Waarom moeten wij verplichtingen ernstig opvatten?
EEN van de verplichtingen die velen tegenwoordig niet ernstig opvatten is de verplichting belasting te betalen. Niet voldoen aan de verplichting belasting te betalen, noemt men „belastingontduiking”. Volgens een voormalige Amerikaanse belastingambtenaar wordt „belastingontduiking sociaal aanvaardbaar. Velen denken dat het een schertsmisdrijf is”.
Klaarblijkelijk trachten heel wat mensen tegenwoordig Benjamin Franklin in het ongelijk te stellen toen hij zei: „Niets is in deze wereld zeker, behalve de dood en belasting.” Een opvallend voorbeeld hiervan was een vroegere vice-president van een van Amerika’s grootste staalfabrieken. Drieëntwintig jaar lang vulde hij niet eens een aangiftebiljet in, een nalatigheid die hem $70.000 aan achterstallige belasting en boeten kostte. Nog opvallender was het voorbeeld van niemand anders dan de voormalige directeur der belastingen van de Verenigde Staten, ’s lands hoogste belastinginner. Hij bleef in gebreke $160.000 van zijn inkomsten op te geven, waarvoor hij $15.000 boete moest betalen en vijf jaar gevangenisstraf kreeg.
Op elk terrein van menselijke verhoudingen bestaat een laksheid in het aanvaarden van verplichtingen. Zo klaagt een populair Amerikaans tijdschrift dat iedereen tegenwoordig onverschillig is en dat niemand verplichtingen ernstig opvat: „Wij zijn op ons eigen gemak en voordeel uit. . . . Diensten worden slechter. Het is moeilijk iemand te vinden die iets de eerste keer goed repareert. . . . Van dure nieuwe artikelen gaan knoppen en knopen af alsof het goedkoop speelgoed is. Kelners handelen alsof zij u een gunst bewijzen met u te bedienen. Winkelbedienden staan te kletsen terwijl u staat te wachten. Doktersassistenten nemen afspraken op . . . alsof uw tijd niets waard is. . . .Luchtvaartmaatschappijen sturen duizenden koffers naar de verkeerde plaats.”
Een van de andere voorbeelden die genoemd zouden kunnen worden, is dat echtgenoten hun huwelijksverplichtingen niet ernstig opvatten. Zelfs nog wijdverbreider is het euvel dat mensen over het algemeen schromelijk tekort schieten ten aanzien van hun verplichtingen tegenover hun Schepper, Jehovah God. — Job 35:10, 11.
Er zijn verschillende redenen waarom zo velen hun verplichtingen niet ernstig opvatten. Als het bijvoorbeeld God betreft, ligt het antwoord voor de hand: wegens gebrek aan geloof. De opvatting van velen is dat God dood is, of dat God het niet ziet of zich er niets van aantrekt, of dat God er niets aan doet. — Ezech. 8:12; 2 Thess. 3:2.
Als het op andere verplichtingen aankomt, proberen velen te rationaliseren. Zo rationaliseren velen dat zij geen belasting betalen omdat de inkomstenbelastingwetten dikwijls de rijken begunstigen, of dat belastinggeld aan rijke boeren wordt betaald omdat zij niets hebben verbouwd. Als een vader met moeite de eindjes aan elkaar kan knopen, is hij wellicht van mening dat hij door belasting te ontduiken van twee kwaden het minste kiest. En een echtgenoot die er avontuurtjes op na houdt, rationaliseert misschien dat hij het met zijn verplichtingen tegenover zijn vrouw niet zo nauw neemt omdat zij lui is of hem niet waardeert.
Waarom dienen wij onze verplichtingen jegens God en onze medemens ernstig op te vatten? In de eerste plaats omdat God bestaat. Het universum alleen al is een bewijs van zijn bestaan. Hij ziet alles; „geen schepping is voor zijn ogen niet openbaar, maar alle dingen liggen naakt en openlijk tentoongesteld voor de ogen van hem aan wie wij rekenschap hebben af te leggen”. — Hebr. 4:13.
Wij dienen onze verplichtingen ernstig op te vatten omdat dit juist, rechtvaardig en eerlijk is. Wij kunnen niet ontkomen aan wat er ligt opgesloten in de Gulden Regel dat wij anderen dienen te behandelen zoals wij willen dat zij ons behandelen. Willen wij een zuiver geweten en zelfrespect hebben, dan moeten wij oprechte krachtsinspanningen doen om te leven volgens wat wij weten dat juist is. Het schenkt voldoening en het geeft een gevoel van kracht als wij weerstand hebben geboden aan de verleiding de regering, onze huwelijkspartner of onze naaste te bedriegen. Wie zijn verplichtingen nakomt, is zo moedig als een leeuw, doch wie in gebreke blijft dit te doen is als een sluipende hyena. — Spr. 28:1.
Bovendien bestaat altijd de waarschijnlijkheid dat men ontdekt wordt. In dat geval krijgt men wellicht boetes of misschien zelfs wel gevangenisstraf, om niet te spreken over de schande van aan de kaak te worden gesteld. Alleen al de vrees voor dergelijke gevolgen behoort een afschrikwekkend middel te vormen.
Ouders in het bijzonder hebben in dit opzicht een verantwoordelijkheid: zowel om hun kinderen de noodzaak in te prenten verplichtingen ernstig op te vatten als dit ook zelf te doen. Al vóór de schoolgaande leeftijd kan kinderen worden geleerd dat zij de verantwoordelijkheid hebben voor hun persoonlijke dingen te zorgen en er een gewoonte van te maken ordelijk te zijn, zoals door hun speelgoed op te bergen.
Als zij ouder worden kan hun worden geleerd dingen voor anderen te doen, hun jongere broertjes en zusjes te helpen, moeder met haar huishoudelijke werk of vader met karweitjes die in huis gedaan moeten worden, te helpen. Er dient hun geleerd te worden betrouwbaar te zijn en te doen wat zij beloofd hebben of waarin zij hebben toegestemd. Er dient hun ook te worden geleerd dat zij aansprakelijk zijn voor hun daden. Hun dient te worden geleerd de gevolgen van hun eigen tekortkomingen te aanvaarden en niet te proberen verontschuldigingen te verzinnen of anderen de schuld te geven. Een dergelijke discipline zal hen als zij eenmaal op eigen benen staan, helpen hun verplichtingen ernstig op te vatten.
Zonder twijfel dienen opgedragen christelijke bedienaren van het evangelie zich het meest van allen ten doel te stellen hun verplichtingen ernstig op te vatten. Aangezien zij zich verplicht hebben de wil van God te doen, zijn zij vooral Hem rekenschap verschuldigd. Zij hebben de verplichting aan caesar terug te betalen wat van caesar maar aan God wat van God is (Mark. 12:17). Aan caesar terugbetalen wat van caesar is, omvat het betalen van belasting. Aan God terugbetalen wat van God is, omvat dat zij hun opdracht getuigenis af te leggen van Gods naam en koninkrijk ernstig moeten opvatten (Jes. 43:10-12; Matth. 24:14). Het houdt ook in dat zij hun verplichting een eerlijk, rein, christelijk leven te leiden ernstig moeten opvatten. En het houdt ook in dat zij hun verplichting met medechristenen bijeen te komen ten einde elkaar aan te moedigen ernstig moeten opvatten. — Gal. 5:22, 23; Hebr. 10:24, 25.
Waarom verplichtingen ernstig op te vatten? Kort gezegd, omdat God het eist, omdat het juist en verstandig, ja, het meest lonende is.