Vragenbus
● Is het juist dat een echtpaar hun huiselijke problemen onder de aandacht van een rechterlijk comité brengt?
Als een echtpaar bepaalde problemen heeft, dienen zij te proberen deze problemen zelf in overeenstemming met de raad van Gods Woord op te lossen. Als zij echter hiertoe niet in staat zijn en het om een ernstig probleem gaat, zou het juist zijn dat een van hen (of zij beiden) met de oudere mannen van het rechterlijke comité gaat spreken. — Zie Matthéüs 18:15-17.
Er zou bijvoorbeeld sprake zijn van een ernstig huiselijk probleem wanneer een man zijn vrouw slaat en haar lichamelijk letsel toebrengt. Een christen dient niet iemand te zijn die slaat (1 Tim. 3:3; Tit. 1:7). Christenen dienen de vruchten van de geest voort te brengen, waartoe onder andere zelfbeheersing en vrede behoren (Gal. 5:22, 23). De man dient zijn vrouw lief te hebben als zichzelf. — Ef. 5:28, 29; Kol. 3:19; zie ook 2 Timótheüs 2:24 en 1 Petrus 3:7.
Als de bewijzen te kennen geven dat er van ernstig gewelddadig optreden sprake is, zou het rechterlijk comité de kwestie onderzoeken om na te gaan wat tot de mishandeling van de vrouw geleid heeft en om aan beide partijen schriftuurlijke raad te geven in een poging de vrede te herstellen. Het kan zijn dat zij het nodig achten verder te gaan dan het geven van raad; misschien zal de man privé of in het openbaar terechtgewezen moeten worden. Als blijkt dat een man het tot een gewoonte heeft gemaakt zijn vrouw te slaan — daarmee te kennen gevend dat hij geen zelfbeheersing bezit en onbeheerst is (2 Tim. 3:3) — en hij geen gehoor geeft aan de schriftuurlijke raad die hem door de oudere mannen in de gemeente werd gegeven, kan deze man uitgesloten worden.
Indien de mishandelde vrouw dan besluit een rechtszaak tegen haar uitgesloten man aan te gaan, in de mening dat dit noodzakelijk is om zichzelf tegen gewelddaad te beschermen, zou dit niet in strijd zijn met de raad die in 1 Korinthiërs 6:1-6 opgetekend staat.
Er kan een overeenkomstige handelwijze gevolgd worden als er bij de oudere mannen een klacht wordt ingediend dat een lid van de gemeente wel in staat maar niet bereid is om in overeenstemming met 1 Timótheüs 5:8 in de levensbehoeften van zijn gezin te voorzien.
Het rechterlijke comité van de gemeente dient niet de persoonlijke, privé-gezinsaangelegenheden van anderen te bespioneren; maar wanneer personen hun om raad komen vragen, dragen zij een ernstige verantwoordelijkheid de kwestie in overeenstemming met de Schrift te beoordelen en de goede naam van de gemeente te beschermen. Wanneer er een geval onder hun aandacht wordt gebracht, dienen zij een dergelijke zaak grondig te behandelen en later na te gaan of de raad die zij gegeven hebben, wordt opgevolgd en of er de nodige vooruitgang gemaakt wordt. De oudere mannen trachten dingen recht te zetten die onvolkomen zijn, met inbegrip van ernstige huiselijke problemen die onder hun aandacht gebracht worden. — Tit. 1:5.