Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w66 15/5 blz. 291-292
  • Is uw samenwerking voorwaardelijk?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Is uw samenwerking voorwaardelijk?
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1966
  • Vergelijkbare artikelen
  • Samenwerking bevordert geestelijke groei
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2009
  • Je kunt onze christelijke eenheid helpen versterken — Hoe?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk (studie-uitgave) 2016
  • Inhoud
    Ontwaakt! 2005
  • Eén wereld, één regering onder Gods soevereiniteit
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1975
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1966
w66 15/5 blz. 291-292

Is uw samenwerking voorwaardelijk?

HET IS natuurlijk dat de mens vrijheid liefheeft. Doch het is niet verstandig al te onafhankelijk te handelen. Er moet een ’geven en nemen’ zijn, want wij hebben elkaar nodig. De omstandigheden van het leven zelf vragen van ons allen samenwerking.

Ter illustratie van de noodzaak tot samenwerking verscheen in de New York Times van 12 oktober 1965 een artikel getiteld: „Zwitserland deporteert burger van V.S. in geschil over zijn huis.” Hij werd uitgewezen omdat hij met de plaatselijke autoriteiten in talloze geschillen over kleine dingen verwikkeld was geraakt, zoals er op te staan zijn huis 23 centimeter hoger te bouwen dan de wet toestond. De regering bestempelde hem als een onruststoker, die of niet in staat of onwillig was zich aan de plaatselijke gewoonten aan te passen. Toen hij uitgewezen was liet hij zijn vrouw en vier kleine kinderen achter.

Hoe dwaas om over kleinigheden te vallen en moeilijkheden voor zichzelf en anderen te maken! Wat deed hem zo handelen? Te veel onafhankelijkheidszin. Het ontbrak hem klaarblijkelijk aan empathie; hij kon zich niet in de schoenen van zijn Zwitserse gastheren plaatsen. Alles moest gaan zoals hij het wilde en hij werd dus uitgewezen omdat hij zich niet kon aanpassen en weigerde met de plaatselijke autoriteiten samen te werken. Zijn geval was een extreem geval dat het licht werpt op een algemeen menselijke tekortkoming.

Wij kunnen er niet aan ontkomen: Samenwerking getuigt van wijsheid. Zoals een wijs koning lang geleden opmerkte: „Twee zijn beter dan één, omdat zij een goede beloning hebben bij hun zwoegen. Want, indien zij vallen, dan richt de een den ander weer op . . . en een drievoudig snoer wordt niet spoedig verbroken.” — Pred. 4:9-12.

In feite zou er gezegd kunnen worden dat de dieren ons de wijsheid van deze gedragslijn leren — ofschoon dit geen verdienste van ze is, daar zij uit instinct handelen en niet uit voorkeur. Aldus toont de bekende bioloog, William A. Wheeler, in zijn boek Philosophical Biology aan dat er iets fundamenteel sociaals is in al wat leeft en dat „dit een kenmerk moet zijn van alle leven, aangezien elk organisme op zijn minst tijdelijk verbonden is met andere organismen.” Hij schrijft dat dit waar is zelfs „van zulke, naar men veronderstelt, asociale schepselen als leeuwen, arenden, haaien, zandkevers en spinnen. Er zijn feitelijk geen werkelijk solitaire organismen.” Volgens een van de vooraanstaande anthropologen van Amerika, Ashley-Montague, is de samenwerking tussen lagere dieren veel geprononceerder en belangrijker dan de wedijver om in leven te blijven, en, alhoewel hijzelf een verstokte evolutionist is, verwijst hij naar Darwins theorie van het overleven van de geschiktsten als „Darwins drogreden”.a

Terwijl de dieren instinctief samenwerken, strekt het de mens tot heerlijkheid dat hij vrijwillig, uit verkiezing, kan samenwerken. Samenwerking is wel gedefinieerd als ’de handeling om met een ander of anderen te werken tot een gemeenschappelijk doel’. Voor samenwerking houdt dit dus in dat er een doel moet zijn dat waard is bereikt te worden. Met andere woorden, het betekent het opgeven van kleine dingen ter wille van grotere dingen.

