Vragen van lezers
● Hoe bezien Jehovah’s getuigen personen die „verdovende middelen”, zoals narcotica, LSD, enzovoort, gebruiken? — V.K., V.S.
Dit kan niet met een algemene, allesomvattende verklaring worden beantwoord, want in verschillende delen van de aarde gebruiken de mensen veel stimulerende middelen waardoor zij fit en goed wakker worden, of middelen om zich te ontspannen en te kalmeren. De bijbel noemt niet alles wat thans op deze wijze gebruikt wordt; daarom moeten wij in overweging nemen welke uitwerking het heeft als wij een bepaalde stof tot ons nemen, en dan zien hoe deze uitwerking door christenen, in het licht van bijbelse beginselen en geboden, bezien dient te worden.
Wij kunnen inzicht verwerven in het schriftuurlijke standpunt, door te onderzoeken wat de bijbel over alcoholische dranken te zeggen heeft. De Schrift veroordeelt het gebruik van alcoholische dranken niet, of ze nu worden gebruikt om iemand op te wekken of te ontspannen. Wij lezen dat wijn „het hart des mensen verheugt” (Ps. 104:15; Spr. 31:6; Pred. 9:7). Er dient echter voorzichtigheid betracht te worden bij het gebruik van alcoholische dranken, daar er bepaalde gevaren bij betrokken zijn. Gods Woord veroordeelt „overdaad van wijn, brasserijen, drinkpartijen”, en toont ook aan welke smart er over degenen komt die dronken worden en hun zelfbeheersing verliezen (1 Petr. 4:3; Spr. 23:29-35; 20:1; Ef. 5:18). De bijbel zegt zelfs dat dronkaards, dat wil zeggen personen die er een gewoonte van maken dronken te zijn, uit de christelijke gemeente gesloten dienen te worden; zij zullen „Gods koninkrijk niet . . . beërven”. — 1 Kor. 5:11; 6:9, 10.
In sommige gebieden maken mensen alcoholvrije dranken uit kruiden, bladeren of bonen, en dit alles met de bedoeling dat dit een bepaalde uitwerking op het lichaam heeft. Anderen kauwen speciale zaden, bladeren of twijgen. Welke uitwerking heeft dit op ieder persoonlijk? Verliest men hierdoor de controle over lichaam en geest als men onder invloed ervan is? Of behoudt iemand, ook al voelt hij zich gestimuleerd of juist ontspannen, zijn verstand en zelfbeheersing? Als iemand zijn zelfbeheersing bewaart, moet hij persoonlijk beslissen of hij af en toe met mate van een dergelijk produkt wil gebruiken.
Zelfs in het geval van vele van de meer gewone en aanvaardbare opwekkende middelen, kan iemand die ervan gebruikt, er volledig afhankelijk van worden. Hoewel het op zich niet verkeerd is een dergelijk licht opwekkend middel met mate te gebruiken, zijn sommigen zo aan het gebruik ervan gewend geraakt, dat zij nerveus en prikkelbaar worden als zij ervan beroofd zijn. Iedereen moet zelf beslissen wat hij met betrekking tot dergelijke gewoonten zal doen, maar het is goed eraan te blijven denken dat christenen de „vrucht van de geest” te allen tijde ten toon dienen te spreiden, en tot deze vrucht behoren liefde, goedheid en zelfbeheersing (Gal. 5:22, 23). Als iemand bemerkt heeft dat een bepaalde gewoonte of een gebruik het voor hem soms moeilijk maakt hieraan te voldoen, zou het goed kunnen zijn de waarde daarvan nog eens onder de loep te nemen.
Nog een punt om in overweging te nemen is, dat de wijze waarop een stimulerend middel genuttigd wordt dit middel soms ongewenst maakt. Het kauwen van bepaalde stimulerende middelen is heel vies; degene die kauwt ziet er onooglijk uit, evenals de voorwerpen in zijn omgeving, die vol vlekken komen te zitten. Ieder kan zichzelf afvragen: ’Hoe beschouwen de mensen in mijn omgeving deze gewoonte?’ ’Kweekt het respect aan voor iemand die een bedienaar van God is?’ Naarmate iemand tot geestelijke rijpheid voortgaat, worden dergelijke vragen voor hem van toenemend belang, daar wij, als christenen, wensen dat „er geen aanmerkingen op onze bediening gemaakt kunnen worden” (2 Kor. 6:3, 4). De bijbel verschaft christenen een voorbeeld ter navolging, namelijk de maatstaf waaraan opzieners en dienaren in de bediening in de christelijke gemeente moeten voldoen. Zij dienen „onberispelijk” en „vrij van beschuldiging” te zijn. — 1 Tim. 3:2, 10.
