Opzieners die de leiding nemen — De presiderende opziener
1 Het is een ernstige verantwoordelijkheid om in de gemeente als opziener te dienen (Hand. 20:28; 1 Tim. 3:1). Dit is het eerste artikel van een serie die de verschillende taken van christelijke ouderlingen zal uiteenzetten zodat wij allemaal waardering kunnen hebben voor het belangrijke werk dat zij voor ons doen.
2 Het Genootschap stelt de presiderende opziener aan om voor een onbepaalde tijdsperiode te dienen. Doordat de presiderende opziener de dingen coördineert, worden de ouderlingen geholpen juiste aandacht te besteden aan de hun toegewezen taken (Bediening-boek, blz. 43). Wat houdt dat in?
3 De presiderende opziener ontvangt de post voor de gemeente en geeft die meteen ter afhandeling aan de secretaris door. Ter voorbereiding op ouderlingenvergaderingen krijgt de presiderende opziener suggesties van de ouderlingen in verband met kwesties die besproken moeten worden en stelt hij de agenda op. Hij dient tijdens ouderlingenvergaderingen tevens als voorzitter. Wanneer er beslissingen worden genomen, ziet hij erop toe dat ze op juiste wijze worden uitgevoerd. Hij houdt toezicht op het voorbereiden van de dienstvergadering en het indelen van openbare lezingen. Hij hecht zijn goedkeuring aan alle mededelingen voor de gemeente, keurt de betaling van alle normale uitgaven van de gemeente goed, en ziet erop toe dat de driemaandelijkse controle van de gemeenteboekhouding wordt uitgevoerd.
4 Als voorzitter coördineert de presiderende opziener het werk van het dienstcomité van de gemeente. Als een bijbelstudent vraagt of hij als niet-gedoopte verkondiger erkend kan worden of als een niet-gedoopte verkondiger zich wil laten dopen, zorgt de presiderende opziener ervoor dat er ouderlingen met die persoon samenkomen. De presiderende opziener neemt ook de leiding bij de voorbereidingen in verband met het bezoek van de kringopziener zodat de gemeente volledig profijt kan trekken van de speciale week van activiteit.
5 De presiderende opziener heeft veel en uiteenlopende taken. Terwijl hij zich nederig en „in alle ernst” van zijn verantwoordelijkheden kwijt, kunnen wij allemaal ons deel doen door met de ouderlingen samen te werken (Rom. 12:8). Als wij „gehoorzaam” en „onderdanig” zijn aan hen die onder ons de leiding nemen, kunnen zij hun werk met een grotere mate van ware vreugde doen. — Hebr. 13:17.