Kunt u zich dit herinneren?
Hebt u zorgvuldig aandacht geschonken aan de afgelopen uitgaven van De Wachttoren? Zo ja, dan zult u het waarschijnlijk interessant vinden u het volgende te binnen te roepen:
◻ Hoe helpt het bijbelse verslag van Jehovah’s oorlogen ons de „grote verdrukking” met vertrouwen tegemoet te zien? (Mattheüs 24:21)
Jehovah, die de situatie altijd meester is, heeft getoond dat hij een strategie kan uitdenken die superieur is aan die van zijn vijanden en dat hij omstandigheden kan manoeuvreren om zijn volk te redden. — 15/8, blz. 27.
◻ Waartoe moeten ouders bereid zijn om de communicatie tussen zichzelf en hun kinderen open te houden?
Ouders moeten tijd met hun kinderen doorbrengen. Ook moeten zij bereid zijn offers te brengen ten behoeve van hun kinderen met het oog op hun mentale, fysieke en geestelijke groei. — 1/9, blz. 22.
◻ Welke betekenis heeft Jezus’ transfiguratie voor ons in deze tijd? (Markus 9:2-4)
De transfiguratie kan ons geloof opbouwen in Jehovah’s profetische woord en ons geloof in Jezus Christus als Gods Zoon en de beloofde Messias versterken. Ook kan ze een ondersteuning vormen voor ons geloof in Jezus’ opstanding tot geestelijk leven en ons geloof in Gods regering versterken. — 15/9, blz. 23.
◻ Wat is de betekenis van „een poosje” in Jesaja 11:6?
Een zorgvuldige weergave van dit vers toont aan dat de wolf en het lam zich in de nieuwe wereld niet voortdurend bij elkaar in de buurt zullen bevinden. Waarschijnlijk zullen zulke dieren nog steeds onderscheiden habitats, woongebieden, hebben en aldus onder de categorieën ’huisdieren en wild gedierte’ vallen, zoals in het oorspronkelijke paradijs het geval was (Genesis 1:24). De dieren zullen echter in vrede met elkaar verkeren en zich zonder risico bij elkaar in de buurt kunnen bevinden. — 15/9, blz. 31.
◻ Wat is de sleutel tot waar christendom?
Liefde is de sleutel tot waar christendom. Geloof, werken en juiste omgang zijn onontbeerlijk, maar zonder liefde hebben ze geen werkelijke waarde. Dit is zo omdat Jehovah in de eerste plaats een God van liefde is (1 Korinthiërs 13:1-3; 1 Johannes 4:8). — 1/10, blz. 20.
◻ Ondersteunt de uitdrukking „een tijd voor geboorte en een tijd om te sterven” in Prediker 3:2 de gedachte dat God de tijd van onze dood van tevoren heeft bepaald?
Nee. Salomo besprak eenvoudig de ononderbroken cyclus van leven en dood waaraan de onvolmaakte mensheid onderworpen is. In Prediker 7:17 staat: „Wees niet al te goddeloos, en word niet dwaas. Waarom zoudt gij sterven als het uw tijd niet is?” Wat voor zin zou deze raad hebben als de tijd van iemands dood van tevoren was bepaald? — 15/10, blz. 5, 6.
◻ Wat pleit tegen de bewering dat Petrus de eerste bisschop van Rome was?
Er is geen bewijs dat Petrus ooit de stad Rome heeft bezocht; ook heeft Petrus zichzelf altijd alleen maar een van Christus’ apostelen genoemd (2 Petrus 1:1). — 15/10, blz. 8.
◻ Is het juist wanneer christenen in verband met een begrafenis bloemen sturen?
Indien algemeen bekend is dat een gewoonte (of een bepaald motief, zoals het kruis) in iemands omgeving een religieuze betekenis heeft, moet ze vermeden worden. Christenen zullen daarom geen bloemen sturen in de vorm van een kruis en zullen bloemen niet gebruiken op een formele manier waaraan onmiskenbaar een religieuze betekenis vastzit. Tegenwoordig is de gewoonte om zonder religieuze connecties bloemen te geven, in veel landen echter wijdverbreid. Sommige christenen hebben bloemen gestuurd om een droevige gelegenheid wat op te fleuren en om van medeleven en betrokkenheid blijk te geven. — 15/10, blz. 31.
◻ Wat maken officiële definities duidelijk omtrent de Drieëenheid?
Ze maken duidelijk dat de leer van de Drieëenheid niet een enkelvoudig begrip is. Ze is veeleer een complex samenstel van begrippen die in de loop van verscheidene eeuwen zijn bijeengebracht en met elkaar zijn verweven. Veel geleerden, met inbegrip van trinitariërs, geven toe dat de leer van de Drieëenheid feitelijk niet in de bijbel voorkomt. — 1/11, blz. 21, 22.
◻ Waarom is 29 G.T. een sleuteldatum in de bijbelse geschiedenis?
Omdat bijbelstudenten, door nauwkeurige bijbelse inlichtingen te koppelen aan de wereldlijke datering van Tiberius’ regering, kunnen berekenen dat Johannes’ bediening in het voorjaar van 29 G.T. begon en dat Jezus zes maanden later, in het najaar van 29 G.T., door Johannes werd gedoopt. — 15/11, blz. 31.
◻ Wat betekende „aanbidding” voor Hebreeuwssprekende mensen, en hoe is dit van toepassing op Jehovah’s Getuigen in deze tijd?
Het Hebreeuwse equivalent van het woord „aanbidding” kan met „dienst” vertaald worden. In de geest van de Hebreeën betekende aanbidding derhalve dienst. Dat betekent het ook voor Jehovah’s volk in deze tijd, en een heel belangrijk kenmerk van de ware religie is dan ook de godvruchtige predikingsdienst. — 1/12, blz. 19.