Koninkrijksverkondigers brengen verslag uit
Ervaringen uit Tuvalu
HET goede nieuws van het Koninkrijk wordt op de prachtige eilanden van Tuvalu, in het zuiden van de Grote Oceaan, gepredikt en er is zelfs aan mensen in hooggeplaatste posities een goed getuigenis gegeven. Een Australische broeder die met zijn vrouw in de reizende dienst is in Tuvalu, vertelt ons wat hij heeft meegemaakt:
„Mijn vrouw en ik werden uitgenodigd voor een diner in het huis van de premier van Tuvalu. De maaltijd werd aangeboden ter gelegenheid van het bezoek van de minister van Buitenlandse Zaken van Australië. Tijdens het diner hadden mijn vrouw en ik een fijne gelegenheid om zowel aan de Australische minister als aan zijn vrouw getuigenis te geven. Toen de premier ons introduceerde, maakte hij melding van het prachtige werk dat Jehovah’s Getuigen in Tuvalu doen, vooral met betrekking tot de vertaling van onze lectuur in het Tuvaluaans. ’Ik heb al hun publikaties in mijn boekenkast, en ze zijn schitterend!’ zei hij. Zowel de minister als zijn vrouw vonden het interessant over de vooruitgang van ons werk in Tuvalu te horen.
Later op de avond waren wij aanwezig bij de opvoering van plaatselijke traditionele dansen. Hierna benaderde de gouverneur-generaal van Tuvalu ons en vertelde ons dat enkele Getuigen zijn residentie de week daarvoor hadden bezocht en enkele exemplaren van de tijdschriften De Wachttoren en Ontwaakt! hadden achtergelaten. Hij had op de achterkant van een van de tijdschriften een advertentie voor de Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift opgemerkt en wilde weten hoe hij plaatselijk een exemplaar kon krijgen. Wij zeiden dat wij hem graag een exemplaar wilden geven. De volgende zondag ging ik met de bijbel naar zijn residentie en hadden wij een fijn gesprek van ongeveer een uur. Hij zei dat hij ons werk en onze publikaties zeer waardeerde. Trouwens, toen wij hem thuis bezochten, was zijn vrouw het Eeuwig leven-boek in het Tuvaluaans aan het lezen. Wij waren dus blij enkelen ’die een hoge positie bekleden’ getuigenis te kunnen geven.” — 1 Timótheüs 2:1-4.
Bij een andere gelegenheid bezocht de premier van Tuvalu de Solomon Islands. De gemeenschap van Tuvaluanen die daar woont, gaf ter ere van hem een banket. Tot de genodigden behoorde ook een zuster, die naderhand de volgende ervaring vertelde:
„Aan het einde van het banket stelde de premier de aanwezigen in de gelegenheid vragen te stellen over de laatste ontwikkelingen in Tuvalu. Eén van de gestelde vragen luidde: ’Zijn er ook nieuwe religies gekomen in Tuvalu?’ De premier antwoordde dat ’enkele nieuwe religies in Tuvalu zijn toegelaten, maar slechts één goede’. Toen de vraag werd gesteld welke religie dat was, antwoordde hij: ’Jehovah’s Getuigen.’
Iedereen was verbaasd over zijn antwoord, en de voor de hand liggende vraag rees waarom Jehovah’s Getuigen de ’enige goede religie’ vormden. Hij zei: ’Omdat onze geestelijken de hele dag thuis zitten en alleen op zondag de klok luiden om ons uit te nodigen naar hen te komen luisteren. Maar Jehovah’s Getuigen zijn anders en komen naar u toe, en ook al gaat u niet naar de kerk, dan zullen zij u in uw eigen huis in de bijbel onderwijzen.’”
Dus ook al hebben sommigen kritiek op onze van-deur-tot-deurbediening, anderen zijn er klaarblijkelijk mee ingenomen dat wij de boodschap helemaal bij hen thuis brengen. — Handelingen 5:42.