat daarvoor een zeldzame nijlvaraan of een krokodil gedood moet worden? Wanneer u overweegt ivoorsnijwerk te kopen, zal uw geweten u dan toch doen terugschrikken bij de gedachte aan een stuiptrekkende olifant waarvan de slagtand, terwijl hij nog in leven is, al wordt uitgehakt — alleen om een gril van u te bevredigen? Bedenk dat zolang er vraag is naar deze exotische voorwerpen, er dieren zullen sterven en soorten zullen verdwijnen.

Ondanks het feit dat vele landen goede wetten hebben uitgevaardigd om het verdwijnen van soorten uit het dierenrijk tegen te gaan, is er jammer genoeg al veel schade aangericht. Er bestaat echter hoop dat er in de toekomende jaren nog steeds dieren zullen zijn waar mensen van kunnen genieten. In een profetie die de toekomstige omstandigheden onder Gods koninkrijk weergeeft, zegt de bijbel: „De wolf is de gast van het lam, de panter legt zich neer naast het bokje; kalf en leeuwewelp groeien samen op, een kind kan ze hoeden. De koe en de beer doen zich samen tegoed, hun jongen liggen bijeen. De leeuw eet hooi als het rund.” — Jes. 11:6, 7, Groot Nieuws Bijbel.

Maar wee degenen die grove minachting tonen voor Gods aarde door op onverschillige wijze zijn dierenrijk van in het wild levende dieren te vernietigen! Hij zal stellig gaan „verderven die de aarde verderven”. Hij heeft dat beloofd. — Openb. 11:18.

[Inzet op blz. 5]

De eens enorme kudden olifanten in Afrika worden sneller gedood dan ze zich kunnen voortplanten

[Inzet op blz. 8]

IJdele, modebewuste mensen drijven de prachtige cheetah als soort naar de ondergang

[Illustratie op blz. 5]

De walrus is een belangrijke bron van ivoor. Jaarlijks worden er ongeveer 5000 gedood

[Illustraties op blz. 6]

Enthousiasme voor de jacht op groot wild en een afname van zijn woongebied hebben de tijger op de lijst van bedreigde diersoorten doen belanden. De neushoorn is bijna uitgeroeid omdat men zijn hoorns voor dolkheften en potentieverhogende middelen kon gebruiken

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen