Moedig de jongeren onder ons aan
1 Er is een groot percentage jongeren binnen de gemeenten. Deze jonge mensen hebben de aanmoediging van ouderen, en hun hulp om vorderingen te maken, beslist nodig en verdienen dit ook.
2 Jehovah God zelf beziet de jongeren die hem getrouw dienen met grote belangstelling en vreugde (Luk. 18:16). Bedenk hoe hij de jonge Daniël en diens metgezellen zijn steun gaf. Zij werden door een vijandige koning naar een ver verwijderd land gedeporteerd, waar heidendom en nationalisme de overhand hadden. Maar verbraken deze jonge mensen hun rechtschapenheid of bewaarden zij het stilzwijgen aangaande hun geloof in Jehovah’s soevereiniteit? Liet Jehovah hen in de steek? Het bijbelverslag zegt: „En wat deze kinderen, hun vieren, betreft, hun gaf de ware God kennis en inzicht in alle schrift en wijsheid.” Bijgevolg werd het zelfs de koning duidelijk dat de wijsheid die zij bezaten, verre superieur was aan die van alle priesters van Babylon. — Dan. 1:17-20.
3 Wij kunnen er zeker van zijn dat toen deze vier joodse jongens nog thuis waren, hun ouders er speciale zorg aan hebben besteed erop toe te zien dat zij geestelijke kracht verwierven, want de gezinsregeling was een van de belangrijkste kenmerken van het Israëlitische leven. Ouders en andere volwassen leden van de gemeente, helpen jullie de jongeren in jullie midden werkelijke lofprijzers van God te worden? Wat kunnen jullie doen?
4 Aanvaard hun krachtsinspanningen niet als iets vanzelfsprekends. Jonge mensen zijn een ware aanwinst voor gemeenten gebleken. Velen hebben door hun voortreffelijke gedrag de ’leer van onze Redder, God, in alle dingen gesierd’ (Tit. 2:6-10). Hierdoor is aan schoolonderwijzers en anderen een doeltreffend getuigenis gegeven. Jongeren hebben door op congressen een christelijk gedrag aan de dag te leggen, Jehovah verheerlijkt en in de gemeenschap tot groter respect voor Jehovah’s Getuigen bijgedragen. Veel kinderen doen ook goed werk in de velddienst en helpen zelfs anderen hun standpunt voor de waarheid in te nemen. Prijs hen voor het goede dat zij doen.
5 Vraag jezelf af: ’Wanneer heb ik er het laatst de tijd voor genomen met de jongeren in onze Koninkrijkszaal te praten, niet alleen om ze te begroeten maar om oprechte belangstelling voor hen te tonen?’ In je gesprekken met deze jongelui kun je hen helpen zich haalbare doeleinden voor ogen te stellen doeleinden die voor hun leeftijd niet te hoog gegrepen zijn. Bijvoorbeeld het doel om commentaren voor de vergaderingen voor te bereiden, of om er een begin mee te maken de bijbel in het veld te gebruiken of op school aan minstens één persoon per week getuigenis te geven. Velen zijn wellicht in staat in de tijdelijke pioniersdienst te gaan, in het bijzonder tijdens de schoolvakanties.
6 Geef jongelui overeenkomstig hun leeftijd en bekwaamheid dingen in de Koninkrijkszaal te doen, zodat zij beseffen dat zij een erkend, gewaardeerd deel van de gemeente zijn. Zij kunnen ertoe aangemoedigd worden nieuwelingen te verwelkomen en met het onderhoud van de Koninkrijkszaal te helpen door wellicht het terrein schoon te maken en te onderhouden.
7 Onder de jongeren op onze vergaderingen zijn er enkelen wier ouders geen getuigen van Jehovah zijn. Heb je er wel eens over gedacht een vriendschappelijk bezoek aan de ouders van deze jongelui te brengen? Dit zou deze jongelui aanmoedigen, en misschien kun je de ouders helpen een betere houding ten aanzien van de waarheid te verwerven.
8 Ouders dragen natuurlijk in het bijzonder de verantwoording tijd met hun kinderen door te brengen en werkelijke belangstelling voor hun geestelijke groei te tonen. Verwaarloos terwijl je anderen helpt je eigen gezin niet. Je kinderen hebben je nodig om met hen te spreken, om naar hen te luisteren, om belangstelling voor hen te tonen en om hun niet slechts bevelen te geven, maar ook met hen te redeneren. Help hen in te zien hoe de waarheid op alle terreinen van het leven van toepassing is en er werkelijk behagen in te scheppen Jehovah te dienen. Doe dit, en Jehovah zal je helpen je kinderen op de weg ten leven te houden. — Deut. 6:6, 7.
9 Als er plannen voor de velddienst worden gemaakt, zou het goed zijn wanneer ouders en ouderlingen met de jongeren rekening houden, misschien door na schooltijd en ook in de weekeinden gelegenheden voor velddienst te plannen. Als je kunt, werk dan persoonlijk met hen en help hen te leren hoe zij het goede nieuws nog doeltreffender kunnen aanbieden. Als wij hen nu aanmoedigen, zullen zij in de komende dagen zowel Jehovah tot eer strekken als voor ons allen een bron van vreugde zijn.