De bouw van Koninkrijkszalen in Nederland
1 Wanneer wij naar het wereldomvattende veld kijken, is het hartverwarmend de grootse toename te zien die Jehovah’s aardse organisatie beleeft. Vorig jaar zijn er alleen al in de Verenigde Staten 246 nieuwe gemeenten opgericht, terwijl er wereldwijd 3288 gemeenten bij kwamen. Met het oog op al deze groei is het niet verwonderlijk dat er behoefte is aan meer Koninkrijkszalen.
2 Veel broeders en zusters tonen een bijzondere ijver voor Jehovah’s organisatie en geven hun steun door vrijwillig hun tijd en middelen voor de bouw van Koninkrijkszalen aan te bieden. In Nederland zijn drie Regionale bouwcomités werkzaam, die gemiddeld 140 gemeenten in het hun toegewezen gebied hebben; elk jaar worden in ons land zo’n zes nieuwe zalen gebouwd en zes zalen gerenoveerd. Aan de regionale comités is het opzicht over deze projecten toevertrouwd, en hun inspanningen worden gewaardeerd. De hele regeling voor de bouw van Koninkrijkszalen komt tot stand door de christelijke geest van geven en zelfopoffering — het tegenovergestelde van de geest die zo vaak in de wereld wordt tentoongespreid. — 2 Tim. 3:2, 4.
3 Teneinde hulp te bieden bij het standaardiseren van Koninkrijkszalen heeft het Genootschap de Regionale bouwcomités nuttige informatie verschaft. De Regionale bouwcomités hebben enkele ontwerpen voor standaard-Koninkrijkszalen. Waar mogelijk wordt daarvan in ons land gebruik gemaakt. Dit heeft ertoe geleid dat zowel de tijd als de middelen van de vrijwilligers worden gespaard. Het heeft ook bijgedragen tot een verstandig beheer van het Koninkrijkszalenfonds van het Genootschap. Ouderlingen maken nu hun keus uit deze basisontwerpen. In de Verenigde Staten, waar het Genootschap de Regionale bouwcomités al geruime tijd intensief heeft ondersteund met ontwerpen, werden onlangs weer nieuwe ontwerpen verschaft. Na het ontvangen van dit nieuwe hulpmiddel zei één Regionaal bouwcomité: „Wij waren heel blij en enthousiast toen wij het ontwerpenpakket ontvingen. . . . Broeders met ervaring als architect en op het gebied van techniek in de bouw hebben geschat dat het gebruik van deze nieuwe ontwerpen vijftig tot zestig procent in tijd bespaart. Dit pakket zal ons ook helpen meer uniforme en consequente maatstaven voor Koninkrijkszalen te bereiken.” Wanneer de gemeenten meewerken om de standaardisatie van Koninkrijkszalen te ondersteunen, verwachten wij dat de last van de vele toegewijde architecten, technici, en aannemers die vrijwillig hulp bieden, aanzienlijk verlicht zal worden.
4 Vrijwilligers ondersteunen een voortreffelijk werk: Het Genootschap is de vele vrijwilligers die met de bouw van Koninkrijkszalen helpen, dankbaar. Het is werkelijk een genoegen te zien dat vele honderden vrijwilligers zich voor alle aspecten van de bouw van Koninkrijkszalen aanbieden. Het succes van dit programma wordt mogelijk gemaakt door deze bereidwillige, edelmoedige geest van samenwerking onder de vrijwilligers, die tijd opofferen die anders goed besteed zou kunnen worden aan hun gemeente en hun gezin (Ps. 110:3; Kol. 3:23). Deze liefdevolle reactie verdient onze lof, waardering en volledige steun. — Rom. 12:10; Hebr. 13:1.
5 Allen die ervoor in aanmerking komen de Regionale bouwcomités op geregelde basis te helpen, wordt gevraagd de Vragenlijst voor vrijwillige werkers aan de bouw van Koninkrijkszalen (S-82) in te vullen. De gemeente stuurt deze naar het regionale comité om aan te geven welke vaardigheden de werker heeft en wanneer hij beschikbaar is. Wanneer er veranderingen komen in de status van een vrijwilliger, zoals wanneer iemand verhuist of als dienaar in de bediening of als ouderling wordt aangesteld, moet er prompt een nieuw formulier ingevuld worden en via de secretaris van de gemeente opgestuurd worden. Als een vrijwilliger niet langer aan de vereisten voldoet, dienen de ouderlingen het regionale comité daar onmiddellijk schriftelijk van in kennis te stellen. Wanneer er meer vragenlijsten nodig zijn, kunnen ze op het maandelijkse Aanvraagformulier voor lectuur aangevraagd worden. Ook de kringopziener is geïnteresseerd in degenen die zich als vrijwilligers hebben aangeboden voor deze tak van heilige dienst. Daarom neemt hij telkens als hij de gemeente bezoekt, het dossier met de kopieën van de vragenlijsten voor vrijwillige werkers aan de bouw van Koninkrijkszalen door.
