Ons op de naderende duizendjarige vrede voorbereiden
Welke verzekeringen geeft de Schrift dat er een duizendjarige vrede zal zijn?
De Schrift geeft ons een overvloedige basis voor hoop betreffende deze duizendjarige vrede. Wij lezen bijvoorbeeld dat Jezus Christus de naam „Vredevorst” draagt en over zijn regering als de Grotere Salomo lezen wij: „In zijn dagen zal de rechtvaardige uitspruiten, en overvloed van vrede, totdat de maan niet meer is” (Jes. 9:6; Ps. 72:7). En dat zijn Koninkrijksregering duizend jaar lang zal duren, wordt in Openbaring 20:6 duidelijk gemaakt.
Welke bewijzen zijn er dat de naderende vrede van duizend jaar heel nabijgekomen is?
De vervulling van bijbelse profetieën geeft te kennen dat het einde van dit samenstel van dingen voor de deur staat, en dit einde zal door de duizendjarige vrede gevolgd worden. Tot deze profetieën behoort Jezus’ grote profetie die in Matthéüs 24 en 25, Markus 13 en Lukas 21 opgetekend staat.
Bovendien blijkt uit de chronologie van de bijbel dat wij voor het einde van zesduizend jaar menselijke geschiedenis staan. Wil Jezus „Heer van de sabbat” zijn, dan zou zijn duizendjarige regering de zevende in een reeks van duizend-jaarperiodes moeten zijn. Zou het einde van zes millennia van moeizame slavernij van de mensheid onder Satan de Duivel voor Jehovah God niet het geschikte tijdstip zijn om een sabbat-millennium voor de gehele mensheid in te luiden?
Hoe kunnen wij ons op de naderende vrede van duizend jaar voorbereiden?
Om zich op die vrede voor te bereiden, moet men vrede met Jehovah God sluiten en die vreedzame verhouding vervolgens handhaven. Dit betekent dat men kennis in zich moet opnemen over Jehovah God en zijn Woord en dat men geloof moet oefenen in hem en in zijn Zoon als Redder en Loskoper. Het betekent dat men berouw moet hebben van zijn vroegere verkeerde handelwijze en dat men zich moet omkeren en een handelwijze van rechtvaardigheid moet gaan volgen. Verder betekent het dat men zich moet opdragen om Jehovah’s wil te doen en in de voetstappen van Jezus Christus te treden. Dit omvat tevens dat men die opdracht door de waterdoop moet symboliseren.
Is men er eenmaal mee begonnen in de voetstappen van Jezus Christus te treden, dan moet men dit blijven doen door de vruchten van Gods heilige geest, zoals liefde, vreugde, vrede en zelfbeheersing, voort te brengen. Ook is men verplicht het goede nieuws van Gods koninkrijk te prediken en discipelen te maken. Tevens moet men zich afgescheiden houden van de wereld en eerst Gods koninkrijk en zijn rechtvaardigheid zoeken. Op al dergelijke manieren kunnen christenen tonen dat zij zich op de naderende duizendjarige vrede voorbereiden. — Matth. 24:14; 6:33; Joh. 15:19; Gal. 5:22, 23.