Ziekte — Een teken van de laatste dagen?
GELEERDEN maken snelle vorderingen in het decoderen van menselijke genen. Sommigen geloven dat zij op het punt staan het verband te ontdekken tussen uw vatbaarheid voor ziekten en uw erfelijke eigenschappen zoals die in uw genen zijn vastgelegd. Er wordt beweerd dat het in de nabije toekomst mogelijk zal zijn bepaalde ziekten te genezen door uw genen te wijzigen.
„Wanneer het eenmaal mogelijk is genen in te brengen voor het genezen van ziekten, is het ook mogelijk genen in te zetten voor kosmetische doeleinden”, beweert Dr. W. French Anderson van de Amerikaanse National Institutes of Health (Nationale Gezondheidsinstituten). Hij voegt eraan toe: „Het zal mogelijk worden allerlei leuke dingen te gaan doen met onze menselijke eigenschappen.” Op zijn zachtst gezegd een krasse bewering. Suggereert dit dat de wetenschap aan de winnende hand is in de strijd tegen ziekte en kwalen?
Het is interessant dat Jezus Christus meer dan 1900 jaar geleden te kennen gaf dat het heersen van ziekte en kwalen deel zou uitmaken van een „teken” waardoor „de laatste dagen” gekenmerkt zouden worden, een tijdsperiode die hij „het besluit van het samenstel van dingen” noemde. Jezus zei: ’Er zullen in de ene plaats na de andere pestilentiën zijn.’ Volgens de bijbelgeleerde Albert Barnes zijn dat „ziekten van epidemische omvang”. — Matth. 24:3-7; 2 Tim. 3:1; Luk. 21:10, 11.
’Maar er zijn altijd al pestilentiën of ziekten geweest’, zegt u misschien. Dat is waar. Toch zitten er twee opmerkelijke aspecten aan de voorzegging van Jezus.
Ten eerste zei Jezus niet dat ziekte of kwalen op zichzelf het „teken” zouden vormen. Het teken dat hij gaf, is veeleer een samengesteld of uit tal van onderdelen bestaand teken. Leest u voor uzelf eens zijn gedetailleerde profetie zoals die staat opgetekend in Matthéüs 24 en 25, Markus 13 en Lukas 21. Het „teken” zou dus met een legpuzzel vergeleken kunnen worden. Eén stukje maakt het beeld niet compleet. Zo vormt ook één gebeurtenis niet het „teken”. Het „teken” zou daarentegen alleen maar gezien worden wanneer alle door Jezus voorzegde dingen één generatie zouden treffen. — Matth. 24:32-34.
Ten tweede zou het hoogst onlogisch lijken dat de woorden van Jezus omtrent pestilentie, of ziekte, in deze tijd in vervulling zouden gaan. Waarom? Omdat de wetenschappelijke vooruitgang nog nooit zo groot is geweest. Nooit zijn er betere medische voorzieningen geweest. Nooit is de medische kennis wijder verbreid geweest.
Wat tonen de feiten dan aan? Gaan Jezus’ woorden thans werkelijk in vervulling? Het is belangrijk dit te weten, want de vervulling van de profetie van Jezus zou erop wijzen dat wij in de meest kritieke periode van de menselijke geschiedenis leven.