Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w75 1/1 blz. 31-32
  • Vragen van lezers

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Vragen van lezers
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1975
  • Vergelijkbare artikelen
  • Zijn nieuwjaarsfeesten iets voor christenen?
    Ontwaakt! 1986
  • Keurt God alle feesten goed?
    Hoe blijf je in Gods liefde?
  • Hebben alle feestdagen Gods goedkeuring?
    Voor eeuwig gelukkig! — Interactieve Bijbelcursus
  • Horen we feestdagen te vieren?
    Wat leert de bijbel echt?
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1975
w75 1/1 blz. 31-32

Vragen van lezers

● Waarom doen Jehovah’s getuigen niet mee aan nieuwjaarsvieringen? — V.S.

De nieuwjaarsvieringen die verband houden met het einde van het ene jaar en het begin van het volgende op 1 januari, hebben vals-religieuze connecties. De eerste dag van januari was voor de Romeinse god Janus, die twee gezichten had, heilig en was daarom een heidense feestdag. Er is echter nòg een krachtige reden waarom christenen zich van deze vieringen onthouden.

Christenen krijgen de volgende vermaning: „Laten wij betamelijk wandelen, . . . niet in brasserijen en drinkgelagen, niet in ongeoorloofde gemeenschap en losbandig gedrag” ( Rom. 13:13). Nieuwjaarsvieringen worden echter heel dikwijls door zulke praktijken en excessen gekenmerkt. In de Standard Dictionary of Folklore, Mythology, and Legend wordt opgemerkt: „In vele westerse landen wordt het aflopen van het oude jaar en het aanbreken van het nieuwe gekenmerkt door uitgebreide danspartijen, drinken en gewoonlijk orgiastisch gedrag.” Over niet-westerse culturen merkt hetzelfde boekwerk op dat ook daar „het einde van het ene jaar en het begin van het volgende als een moment van genot wordt beschouwd”.

Wanneer iemand aan een nieuwjaarsviering meedoet, zou dit, ook al bewaart hij zijn zelfbeheersing, kunnen betekenen dat hij het onbeteugelde gedrag van anderen door de vingers ziet en een gebruik goedkeurt dat in valse religie geworteld is. Dat Jehovah’s getuigen weigeren aan zulke vieringen mee te doen, betekent niet dat zij niet van ontspanning en verpozing houden. Daar houden zij wel van. Maar zij trachten een goed geweten voor God en de mensen te behouden door excessen te vermijden en door ook niet de schijn te wekken dat zij heidense feesten vieren.

● Is het juist wanneer een christelijke vrouw haar oorlelletjes laat doorsteken om er oorbellen in te kunnen dragen? — B. C., Canada.

De Schrift geeft geen inlichtingen op grond waarvan deze vraag met een positief ja of nee beantwoord kan worden. Of een vrouw voor dit doel haar oorlelletjes wil laten doorsteken, is in feite een zaak die zij zelf moet beslissen.

Wij hebben wel het beginsel in Leviticus 19:28, waarin het de Israëlieten werd verboden wegens een overleden ziel insnijdingen in hun vlees te maken. Dit was een gewoonte die werd aangetroffen onder degenen die er een vals-religieuze geloofsovertuiging op na hielden. Sommigen zijn misschien de mening toegedaan dat dit verbod in beginsel ook op andere onnodige insnijdingen van toepassing is.

Men kan ook overwegen dat toen God oorspronkelijk het menselijke lichaam ontwierp, hij zijn werk „zeer goed” vond. Het spreekt vanzelf dat men zijn lichaam niet ernstig zal willen ontsieren of misvormen. — Gen. 1:27, 31.

Aan de andere kant maakt de bijbel inderdaad melding van oorringen (alsook van neusringen), en niemand kan thans zeggen of bij dit gebruik het doorsteken van de oren betrokken was of niet. — Gen. 24:22, 47; Ex. 32:2; 35:22; Ezech. 16:12.

Er zij ook opgemerkt dat het Wetsverbond bepaalde dat het oor van een Hebreeuwse slaaf die de vereiste periode van slavernij had vervuld en een slaaf van een goede meester wilde blijven, doorstoken moest worden (Ex. 21:2-6). Als een teken hiervan moest de meester een van de oorlelletjes van de slaaf met een priem doorsteken. Dit was natuurlijk niet eenvoudig ter versiering, zoals in het geval van het doorsteken van oren voor het dragen van oorsieraden, maar de uitwerking die het op het vlees van de persoon had, was hetzelfde.

Als wij al deze verschillende factoren beschouwen, is het duidelijk dat er geen dogmatisch antwoord gegeven kan worden. Iedere christelijke vrouw moet haar persoonlijke geweten in de kwestie laten spreken. Bij het toepassen van bovengenoemde beginselen willen sommigen hun oren misschien niet laten doorsteken; anderen vinden misschien dat zij dit gerust kunnen doen. Een gehuwde vrouw die graag gaatjes in haar oren wil hebben, dient terecht eerst haar man en hoofd te raadplegen. Zo zou ook een minderjarige de kwestie eerst met haar ouders moeten bespreken en zich, in overeenstemming met Jehovah’s regeling voor het gezin, bij hun beslissing moeten neerleggen. — Kol. 3:18, 20; Ef. 5:22–6:4.

Wij dienen als christenen ook rekening te houden met de gevoelens van anderen. Wij kunnen aan de raad van de apostel denken waaruit blijkt dat het dragen van sieraden niet zo belangrijk is als zich „met bescheidenheid en gezond verstand” en „goede werken” te sieren. — 1 Petr. 3:3; 1 Tim. 2:9, 10.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen