Vragenbus
● Is het juist om onder de broeders en zusters particuliere informatie over aangelegenheden zoals medische diensten of adviezen op soortgelijke of andere terreinen te laten circuleren?
In verband met christelijk gedrag schreef de apostel Paulus dat de ’gemeente een pilaar en ondersteuning van de waarheid is’ (1 Tim. 3:15). De gemeente dient dus geen kanaal te zijn door middel waarvan particuliere informatie wordt verspreid, hetzij via speciaal voor dat doel belegde vergaderingen in de Koninkrijkszaal of elders, of in de vorm van gedrukte brochures en rondschrijvens of geluids- en videobanden.
De Wachttoren en Ontwaakt! hebben voortreffelijke inlichtingen en raad verschaft over de wijze waarop wij medische problemen moeten aanpakken en Gods wet inzake bloed moeten hoog houden. Ook zijn er artikelen in verschenen over vrees, depressie en andere emotionele problemen. Deze artikelen zijn vervaardigd om inlichtingen te verstrekken. Maar ze spreken zich niet uit ten gunste van bepaalde soorten diagnosestellingen, therapieën, artsen, adviseurs of behandelingsinstituten, aangezien men in deze aangelegenheden persoonlijk moet beslissen. — De Wachttoren, 15 september 1982, blz. 22-30.
Aangezien er veel getuigen van Jehovah zijn, hebben sommige personen, onder wie ook onze broeders en zusters, geprobeerd hun zakelijke aangelegenheden en zienswijzen te bevorderen door artikelen, brochures en bandjes te vervaardigen die gericht zijn tot degenen die zich in de organisatie bevinden. Ze gaan misschien over belangrijke of interessante onderwerpen, maar waarom laat men ze circuleren? Om klanten of afnemers te winnen. Ook al worden sommige ervan niet verspreid om zaken te doen, dan nog bevatten ze misschien persoonlijke zienswijzen die in ’theocratische taal’ gesteld zijn met aanhalingen uit de bijbel. Of de zienswijzen nu van een Getuige afkomstig zijn of niet, ze zijn misschien niet in overeenstemming met de bijbel en de door ouderlingen gegeven schriftuurlijke raad, maar zijn wellicht gebaseerd op filosofie of de elementaire dingen van de wereld. — Kol. 2:8; 1 Tim. 6:20.
Dit heeft tot problemen en verwarring geleid omdat broeders en zusters zo’n particuliere informatie argeloos hebben doorgegeven. Wij allen, vooral de ouderlingen, die met „de getrouwe en beleidvolle slaaf” samenwerken en naar wie wordt opgezien voor leiding, dienen het te willen vermijden zulke moeilijkheden in de hand te werken (Matth. 25:45). En ook dienen wij iemands zakelijke aangelegenheden of denkbeelden en filosofieën niet te bevorderen door zulke informatie onder de broeders en zusters te laten circuleren. — Zie de Vragenbus in Onze Koninkrijksdienst van juli 1977.