6 Bouwkosten tot een minimum beperken: De Regionale bouwcomités hebben richtlijnen gekregen om een inkoopafdeling te organiseren die onder het toezicht van een bekwame ouderling staat. Broeders die op deze afdeling werkzaam zijn, doen ijverig prijsonderzoek om gunstige voorwaarden te verkrijgen door prijzen te vergelijken en concurrerende prijzen te bedingen. Op deze wijze kan men bepalen voor welke leveranciers gekozen dient te worden en welke materialen gekocht moeten worden. Soms worden tijdens het werk aan een Koninkrijkszaalproject bekwame broeders in de plaatselijke gemeente uitgenodigd om op deze afdeling te helpen.
7 Om ervoor te zorgen dat er zo zuinig mogelijk met de financiële middelen wordt omgesprongen, moet het Regionale bouwcomité alle uitgaven uit het bouwfonds goedkeuren. Steeds wanneer er bij een Koninkrijkszaalproject, of het nu om nieuwbouw of renovatie gaat, vrijwilligers nodig zijn uit gemeenten die niet in de zaal zullen vergaderen, voert het regionale comité het opzicht over het project.
8 Van een ieder aan wie werk aan een Koninkrijkszaal als aannemer wordt uitbesteed, dient te worden vastgesteld of hij over de vereiste verzekeringen beschikt en aan andere noodzakelijke en wettelijke, ter bescherming dienende bepalingen voldoet. De gemeente dient als medeverzekerde in de verzekeringspolis van de aannemer vermeld te staan. De gemeente dient om de nodige bewijsstukken van een Constructie All Risks-verzekering te vragen. Daarnaast verdient het aanbeveling dat de aannemer een aansprakelijkheidsverzekering heeft afgesloten.
9 Hulp bieden in geval van behoefte op andere bijkantoren: Het komt voor dat bijkantoren de hulp van regionale comités in een ander land nodig hebben. Die hulp is vaak noodzakelijk om de schade na een ramp te herstellen of om in opleiding voor een plaatselijk Regionaal bouwcomité te voorzien. Het is een ware uiting van liefde wanneer verantwoordelijke broeders in een land bereid zijn op eigen kosten naar een ander land te reizen om daar hulp te bieden. Wanneer een verzoek van een bijkantoor wordt ingewilligd, kiest het Genootschap een regionaal comité uit dat wellicht een rustige periode in zijn schema voor de bouw van Koninkrijkszalen binnen zijn eigen gebied heeft, om op deze manier te dienen. Dit draagt bij tot een ordelijke regeling.
10 Wegens de steeds toenemende behoefte aan Koninkrijkszalen in andere landen, is het noodzakelijk om de beschikbare geldmiddelen zo verstandig mogelijk aan te wenden. In het inlegvel in Onze Koninkrijksdienst van juni 1997 werd de aanmoediging gegeven „dat Koninkrijkszalen eenvoudige en gepaste huizen van aanbidding zijn, niet overdreven qua omvang of stijl, zodat de met toewijding geschonken middelen niet worden verspild”. In de Verenigde Staten wordt een deel van de middelen uit het Koninkrijkszalenfonds gebruikt voor de bouw van zalen in andere landen. In ons land hebben wij het voorrecht bij te dragen aan het Oost-Europafonds. Op deze wijze worden met toewijding geschonken middelen gebruikt waar een dringende behoefte is doch waar de mogelijkheden beperkt zijn vanwege ernstige economische problemen.
11 De behoefte aan meer Koninkrijkszalen in bepaalde landen wordt beklemtoond in het Jaarboek 1997. Er wordt bijvoorbeeld melding gemaakt van Oekraïne, waar tot dusver 47 Koninkrijkszalen zijn gebouwd en aan 56 nog wordt gewerkt. De behoefte in die landen is heel duidelijk. Het verslag zegt: „In Rusland zijn nog veel meer Koninkrijkszalen nodig. De toename in het aantal Getuigen gaat daar erg snel, maar ongeveer 85 procent van de gemeenten onder het bijkantoor van Rusland heeft geen vaste vergaderplaats. In Zimbabwe, waar zo’n 800 gemeenten zijn, hebben vele daarvan zich genoodzaakt gezien in de open lucht te vergaderen. Dit heeft sommige pasgeïnteresseerden ervan weerhouden naar de vergaderingen te komen.” In andere landen in Oost-Europa, Afrika en Latijns-Amerika bestaat een soortgelijke situatie.
12 Hoewel de liefde van de meeste mensen in deze laatste dagen verkoeld is, blijven Gods dienstknechten van hun liefde voor elkaar blijk geven, een liefde die raciale en territoriale grenzen overschrijdt (Matth. 24:12). Laten wij in navolging van onze hemelse Vader deze liefde aan de dag blijven leggen door onze bereidwillige steun aan de bouw van Koninkrijkszalen, zowel in Nederland als in het buitenland. Dat zal Jehovah’s rijke zegen en goedkeuring met zich brengen. — Mal. 3:10; Hebr. 6:10.