Bij voorbeeld, een man en een vrouw trouwen met de bedoeling een gelukkig gezinsleven op te bouwen. Om dat doel echter te bereiken moeten beiden bereid zijn ter wille van elkaar offers te brengen. Zou een van hen er op staan zijn of haar eigen zin te doen, of de samenwerking te beperken tot de voorwaarden die hij of zij stelt, dan zou het doel verijdeld worden en het geluk van het gezin uitgesloten. En toch, hoe dikwijls treffen wij niet gehuwde personen aan, die nu juist dát doen, waardoor zij zichzelf en hun partners van geluk beroven door de samenwerking te beperken tot de voorwaarden die zijzelf stellen!

Een vrouw zou haar man er bij voorbeeld toe kunnen bewegen haar familie te bezoeken, doch als hij niet erg op hen gesteld is, bestaat de kans dat hij weinig of niets doet om het tot een prettig bezoek te maken. Aan de andere kant zou een man wel eens graag een paar vrienden voor het diner mee naar huis willen nemen, of hij zou een bepaald gerecht kunnen wensen. Doch als zijn vrouw niet erg van die vrienden of van dat gerecht houdt, maakt zij wellicht de maaltijd op een onverschillige manier of uit sleur klaar, en door te weigeren van ganser harte haar samenwerking te verlenen, onderstreept zij hoe zij erover denkt. Hoe ver schieten zij er beiden in tekort aan de ander te doen zoals hij of zij graag wil dat de ander hem doet! Ja, en hoe dwaas is dat ook! Want evenmin als wij anderen gelukkig kunnen maken zonder onszelf gelukkig te maken, kunnen wij anderen verdriet doen door te weigeren samen te werken, zonder onszelf ongelukkig te maken. — Luk. 6:31.

De kwestie van samenwerking kan ook opkomen op de plaats waar u werkt. De wijze waarop iets gedaan wordt vindt u misschien onlogisch, doch dat is voor u geen reden uw deel niet te doen, en wel zo goed als u kunt. Als de methode die wordt gevolgd niet verstandig is, zal de tijd dit waarschijnlijk uitwijzen, doch geef ze intussen een kans van slagen door alles te doen wat u kunt om ze te doen slagen. Zoals de apostel Paulus de eerste christenen ried: „Wat gij ook doet, verricht uw werk met geheel uw ziel als voor Jehovah en niet voor mensen.” — Kol. 3:23.

Deze kwestie van samenwerking is speciaal belangrijk als het gaat om vrijwillige arbeid. Als er een wederzijdse poging voor het gemeenschappelijke welzijn wordt gedaan en elk vrijwillig zijn diensten of goederen bijdraagt, bestaat dikwijls de tendens om zichzelf al te belangrijk te vinden en te menen de vrijheid te bezitten zijn samenwerking te beperken als de dingen niet worden gedaan als men graag zou willen, of als de hem toebedeelde taak naar zijn gevoel niet belangrijk genoeg is. Hierover zou men kunnen zeggen dat het een toets is voor iemands loyaliteit ten opzichte van een zaak, groep of organisatie.

Ja, samenwerking te beperken tot de voorwaarden die ú haar stelt kan het verlies van vele zegeningen betekenen. Als er geen beginsel van gerechtigheid wordt overtreden, zal het prijsgeven van iemands voorkeur ter wille van anderen of van het gemeenschappelijke welzijn in feite altijd gezegend worden. Het is tot heerlijkheid van de mens dat wij uit vrije wil kunnen samenwerken, omdat het van wijsheid getuigt, om wille van het geweten en uit liefde. Het is feitelijk een vorm van geven, waarover Jezus Christus, de Zoon van God, zei: „Het is gelukkiger te geven dan te ontvangen.” Beperk uw samenwerking dus niet tot de voorwaarden die ú stelt. Wees bereid uw eigen wil op te offeren ter wille van het gemeenschappelijk welzijn en geluk. — Hand. 20:35.

[Voetnoot]

a Darwin: Competition and Cooperation (1950)

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen