De ijverige christenen van Groot-Brittannië
Nog geen 10 procent van de 56 miljoen inwoners van Groot-Brittannië bestaat momenteel uit ijverige christenen, zo zegt The Economist. Op een doorsneezondag gaan minder dan vier miljoen mensen naar de kerk. Van hen zijn slechts 1,1 miljoen personen anglicaans. Maar ondanks het wijdverbreide agnosticisme houdt de Anglicaanse Kerk vast aan haar gevestigde rol van staatsreligie. „Groot-Brittannië is al jaren geen christelijke gemeenschap meer, maar weigert toe te geven aan agnosticisme, voornamelijk uit nostalgie”, beweert hetzelfde weekblad. Geen wonder dat hedendaagse politici en kranten vragen om een scheiding tussen Kerk en Staat.
„Een wereld die in werkelijkheid niet-kerkelijk is en beweert christelijk te zijn, is de ergste wereld”, klaagde Walter Bagehot, de negentiende-eeuwse redacteur van The Economist. Maar in de eerste eeuw G.T. zei Jezus Christus dat zijn discipelen ’geen deel van de wereld waren, evenals hij geen deel van de wereld was’ (Johannes 17:16). Hij zond hen echter in de wereld uit om Gods koninkrijk te prediken. Zo staan ook Jehovah’s Getuigen in deze tijd over de hele wereld bekend om hun ijverige prediking „in het openbaar en van huis tot huis”. — Handelingen 20:20.
De 126.173 Getuigen in Groot-Brittannië zijn in vergelijking met de anglicanen klein in aantal. Toch besteden zij ongeveer twintig uur per maand aan het bijwonen van christelijke vergaderingen. Bovendien besteedde elke Getuige er in 1992 gemiddeld nog eens zestien uur per maand aan om het goede nieuws van Gods koninkrijk, de regering die binnenkort een rechtvaardige nieuwe wereld tot stand zal brengen, aan anderen bekend te maken (Mattheüs 24:14; 2 Petrus 3:13). Zult u de eerstvolgende keer dat Jehovah’s Getuigen bij u aan de deur komen, luisteren naar hun kenmerkende boodschap en ontdekken wat de reden voor hun ijver is?