’Vol lasterlijke namen’
HET bijbelboek Openbaring beschrijft een visioen van „een scharlakengekleurd wild beest . . ., dat vol was van lasterlijke namen”. Het bestaat een tijdlang, en gaat dan in een afgrond waaruit het later weer opstijgt (Openbaring 17:3, 8). Op de bladzijden van dit tijdschrift is dit scharlakengekleurde beest herhaaldelijk vereenzelvigd met in eerste instantie de Volkenbond en vervolgens met zijn opvolgster, de organisatie der Verenigde Naties. Maar waarom wordt er van dit scharlakengekleurde beest gezegd dat het „vol was van lasterlijke namen”?
Het eerste ontwerp van het handvest van de Volkenbond, gebaseerd op gezamenlijke Britse en Amerikaanse voorstellen, werd op 14 februari 1919 gepubliceerd. De volgende dag kon men in een redactioneel artikel van de Londense Times lezen: „Het is een reden tot gerechtvaardigde trots om in het handvest zoveel van het werk van Engelsen terug te vinden. . . . Wij zijn zo vrij om te zeggen dat het [handvest] het belangrijkste internationale document is dat ooit is gepubliceerd.” George Thayer, een predikant van de First Congregational Church van Cincinnati in de Verenigde Staten, beschreef het als „de verhevenste afkondiging van de wil en het verlangen van de verlichte bevolking op aarde die ooit op papier gezet is”. Ook van de zijde van de buitenlandse pers kwam lof. „Het is geen bijbel”, werd in de Franse krant L’Homme Libre gezegd, „maar het is tot meer in staat, aangezien noch de bijbel noch enige evangelist mensen er ooit van heeft weerhouden elkaar te doden. Idealisme wordt werkelijkheid.” In het Franse nieuwsblad Victoire werd het beschreven als „de grootste collectieve krachtsinspanning die sinds het begin van de wereld is gedaan om billijkheid en recht op aarde te vestigen”.
Na de oprichting van de Volkenbond schreef generaal Jan Smuts, die er als een van de vertegenwoordigers van Groot-Brittannië aan had meegewerkt: „Het verdrag behoort tot de grote creatieve documenten van de menselijke geschiedenis. . . . Het moet slagen, aangezien er voor de toekomst van de beschaving geen andere weg openstaat. . . . Eén voor één zullen de volken die nog niet in het verdrag zijn opgenomen, zich achter deze banier scharen waaronder het mensdom naar triomfen van vreedzame organisatie en prestaties zal voortmarcheren.”
Al zulke verwachtingen werden de bodem ingeslagen toen in 1939 de Tweede Wereldoorlog uitbrak. De Volkenbond bleef in gebreke. Hij was slechts een menselijke organisatie, samengesteld uit onvolmaakte mensen. En dit geldt ook voor zijn opvolgster, de organisatie der Verenigde Naties. Toch werd ze op de dag dat het handvest van de VN werd ondertekend, in een redactioneel artikel in The New York Times „de vredesboom” genoemd, waarna werd opgemerkt: „Er zijn grootse verwachtingen ontstaan . . . Er staan wellicht grootse dingen te gebeuren.” Evenzo hebben kerkleiders de VN „de enige hoop” op vrede en „de laatste hoop” genoemd.
Het is godslasterlijk om aan menselijke organisaties dingen toe te schrijven die alleen door Gods koninkrijk tot stand gebracht zullen worden. Daarom voorzegt de bijbel dat de Verenigde Naties na een kort bestaan „de vernietiging tegemoet” zullen gaan. Alleen Gods volmaakte hemelse regering kan de mensheid blijvende vrede schenken. — Openbaring 17:11, 12; Jesaja 9:6, 7; Daniël 2:44.