Religieuze opleving?
„Uit Gallup-onderzoeken blijkt dat meer Amerikanen vinden dat godsdienst belangrijk voor hen is dan bij soortgelijke enquêtes vijf jaar geleden”, bericht The New York Times. Het artikel vervolgt: „Op elk door Gallup onderzocht punt beweren Amerikanen conventionele theologische overtuigingen aan te hangen.” Het totale aantal kerklidmaten is ook toegenomen. Maar is dit werkelijk een religieuze opleving? „Hoewel wij duidelijk een religieus land zijn,” aldus George Gallup Jr., „blijkt religie in het leven van velen niet centraal te staan. Van religieuze binding is nauwelijks sprake.” Bovendien bleek er bij een vergelijking van kerklidmaten en niet-lidmaten maar weinig verschil in de persoonlijke moraliteit te zijn. „In beide groepen”, zegt de Times, „bleek men aanzienlijk af te wijken van de traditionele christelijke morele maatstaven.”
Hoewel sommige commentators toegeven dat er sprake is van een religieus ontwaken, constateren zij ernstige leemten. „Het heeft geen opleving van de ethische onwrikbaarheid of van de studie van de bijbel uit ethische overwegingen teweeggebracht”, zegt professor Timothy Smith, kerkhistoricus aan de Johns Hopkins Universiteit. „Zonder dat kunnen veel mensen menen geestelijk gezind te zijn en zich desondanks overgeven aan hun wereldse hunkering naar rijkdom, macht en succes. Zij kunnen beweren godsdienstig te zijn zonder dit van invloed te laten zijn op het ethische aspect van hun leven.” Zoals Jezus uiteenzette, ’eren zulke mensen God met hun lippen maar is hun hart ver van hem verwijderd’. Louter lippendienst behaagt de Schepper echter niet. Zulke aanbidding is, zo zegt hij, „tevergeefs” (Matthéüs 15:8, 9). Wat veeleer wordt verlangd, is dat men zijn leven aan God opdraagt en Hem met zijn hele hart, ziel, verstand en kracht liefheeft (Markus 12:30). Ja, God zoekt degenen die hem „met geest en waarheid” zullen aanbidden. — Johannes 4:23, 24.