Brief van het bijkantoor
Geliefde broeders en zusters,
Meeslepend, opwindend, aangrijpend! Dit zijn maar enkele uitdrukkingen van degenen die de drama’s op het congres zagen. Eén broeder zei: „Ik geloof niet dat er maar één in de zaal is geweest die niet ten minste een brok in zijn keel heeft moeten wegslikken.” Inderdaad, hier is niets aan miszegd. Hebben de drama’s niet rechtstreeks tot ons hart gesproken? Herinneren jullie je het slot nog van het drama: „Wie zal ontkomen en staan voor het aangezicht van de Zoon des mensen?” Hier komt een gedeelte van dat slot:
„Broeders en zusters, wij bevinden ons in dezelfde situatie. Er bestaat thans geen twijfel over dat de tijd voor de vernietiging van de christenheid, te zamen met de rest van deze wereld nabij is. Het is dringend. Precies hoe dichtbij weten wij niet. Maar wat belangrijker is: Hebben wij werkelijk liefde voor de waarheid? Tonen wij er waardering voor door onze liefde voor Jehovah’s naam, zijn gemeente, de omgang daarmee en het werk dat de gemeente doet?” Herinner jij je het nog?
Precies hoe dichtbij weten wij niet. Maar . . . hoe staat het er nú met jou voor wat geestelijke gezindheid betreft? Tot welk deel van de gemeente behoor je? Tot het deel dat van maand tot maand hulp nodig heeft en dat er steeds aan herinnerd moet worden vergaderingen te bezoeken? Of behoor jij tot het deel dat anderen helpt door het voorbeeld dat je stelt door zoveel mogelijk in de dienst te staan, zo mogelijk zelfs vaak in de tijdelijke pioniersdienst te zijn, alle vergaderingen te bezoeken? Tot welk deel zou je willen behoren? Wie denk jij zal de meeste kans maken de „grote verdrukking” te overleven? Ach, je weet het antwoord, niet waar?
Mogen wij jullie allen er daarom heel sterk toe aanmoedigen jullie positie voor het aangezicht van de Zoon des mensen sterk te maken door altijd in overeenstemming met het maandthema te leven en grote waardering te hebben voor de gave van het Koninkrijkswerk. — Kol. 3:23.
Jullie broeders op het
BIJKANTOOR IN AMSTERDAM
[Inzet op blz. 1]
Waardeer de gave van het Koninkrijkswerk