Verwaarloos de ouderen onder ons niet
1 Vanaf de vroegste tijden zijn de ouderen onder Jehovah’s volk met diepe achting behandeld. Zij werden gerespecteerd wegens de ervaring en kennis die ouderdom met zich brengt en wegens de wijsheid en het gezonde oordeel die hieruit kunnen voortvloeien. Elihu toonde dit respect toen hij zich tot Jobs drie metgezellen richtte (Job 32:6, 7; 12:12). Jehovah, die over zichzelf spreekt als over „de Oude van dagen”, gebood: „Voor het grijze haar dient gij op te staan, en gij moet de persoon van een oud man achting betonen.” — Lev. 19:32; Dan. 7:9.
2 Respect voor ouderdom treedt ook in de christelijke gemeente duidelijk aan de dag. De wijsheid die met het klimmen der jaren van getrouwe dienst komt, kan voor de gehele gemeenschap van broeders een wezenlijke en nuttige bijdrage zijn. Onbeïnvloed door de houding van dit voorbijgaande oude samenstel, zijn wij dankbaar voor de zegeningen de ouderen in ons midden te hebben. De vraag is: Tonen wij dit altijd? Of kan het zijn dat wij, misschien soms onbewust, de ouderen verwaarlozen en zo een grote zegen voor onszelf missen?
3 Wordt de ouderen het gevoel gegeven dat zij welkom zijn op de vergaderingen en worden zij aangemoedigd vrijelijk deel te nemen? Worden er regelingen getroffen om hen te helpen op de vergaderingen te komen en in de velddienst te gaan, zelfs als sommigen van hen niet zo lang als anderen in de groep kunnen mee gaan? Worden zij er ook in betrokken als men persoonlijk iets gezelligs organiseert, misschien een gezamenlijke maaltijd of het genieten van gezellige omgang?
4 Hoe staat het met degenen die om gezondheidsredenen aan huis, bed of een inrichting gebonden zijn? Krijgen zij geregeld bezoek van de ouderlingen en van anderen, zodat zij van het laatste geestelijke voedsel voorzien blijven? Kunnen jongeren worden aangemoedigd zulke gebrekkige personen te helpen met het doen van boodschappen, huishoudelijke werkjes, enz.? Zou jij bereid zijn een ouder iemand die niet meer goed kan zien, uit de bijbel of uit een van de publikaties van het Genootschap voor te lezen? Ouderen zijn er wellicht terughoudend in anderen in verschillende omstandigheden om hulp te vragen, maar ongetwijfeld zullen zij heel dankbaar zijn als hun die hulp geboden wordt.
5 Het is voorgevallen dat ongelovige familieleden de verantwoordelijkheid voor oudere invalide broeders en zusters op zich genomen hebben en hen ver weg in een tehuis of inrichting hebben ondergebracht zonder dat de gemeente dit wist. Dit kan tot akelige en eenzame isolering leiden, tenzij de gemeente iedere krachtsinspanning in het werk stelt om achter de verblijfplaats van dergelijke personen te komen en daarna de dichtstbijgelegen gemeente in kennis stelt van hun behoefte aan christelijke omgang. Ondertussen dient de oorspronkelijke gemeente zoveel mogelijk contact te onderhouden per telefoon, door brieven te schrijven of bezoeken te brengen.
6 Soms kan oud worden stoornissen teweegbrengen die iemands gedrag beïnvloeden, en dit kunnen kwesties worden waaraan in de gemeente aandacht geschonken moet worden. Ouderlingen dienen deze problemen met grote liefde, mededogen en begrip aan te pakken, en niet ruw of onvriendelijk te handelen (1 Tim. 5:1). In tijden dat onze oudere broeders en zusters ernstig ziek of behoeftig zijn, moeten zij weten dat de gemeente zich van hun situatie bewust is; dat ze klaar staat om hun hulp te verlenen en werkelijk waardering heeft voor deze gelegenheid liefde voor hen tot uitdrukking te brengen.
7 Er dient altijd voor te worden gezorgd dat Jehovah’s oudere dienstknechten de liefde, waardering en het respect van de gemeente voelen. Laten wij hun, in plaats van hen te verwaarlozen zoals de wereld dit vaak doet, waardigheid en eer toekennen en aldus de liefdevolle zienswijze van onze hemelse Vader weerspiegelen. — Spr. 16:31.