Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w69 1/8 blz. 455
  • Veranderd door de kracht van Gods Woord

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Veranderd door de kracht van Gods Woord
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1969
  • Vergelijkbare artikelen
  • Ben jij veranderd?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2013
  • De juiste religie gevonden
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1969
  • „Het woord van God is levend en oefent kracht uit”
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1990
  • „Houd de oprechte in het oog”
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1976
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1969
w69 1/8 blz. 455

Veranderd door de kracht van Gods Woord

DE APOSTEL Paulus gaf de raad: „Wordt veranderd door uw geest te hervormen,” ja, wordt „nieuw gemaakt . . . in de kracht die uw denken aandrijft,” doordat gij u bekleedt „met de nieuwe persoonlijkheid, die door middel van nauwkeurige kennis wordt vernieuwd” (Rom. 12:2; Ef. 4:23; Kol. 3:10). Werpt de toepassing van deze woorden in dit moderne tijdperk resultaten af? De volgende ervaring van een van Jehovah’s getuigen verschaft het antwoord:

„Terwijl ik als secretaresse in een grote firma werkzaam was, kwam ik uit hoofde van mijn werk in contact met een jongeman die typerend was voor dit oude samenstel van dingen. Hij rookte aan één stuk door en wanneer hij werd geïrriteerd, lachte hij afgrijselijk. Hij had grove manieren en maakte hele snijdende opmerkingen. Hij bracht zijn avonden en weekends in slecht gezelschap en op slechte plaatsen door.

Op een dag kwam hij ’s middags om 12 uur naar mijn bureau toe. Gewoonlijk at ik daar mijn boterham zodat ik alleen kon zijn en kon studeren. Hij liep een ogenblik in de rondte alsof hij iets op het hart had en zei ten slotte: ’Mag ik u iets vragen?’ Jawel, zei ik, waarop hij een stoel aanschoof en me vroeg wat mijn religie was. Op dat moment wist ik niet waarom hij me dit vroeg, maar later kwam ik erachter dat hij had opgemerkt dat ik anders handelde dan de anderen op het kantoor.

Ik vertelde hem dat ik een van Jehovah’s getuigen was, maar dit bracht geen reactie teweeg, want zijn gelaatsuitdrukking bleef onveranderd. Hij zei dat hij nog nooit van hen had gehoord en vroeg wat hen zo van elke andere religie deed verschillen. Hoewel ik uitlegde dat er veel verschillen waren, legde ik de nadruk op de hoop op eeuwig leven op aarde onder Gods koninkrijk. Aan de hand van mijn bijbel gaf ik hem de schriftuurlijke bewijzen. Spoedig was het tijd om weer aan het werk te gaan, maar de volgende dag kwam hij terug om ons gesprek voort te zetten. De dame met wie hij werkte, vertelde mij later wat zijn reactie op ons eerste gesprek was. Hij vertelde haar dat hij het hele lunchuur had gebruikt om met mij over religie te praten. Toen zij hem vroeg tot welke religie ik behoorde, antwoordde hij: ’Dat herinner ik me niet precies meer, maar wat het ook is, zij hebben het!’

Na een poosje ging hij daar weg en ik stelde voor dat hij een geregelde huisbijbelstudie zou nemen. Ik trof regelingen dat de opziener van de gemeente van Jehovah’s getuigen in zijn omgeving hem zou bezoeken en helpen. Hij kreeg hier de kans niet toe, want de jongeman zocht zelf de Koninkrijkszaal op en sprak een bijbelstudie af.

Hoe verheugd was ik toen ik zag dat hij alle zittingen van onze kringvergadering bijwoonde! Denk eens aan, wat een vreugde ik ondervond toen ik hem zijn eerste lezing op de theocratische bedieningsschool in zijn gemeente hoorde houden! Spoedig werd hij gedoopt. Later genoot ik de extra vreugde hem zijn eerste openbare lezing te horen uitspreken. Terwijl ik naar hem zat te luisteren, moest ik eraan terugdenken hoe hij destijds op het werk was — zijn slechte gewoonten en zijn vuile taal. Nu stond hier vóór mij dezelfde persoon, die door het krachtige Woord van God in een bekwame bedienaar was veranderd. Hij bleef vorderingen maken, zodat hij nu al zijn tijd besteedt aan het werk dat erin bestaat anderen te helpen ’de nieuwe persoonlijkheid aan te doen, die naar Gods wil werd geschapen in ware rechtvaardigheid en loyaliteit’. — Ef. 4:24.”

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen