Bent u werkelijk op zoek naar waar geloof?
BENT u werkelijk op zoek naar de waarheid, speurt u ernaar? Waarschijnlijk zult u antwoorden: „Ja natuurlijk!”
Maar veel mensen zijn niet werkelijk op zoek naar de waarheid. Menigeen zal in feite niet eens willen geloven. Waarom zou iemand niet willen geloven dat God bestaat en dat de bijbel, met zijn geweldige beloften voor de toekomst, zijn wonderbaarlijke Woord is?
Voor sommigen zou het aanvaarden van deze feiten betekenen dat zij veranderingen in hun levensstijl moeten aanbrengen. Omdat zij hun leven niet in overeenstemming wensen te brengen met Gods wegen, moeten zij twijfels en bezwaren verzinnen om zichzelf ervan te overtuigen dat de bijbel niet waar is.
Zelfs sommige personen in de christelijke gemeente zouden zo kunnen zijn. De waarheid klinkt hun goed in de oren, maar zij houden in het geheim misschien nog vast aan een gewoonte waarvan zij weten dat Gods Woord die verbiedt. Daarom geven zij zich niet volledig of drijven langzaam af. De bijbel zegt: „Omdat sommigen hun geweten onderdrukt hebben, heeft hun geloof schipbreuk geleden.” — 1 Timótheüs 1:19, Groot Nieuws Bijbel.
Toen Jezus Christus op aarde was, ergerden velen zich aan de waarheid. Omdat zij de dingen op hun eigen manier wilden doen, weigerden zij deugdelijke bewijzen te aanvaarden. Door vroegere profetische uitspraken te citeren liet Jezus uitkomen dat hun hart niet ontvankelijk was. Zij hadden hun ogen en oren toegesloten ’opdat zij nimmer met hun ogen zouden zien en met hun oren zouden horen en met hun hart begrip ervan zouden krijgen en zouden terugkeren’. Dit was de reden waarom zij niet geestelijk gezond gemaakt konden worden. — Matthéüs 13:14, 15.
Zulk soort mensen zegt misschien eenvoudig dat de dingen niet duidelijk gemaakt zijn. Sommigen die tegen Jezus gekant waren, vroegen hem: „Hoe lang houdt gij onze ziel nog in spanning? Indien gij de Christus zijt, zeg het ons dan ronduit.” Maar het was niet Jezus’ schuld dat zij het niet begrepen; het was hun eigen schuld. Jezus antwoordde: „Ik heb het u gezegd, en nochtans gelooft gij niet. De werken die ik in de naam van mijn Vader doe, die leggen getuigenis over mij af. Maar gij gelooft niet, omdat gij niet tot mijn schapen behoort.” — Johannes 10:24-26.
Als iemand de waarheid niet wil horen en er geen begrip van wil krijgen en niet wil terugkeren om gezond gemaakt te worden, zal Satan de Duivel zijn voordeel doen met dat feit. Satan verblindt „de geest van de ongelovigen . . . opdat het verlichtende licht van het glorierijke goede nieuws over de Christus, die het beeld van God is, niet zou doorschijnen”. — 2 Korinthiërs 4:4; zie ook Matthéüs 13:10-15.
Betekent dit dat er geen hoop op is dat men het goede nieuws kan horen en begrijpen? Natuurlijk betekent het dat niet! Het betekent alleen dat veel afhangt van uzelf, de hoorder.
Wat de bijbel zegt, heeft de klank der waarheid als u werkelijk op zoek bent naar waar geloof. De trotse en hooghartige religieuze leiders, die niet wilden luisteren, waren tegen Jezus gekant. Maar hoe stond het met de menigte? Nu, die ’stond versteld over zijn manier van onderwijzen’! Zelfs de beambten die waren gestuurd om hem te arresteren, kwamen terug met het bericht: „Nooit heeft iemand anders op deze wijze gesproken.” — Matthéüs 7:28; Johannes 7:46.
Als u op zoek bent naar de waarheid, speurt naar Gods weg en bereid bent zijn Woord in uw leven toe te passen, zult u waar geloof vinden. Jezus heeft gezegd: „Gelukkig zijn zij die hongeren en dorsten naar rechtvaardigheid, want zij zullen verzadigd worden.” „Ik ken mijn schapen en mijn schapen kennen mij.” „Mijn schapen luisteren naar mijn stem, en ik ken ze, en zij volgen mij.” „Een ieder die aan de zijde van de waarheid staat, luistert naar mijn stem.” — Matthéüs 5:6; Johannes 10:14, 27; 18:37.
Geloof is een vrucht die wordt voortgebracht door Gods heilige geest (Galáten 5:22, 23). Indien u om nauwkeurige kennis en geloof bidt en u zich daar werkelijk voor inspant en ernaar wilt leven, zal God u helpen. Zoals Jezus heeft gezegd: „Blijft vragen, en het zal u gegeven worden; blijft zoeken, en gij zult vinden; blijft kloppen, en u zal opengedaan worden.” — Matthéüs 7:7.
Zelfs als u een probleem hebt waaraan u moet werken, zal God u helpen. De geïnspireerde Schrift zegt: „Vertrouw op Jehovah met heel uw hart en steun niet op uw eigen verstand. Sla in al uw wegen acht op hem, en híj zal uw paden recht maken.” — Spreuken 3:5, 6.
God „ziet hoe het hart is” (1 Samuël 16:7). Hij weet of u ernstig naar waarheid en rechtvaardigheid zoekt en of u bereid bent de dingen te doen op zijn manier, die de juiste is. Indien u tot God nadert, zal hij tot u naderen. — Jakobus 4:8.
Bent u zo iemand? Bent u werkelijk op zoek naar waar geloof? Hebt u het onderwijs van de Vader gehoord en hebt u uw geest ervoor opengesteld? Hebt u het geleerd en aanvaard? En hebt u, om aan Gods rechtvaardige wegen te voldoen, dingen rechtgezet die in uw eigen leven misschien een probleem zijn geweest?
Indien dit zo is, dan kunnen de woorden van Jezus een aanmoediging voor u zijn: „Er staat geschreven in de Profeten: ’En zij zullen allen door Jehovah worden onderwezen.’ Een ieder die het van de Vader gehoord en geleerd heeft, komt tot mij.” — Johannes 6:45.
Het onderwijs van de hemelse Vader is in een uniek boek te vinden. Laten wij nu eens beschouwen hoe waardevol het is en welke invloed het op ons geloof kan hebben.
[Kader op blz. 6]
Blijf in Gods liefde
Nieuwe en zwakke christenen zijn kwetsbaar. Dat zijn wij trouwens allemaal. Daarom dienen wij ons eigen geloof te behoeden en anderen krachtig te helpen zich geestelijk te sterken. Hoe? De discipel Judas wees op één manier toen hij schreef: „Gij, geliefden, moet uzelf opbouwen op uw allerheiligst geloof en bidden met heilige geest, en uzelf aldus bewaren in Gods liefde, in afwachting van de barmhartigheid van onze Heer Jezus Christus, met eeuwig leven in het vooruitzicht.” — Judas 20, 21.