STUDIEPROJECT
Versterk je vertrouwen in Jehovah’s reddende macht
Lees Numeri 13:25–14:4 om te zien dat de Israëlieten niet op Jehovah vertrouwden.
Analyseer de context. Waarom hadden de Israëlieten erop moeten vertrouwen dat Jehovah ze kon redden toen ze Egypte verlieten? (Ps. 78:12-16, 43-53) Waardoor verloren ze hun vertrouwen in Jehovah? (Deut. 1:26-28) Hoe lieten Jozua en Kaleb zien dat ze op Jehovah vertrouwden? (Num. 14:6-9)
Graaf dieper. Wat hadden de Israëlieten kunnen doen om hun vertrouwen in Jehovah te vergroten? (Ps. 9:10; 22:4; 78:11) Wat is het verband tussen vertrouwen in Jehovah en respect voor hem? (Num. 14:11)
Ontdek welke lessen erin zitten. Vraag je af:
Welke situaties kunnen een test zijn op mijn vertrouwen in Jehovah?
Wat kan ik doen zodat ik nu en in de toekomst nog meer op Jehovah vertrouw?
Waar kan ik van overtuigd zijn als de grote verdrukking begint? (Luk. 21:25-28)