De mensen wenden zich thans in toenemende mate tot narcotica, chemisch vervaardigde middelen zoals LSD, en andere middelen om hallucinaties of „thrills” te krijgen, ten einde aan de werkelijkheid van het dagelijks leven te ontsnappen of om een vurig verlangen naar sensueel genot te bevredigen. Hoewel de wijze waarop iemand op dergelijke middelen reageert niet te voorspellen is, heeft gebruik ervan vaak een verlies van zelfbeheersing tot gevolg. Onder invloed van deze middelen kan iemand gewelddadig, redeloos en zelfs krankzinnig worden. Daar een dergelijk persoon vaak niet in staat is zijn gezonde verstand te gebruiken en het verschil tussen goed en kwaad niet kan zien, kan hij gemakkelijk bezwijken voor een onzedelijk, immoreel of wetteloos gedrag dat hij onder normale omstandigheden zou mijden.
Welk verschil bestaat er tussen iemand die dronken is ten gevolge van alcohol en zich woest en onbeheerst gedraagt of schandelijk onbekwaam is, en iemand die hetzelfde doet onder invloed van een of ander modern verdovend of chemisch bereid middel? Vanuit schriftuurlijk standpunt bezien, bestaat er geen verschil! (Rom. 13:13) Als iemand uit vrije wil een handelwijze volgt waardoor hij zijn zelfbeheersing verliest, en deze de oorzaak is van geestelijke afwijkingen, zodat hij niet beseft wat hij doet of waarom hij het doet, is hij evenzeer te laken als een dronkaard. Hij heeft toegestaan dat hij als een dronken man handelde en daarom moet hij op dezelfde wijze behandeld worden als een dronkaard en als iemand die zijn zelfbeheersing verloren heeft.
Als iemand die vroeger een dergelijke teugelloze levenswijze heeft gevolgd, het oprechte verlangen koestert zijn leven in overeenstemming te brengen met de bijbel en een christen te worden, zullen Jehovah’s getuigen hem bereidwillig helpen door te wijzen op de wonderbare zegeningen die thans en in de toekomst het deel zijn en zullen worden van degenen die naar Gods vereisten leven. Jezus predikte tot allerlei zondaars en hij hielp hen (Luk. 7:34-47). Maar hij deed niet mee met hun onschriftuurlijk gedrag.
Wat valt ervan te zeggen als iemand in de christelijke gemeente zo onverstandig is geweest ten gevolge van alcohol of een ander stimulerend middel de controle over zichzelf te verliezen? Zoiets zou slechts zelden voorkomen. Maar mócht het voorkomen, dan zou die persoon wellicht op liefdevolle wijze geholpen kunnen worden weer op de juiste weg te komen, de weg die Gods goedkeuring heeft (Gal. 6:1). Als iemand hier echter een gewoonte van zou maken en hierdoor schande over zichzelf, zijn gezin en de gemeente zou brengen, zou hij uit de christelijke gemeente gesloten moeten worden ten einde de morele zuiverheid van Gods volk te bewaren. — 1 Kor. 5:11-13.
Hoe staat het ermee als iemand die onder medische behandeling is, wordt aangeraden een of ander verdovend middel aan te nemen ten einde in slaap te kunnen vallen of te maken dat de pijn draaglijk is? Degene die met een dergelijke situatie te maken krijgt, zal zelf moeten beslissen. Het is niet alsof hij het ter wille van sensueel genot neemt of om een „sensatie” te beleven. Het is waar dat hij er wellicht bewusteloos van wordt, maar dan niet op de manier zoals een dronkaard bezwijmt vanwege gebrek aan zelfbeheersing. Dit zou dan onder juist toezicht gebeuren en wel wegens een ernstige lichamelijke moeilijkheid waardoor een dergelijke buitensporige maatregel gerechtvaardigd schijnt te zijn.
Het zou evenwel goed zijn de gevaren in gedachten te houden welke bij het gebruik van verdovende middelen die tot verslaving kunnen leiden, betrokken zijn. Het zou beslist onverstandig zijn om gedurende een langere periode onnodig iets te gebruiken waaraan men verslaafd kan worden. Zelfs als een dergelijke behandeling door een dokter wordt voorgeschreven, is iemand dan wel in staat de moeilijke gevolgen het hoofd te bieden als hij aan het narcoticum verslaafd zou raken? Wat zal hij doen als de ziekte voorbij is? Veel gebruikers van narcotica hebben hun gezin in de steek gelaten en elk moraliteitsgevoel van zich afgeworpen; zij stelen en moorden zelfs, om maar aan geld te komen om illegaal verdovende middelen te kunnen kopen. Behalve de ontaarding waartoe verslaving kan leiden, moet ook nog in overweging genomen worden dat dit alles illegaal is, daar christenen onderworpen dienen te zijn aan de superieure autoriteiten, de regering (1 Petr. 2:13, 14; Rom. 13:1). Hoe kan de verslaafde aan caesar geven wat van caesar is? Deze vragen dienen de nadruk te leggen op de belangrijkheid dat iemand zijn geest en zijn lichaam onder controle houdt, zodat hij God ’een heilige dienst met zijn denkvermogen’ kan aanbieden. — Rom. 12:1.