Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w86 1/2 blz. 29
  • Jehovah’s oog ’bleek op de oudere mannen te zijn’

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Jehovah’s oog ’bleek op de oudere mannen te zijn’
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1986
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1986
w86 1/2 blz. 29

Jehovah’s oog ’bleek op de oudere mannen te zijn’

OUDERLINGEN in deze tijd moeten dikwijls beslissingen nemen waarvoor hun kennis en ervaring schijnbaar ontoereikend zijn. Beschouw echter eens een situatie waarmee enige joodse ouderlingen in de dagen van Ezra werden geconfronteerd.

Na de terugkeer van het joodse overblijfsel uit Babylon ontstond er een zestienjarige periode van inactiviteit. De profeten Haggaï en Zacharia slaagden erin de joden uit hun apathie wakker te schudden, en de herbouw van Jehovah’s tempel werd weer ter hand genomen. Weldra echter kwamen Perzische ambtenaren tegen dit werk in het geweer. „Wie heeft voor u een bevel uitgevaardigd om dit huis te bouwen?” vroegen de tegenstanders. — Ezra 5:1-3.

Het antwoord op deze vraag kwam er nauwkeurig op aan. Als de ouderlingen zich lieten intimideren, zou de restauratie van de tempel abrupt tot stilstand komen. Joegen de ouderlingen deze ambtenaren tegen zich in het harnas, dan zou er onmiddellijk een verbod op het werk gelegd kunnen worden. Daarom formuleerden de ouderlingen (ongetwijfeld onder leiding van stadhouder Zerubbábel en hogepriester Jesua) een tactvol maar doeltreffend antwoord. Zij herinnerden de ambtenaren aan het reeds lang in vergetelheid geraakte decreet van Cyrus, waarbij de joden koninklijke toestemming was verleend om dit werk uit te voeren. Deze ambtenaren, die op de hoogte waren van het Perzische principe nooit een uitgevaardigde wet te herroepen, verkozen wijselijk niet het risico te lopen zich tegen een koninklijk bevel te verzetten. Daarom mocht het werk worden voortgezet totdat koning Daríus later zijn officiële toestemming gaf! — Ezra 5:11-17; 6:6-12.

Was dit verbluffende resultaat aan menselijke wijsheid te danken? Integendeel, Ezra’s verslag zegt: „Het oog van hun God bleek op de oudere mannen van de joden te zijn” (Ezra 5:5). Het is duidelijk dat Jehovah zowel hun antwoord als de gunstige reactie van de Perzische koning had geleid. Christelijke ouderlingen in deze tijd kunnen eveneens naar Jehovah opzien voor leiding en steun wanneer zij met moeilijke beslissingen worden geconfronteerd of met tegenstanders te maken hebben. In Psalm 32:8 geeft Jehovah de verzekering: „Ik zal u inzicht schenken en u onderrichten in de weg die gij dient te gaan. Ik wil raad geven met mijn oog op u.”

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen