Een onschriftuurlijk recept
● In het februarinummer van 1963 van het Amerikaanse tijdschrift FM & Fine Arts, een ontspanningstijdschrift in zuid-Californië, stond een artikel over „Restaurants”. Hierin kon men lezen: „Er worden in de restaurants van Los Angeles vele tussengerechten, schotels en gangen geserveerd die van Franse oorsprong zijn. Hieronder volgen sommige van de meer populaire tussengerechten en een eenvoudige verklaring van elk.” Het recept van een van deze „populaire tussengerechten”, dat klaarblijkelijk in de bovengenoemde restaurants wordt geserveerd, is: „Coq au Vin (jonge haan in wijn gestoofd). Een jonge haan wordt in zes stukken verdeeld. Deze worden licht gebraden in boter, te zamen met wat mager spek dat in dobbelsteentjes is gesneden, en een gelijke hoeveelheid verse paddestoelen. Er worden ook gemengde kruiden en fijngehakte knoflookpitjes aan toegevoegd. Dit alles wordt met goede cognac besprenkeld en geflambeerd. Men doet er vervolgens een halve liter goede rode wijn, Bordeaux of Bourgogne, bij. De saus wordt dan gebonden met bloed van de haan en te zamen met kleine stukjes brood die men in de oven bruin heeft laten worden, zeer heet opgediend in een diepe ronde schotel.” Daar Gods Woord christenen gebiedt zich te onthouden „van het verstikte en van bloed”, is dit recept met zijn bloed gebonden saus, onschriftuurlijk (Hand. 15:20, 29, NW). Wanneer christenen daarom naar dergelijke restaurants gaan, of dit nu in Californië of elders is, zullen zij de mogelijkheid van een dergelijk misbruik van bloed in gedachten houden.