Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • km 8/97 blz. 5-6
  • Overzicht voor de theocratische bedieningsschool

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Overzicht voor de theocratische bedieningsschool
  • Onze Koninkrijksdienst 1997
Onze Koninkrijksdienst 1997
km 8/97 blz. 5-6

Overzicht voor de theocratische bedieningsschool

Overzicht met gesloten boek gebaseerd op stof van de theocratische bedieningsschool voor de weken van 5 mei tot en met 18 augustus 1997. Gebruik een afzonderlijk vel papier en beantwoord daarop zoveel mogelijk vragen in de toegestane tijd.

[Opmerking: Tijdens het schriftelijk overzicht mag alleen de bijbel bij het beantwoorden van elke vraag worden gebruikt. De verwijzingen die achter de vragen staan, zijn voor je persoonlijke nazoekwerk. Bij verwijzingen naar De Wachttoren worden misschien niet altijd de bladzijden en paragrafen vermeld.]

Beantwoord elk van de volgende beweringen met goed of fout:

1. Hizkia trad in de voetstappen van zijn vader Achaz, door de aanbidding van valse goden in Juda te bevorderen. [it-1 blz. 1058, 1059]

2. Kenmerken van de laatste dagen staan alleen in Mattheüs 24, Markus 13 en Lukas 21. [kl blz. 102 kader]

3. De vraag van Johannes de Doper in Lukas 7:19 laat zien dat het hem aan geloof ontbrak. [Wekelijks bijbelleesprogramma; zie w87 1/1 blz. 16.]

4. Tijdens Jezus’ laatste Pascha met zijn discipelen was Petrus de enige die tegen hem zei: „Ik zal u geenszins verloochenen.” [Wekelijks bijbelleesprogramma]

5. Niets in de bijbel duidt erop dat de apostel Petrus getrouwd was. [Wekelijks bijbelleesprogramma]

6. Het Koninkrijk waarover Jezus predikte is ondergeschikt aan, of lager dan, Gods universele soevereiniteit. [kl blz. 91 §4]

7. Herodes Antipas was de regeerder die Johannes de Doper liet onthoofden. [it-1 blz. 1041]

8. Toen Jezus tegen de Farizeeën zei dat het koninkrijk Gods in hun midden was, duidde hij op zichzelf als de toekomstige Koning (Luk. 17:21). [kl blz. 91 §6]

9. Er is geen logische verklaring voor waarom de woordenschat in het boek Lukas groter is dan die in de andere drie evangeliën bij elkaar. [si blz. 187 §2]

10. Geen enkel lid van het Besturende Lichaam heeft Oosteuropese landen kunnen bezoeken toen ons werk in dat deel van de wereld verboden was. [jv blz. 506 §1]

Beantwoord de volgende vragen:

11. Welke door het Genootschap in 1954 uitgegeven film gaf toeschouwers over de hele wereld een idee van de omvang van Jehovah’s organisatie? [jv blz. 480 §3]

12. Op welke manieren bieden sommige verkondigers het hoofd aan de uitdaging mensen te vinden om in de bediening mee te spreken? [jv blz. 516 §2-4]

13. Waarom droeg Jehovah Elia op ’Hazaël tot koning over Syrië te zalven’? (1 Kon. 19:15) [it-1 blz. 967]

14. Wat bedoelde Jezus toen hij zei: „Hebt zout in uzelf en houdt vrede onder elkaar”? (Mark. 9:50) [Wekelijks bijbelleesprogramma; zie w85 15/5 blz. 24 §12.]

15. Welke waardevolle les kunnen wij leren uit Jezus’ reactie op de bijdrage van de arme weduwe? (Mark. 12:42-44) [Wekelijks bijbelleesprogramma; zie w87 1/12 blz. 29 §7–blz. 30 §1.]

16. Hoe zijn enkele van Petrus’ karaktertrekken terug te vinden in Markus’ schrijfstijl, en wat kan daar de oorzaak van zijn? [si blz. 182 §5, 6]

17. Waarom kunnen wij, wanneer wij Mattheüs 6:9, 10 met Lukas 11:2-4 vergelijken, concluderen dat het Modelgebed niet bedoeld was om woord voor woord herhaald te worden? [Wekelijks bijbelleesprogramma; zie w90 15/5 blz. 16 §6.]

18. In welk opzicht wordt ons vertrouwen in de betrouwbaarheid van de bijbel versterkt wanneer wij teksten zoals Lukas 3:1, 2 lezen? [si blz. 188 §7]

19. Welke schriftplaatsen in de Psalmen en in Hebreeën tonen aan dat Jezus niet onmiddellijk na zijn hemelvaart begon te regeren? [kl blz. 96 §15]

20. Aangezien wij weten dat Jezus nooit tekortschoot in geloof in God, waarom riep hij dan uit: „Mijn God, mijn God, waarom hebt gij mij verlaten?” (Mark. 15:34) [Wekelijks bijbelleesprogramma; zie w87 15/6 blz. 31.]

Verschaf het woord of zinsdeel dat nodig is om elk van de volgende beweringen te completeren:

21. Het huwelijk tussen Herodes Antipas en Herodias was volgens de joodse wet zowel ․․․․․․․․ als ․․․․․․․․. [it-1 blz. 1046]

22. Mozes vroeg zijn zwager ․․․․․․․․ om voor de natie Israël als ․․․․․․․․ te dienen toen zij van de berg Sinaï naar het ․․․․․․․․ trokken. [it-1 blz. 1061]

23. ․․․․․․․․, de koning van Tyrus, hielp Salomo bij de bouw van de tempel in Jeruzalem door voor ․․․․․․․․ en ․․․․․․․․ te zorgen. [it-1 blz. 1057]

24. Harold King en Stanley Jones werden in 1947 naar ․․․․․․․․ gestuurd, waardoor dat land een van de eerste landen van de Oriënt werd waarheen op de Gileadschool opgeleide zendelingen werden gezonden. [jv blz. 489 §2]

25. Sibia en Light waren namen van ․․․․․․․․ die door zendelingen werden gebruikt om in West-Indië getuigenis te geven. [jv blz. 463 §1]

Kies het juiste antwoord in elk van de volgende beweringen:

26. Om aan de behoefte aan zendelingen te voldoen, werd in (1939; 1943; 1946) de (theocratische bedieningsschool; Koninkrijksbedieningsschool; Gileadschool) opgericht. [jv blz. 458 §3]

27. (Alexander; Diotrefes; Hymeneüs), een afvallige uit de eerste eeuw, leerde blijkbaar dat de opstanding symbolisch was en dat er in de toekomst geen opstanding van de doden zou plaatsvinden. [it-1 blz. 1124]

28. (Herodes Agrippa I; Herodes Antipas; Herodes de Grote) gaf kort na Jezus’ geboorte opdracht tot de moord op jongetjes van twee jaar en jonger. [it-1 blz. 1038]

29. Dat Ismaël de spot dreef met Isaäk, waarvan in Genesis 21:8, 9 melding wordt gemaakt, betekende het begin van een periode van (400; 430; 450) jaar van kwelling van de joden, die eindigde toen Israël in (537; 740; 1513) v.G.T. uit (Assyrië; Babylon; Egypte) werd bevrijd. [it-1 blz. 1161]

30. Zoals in (Mattheüs 10; Mattheüs 24; Lukas 21) staat opgetekend, gaf Jezus specifieke dienstinstructies voor degenen die hij uitzond om te prediken. [si blz. 180 §31]

Zoek bij elk van de onderstaande beweringen de juiste schriftplaats:

Mark. 7:20-23; 13:10; Luk. 8:31; Hand. 12:20-23; 17:11

31. Wij dienen erop bedacht te zijn goddeloze of verderfelijke invloeden te herkennen die onze geest en ons hart zouden kunnen binnendringen, en dienen die te verwijderen voordat ze wortel schieten. [Wekelijks bijbelleesprogramma; zie w89 1/11 blz. 14 §16.]

32. De demonen zullen zich tijdens „de duizend jaar” net als Satan in een toestand van met de dood te vergelijken inactiviteit bevinden (Openb. 20:3). [Wekelijks bijbelleesprogramma]

33. Een geest van dringendheid is nodig wil het wereldomvattende getuigeniswerk in een beperkte tijdsperiode verricht worden. [Wekelijks bijbelleesprogramma; zie w95 1/10 blz. 27.]

34. Tienduizenden mensen hebben door Jehovah’s Getuigen leren lezen en schrijven, waardoor zij de gelegenheid hebben gekregen de bijbel zelf te bestuderen. [jv blz. 466 §2, 3]

35. Mensen moeten ervoor oppassen eer voor zichzelf op te eisen omdat hoogmoed zowel voor God als voor veel mensen zeer weerzinwekkend is. [it-1 blz. 1043; zie ook w94 1/9 blz. 21.]

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen