De voortplanting van leven — Door evolutie of schepping?
„VERBAZINGWEKKEND complex.” Zo beschrijft het tijdschrift Science News de voortplantingsorganen van de vrouw. Maar een eicel uit de eierstokken van een vrouw kan niet uit zichzelf leven voortbrengen. Wil dit gebeuren, dan moet een zaadcel uit het mannelijke voortplantingsapparaat versmelten met de celkern van de eicel. Maar wat doet het mannelijke zaad, waardoor het eitje zich kan ontwikkelen? Die vraag stelt geleerden nog steeds voor een raadsel.
Het geloof in de evolutie doet nòg een vraag rijzen: Indien de mannelijke en de vrouwelijke voortplantingsorganen zijn geëvolueerd, hoe heeft het leven zich dan voortgeplant voordat beide volledig waren gevormd?
Bij de voortplanting zijn nog meer wonderen betrokken. Het genetische materiaal in een bevruchte eicel kan alleen maar met behulp van een microscoop gezien worden. Toch vertegenwoordigt het „enorme bibliotheken vol inlichtingen”, zoals de professoren Frair en Davis het in hun boek A Case for Creation uitdrukken. „Er is geen ander voorbeeld van miniaturisatie dat hier in de verste verte mee te vergelijken is”, voegen zij hieraan toe. Deze microbibliotheek leidt de groei van alle lichaamsdelen, met inbegrip van zulke details als de kleur van de ogen en het haar.
Kort na de bevruchting deelt de cel zich in tweeën, de twee worden vier, enzovoort, totdat er onnoemelijk veel cellen zijn. Bij celdeling is het dupliceren en rangschikken van miljoenen moleculen betrokken. Celdeling is zo iets als een fabriek die zich automatisch opsplitst in twee afzonderlijke vestigingen — compleet met identieke machines die hetzelfde produkt vervaardigen — en dit vermenigvuldigingsproces steeds weer opnieuw doormaakt. Verder gebeurt er nòg iets verbazingwekkends.
Er beginnen zich verschillend gevormde cellen te ontwikkelen — zenuwcellen, spiercellen, huidcellen en alle andere soorten van cellen waaruit het menselijk lichaam bestaat. De celdifferentiatie is een mysterie. Dit geldt ook voor de samenvoeging van cellen. „Niemand kan met zekerheid zeggen”, zegt Science Digest, „waarom bepaalde cellen zich samenvoegen om een nier te vormen terwijl andere zich samenvoegen om een lever, enzovoort, te vormen.” Uiteindelijk bereikt het menselijk lichaam de volledige wasdom en is het samengesteld uit ongeveer 100.000.000.000.000 cellen.
Volgens de evolutietheorie heeft het menselijk leven zich uit eenvoudige micro-organismen ontwikkeld. Maar in tegenstelling tot wat bij mensen het geval is, zijn de meeste micro-organismen uit slechts één ouder voortgekomen. Ze vermenigvuldigen zich onafhankelijk van een tweede organisme. Hoe zou deze voortplantingsvorm zich hebben kunnen ontwikkelen tot de ingewikkelder vorm waarbij twee ouders betrokken zijn? Evolutionisten hebben er moeite mee deze vraag te beantwoorden, zoals blijkt uit de opmerkingen in het kader op de vorige bladzijde.
Deze grote sprong wordt nonchalant beschreven als „de uitvinding van de geslachtelijke voortplanting”. Maar sommige geleerden hebben de moed hier bezwaar tegen aan te tekenen. Professor Jaap Kies, verbonden aan de Universiteit van West-Kaap (Zuid-Afrika), beschrijft deze uitleg als een „waanzinnige speculatie”.
Er is slechts één bevredigende verklaring voor de voortplanting. Ze vormt een gave van de alwijze Schepper, Jehovah God. De bijbel zegt in dit verband: „Elke goede gave en elk volmaakt geschenk komt van boven.” — Jakobus 1:17.
[Kader op blz. 3]
Wat evolutionisten over de voortplanting toegeven
„Wij zijn zelfs op geen stukken na op de hoogte van de uiteindelijke oorzaak van geslachtelijkheid; waarom nieuwe wezens voortgebracht zouden moeten worden door de vereniging van de twee geslachtelijke elementen, in plaats van door een proces van parthenogenese [voortplanting waarbij slechts één ouder betrokken is] . . . Het gehele onderwerp is tot nu toe in duisternis gehuld.” — Charles Darwin, 1862.
Met betrekking tot Darwins zienswijze wordt in Science News van 8 september 1984 gezegd: „Hij zou thans geschreven kunnen hebben.”
„Dit boek”, zo vermeldt professor George C. Williams in het voorwoord van Sex and Evolution, „is geschreven vanuit de overtuiging dat het overheersen van de geslachtelijke voortplanting bij hogere planten en dieren niet te rijmen valt met de huidige evolutietheorie.”
In zijn boek The Evolution of Sex verschaft professor John Maynard Smith „een ontwerp voor de oorsprong van geslachtelijkheid” en noemt dit „het beste ontwerp dat ik kan bieden”. Tot besluit zegt hij: „Ik kan niet pretenderen al te veel vertrouwen in deze uitleg te hebben.”
„Geslachtelijkheid vormt het allergrootste probleem in de evolutionaire biologie. . . . Het schijnt dat enkele van de meest fundamentele vragen in de evolutionaire biologie vrijwel nooit zijn gesteld . . . De belangrijkste vraag, die niet over het hoofd gezien kan worden en altijd weer de kop opsteekt, is: waarom geslachtelijkheid?” — The Masterpiece of Nature, door professor Graham Bell.