Jonge mensen zich bewust van hun geestelijke nooddruft
● Een jonge leerlinge van een middelbare school in de provincie Laguna op de Filippijnen, was vastbesloten om de districtsvergadering der ’Vredezoekende bedienaren’, welke van 24 tot en met 27 maart 1960 te Lingayen gehouden zou worden, bij te wonen. Het schoolexamen viel echter eveneens op genoemde datums.
Zij ging naar elk van haar leraars toe en vroeg toestemming om voor of na het congres examen te mogen doen. Het werd echter door hen allen geweigerd. Toen wendde zij zich met hetzelfde verzoek tot het hoofd van de school. Ook deze verleende geen toestemming. Drie keer probeerde zij het, en elke keer was het antwoord „Neen!” De vierde keer deelde zij het hoofd mee dat zij, ongeacht of zij nu al of niet haar diploma zou ontvangen, het congres zou bijwonen. Het hoofd vroeg haar vervolgens waarom zij eigenlijk zo vastbesloten was om de vergadering te bezoeken. Zij antwoordde hem dat zij een bedienaar van het evangelie was en dat haar aanwezigheid op het congres een deel van haar aanbidding van de ware God vormde. Hierna vroeg hij haar wat zij in haar hoedanigheid van bedienaar van het evangelie dan wel deed. Zij vertelde hem dat zij van huis tot huis predikte. Het schoolhoofd vroeg haar toen of zij hem niet een demonstratie van haar prediking zou willen geven. Zij hield één van de toespraakjes voor hem die zij in haar bediening gebruikt. Het hoofd was zó onder de indruk, dat hij haar toestemming verleende om na het congres examen te doen. — Filippijnen.
● Toen een getuige van Jehovah bij een vrouw aan de deur een toespraakje hield, luisterde de veertienjarige zoon van de huisbewoonster aandachtig. Het maakte zo’n indruk op hem dat hij er bij zijn moeder op aandrong de boeken te nemen welke de Getuige aanbood, maar zij weigerde. De jongen had geld gespaard voor een fiets en wilde daar nu iets van afnemen om de boeken te kopen; zijn moeder stond dit echter niet toe, en zei: „Neen, je hebt die boeken niet nodig. Jij moet een fiets hebben.”
Dezelfde avond hield deze Getuige een toespraakje tot een oudere dame, die ál de tijd dat de Getuige sprak, bleef glimlachen. Toen het toespraakje was beëindigd, nodigde zij de Getuige binnen en vertelde haar, dat haar kleinzoon met tranen in zijn ogen naar haar was toegekomen en had gezegd: „O grootmoeder, een dame had twee boeken die de bijbel uitlegden, en ik wilde ze zo graag hebben, maar mam wilde mij het geld niet geven.” Daarom zei grootmoeder: „Nu zal hij zijn boeken hebben.” — Ceduna, west-Australië.
● Een huisbewoonster op de Filippijnen weigerde het tijdschrift dat haar door een van Jehovah’s getuigen aan de deur werd aangeboden, zelfs ook maar aan te raken. Toen de Getuige op het punt stond om weg te gaan, kwam het zoontje van de vrouw van school thuis. Hij vroeg waar het tijdschrift over ging en smeekte zijn moeder toen om het voor hem te kopen. Toen zij dit weigerde, zette hij het op een huilen en hield pas op, toen zij hem zijn zin gaf. Daar het kind nog niet kon lezen, haalde hij zijn moeder over om gedeelten uit het tijdschrift aan hem voor te lezen. Hoewel zij geen belang stelde in het materiaal, begon zij te lezen ten einde het kind tevreden te stellen. Zo las zij onder andere het artikel: „Is uw religie de juiste?” Hierna nam ze het hele tijdschrift door, en toen de Getuige weer bij haar aan de deur kwam, had zij vele vragen. Als gevolg hiervan werd er in haar huis een studie opgericht en nemen haar man en al de kinderen hieraan deel. — Filippijnen.
● Nadat een meisje van vijftien jaar een van Jehovah’s getuigen was geworden, ging zij gedurende haar eerste zomervakantie de vakantiepioniersdienst in. In deze zomermaanden verspreidde zij heel wat bijbelse lectuur onder de mensen en kon zij diverse huisbijbelstudiën in de huizen van de mensen van goede wil oprichten. Nadat zij naar school was teruggekeerd, is zij er voortdurend op bedacht geweest om bij elke gelegenheid getuigenis af te leggen van Jehovah’s naam, en haar krachtsinspanningen hebben vruchten afgeworpen.
Toen zij een opdracht ontving om vier tot zes minuten over haar vakantie te spreken, gaf zij een overzicht van de districtsvergadering die zij bijwoonde. Toen zij over onderwerpen mocht schrijven die zij zelf had uitgekozen, behandelde zij dingen zoals: „Een dag met Jehovah’s volk”, en „Mijn doel in het leven nastreven”, een autobiografie van haar leven vanaf het ogenblik dat zij een Getuige werd, en „Kerstmis niet voor christenen”.
Toen haar werd gevraagd om een overzicht te geven van een autobiografie, koos zij Faith on the March, en gaf hiervan voor de klas een mondelinge uiteenzetting. Dit werd door de lerares en de leerlingen goed ontvangen en zij stelden vele vragen over Jehovah’s getuigen en verschillende bijbelse onderwerpen. De lerares leende het boek ten einde het zelf te lezen en vroeg om meer inlichtingen, waarna het meisje Jehovah’s Witnesses — the New World Society meebracht. In de afgelopen vakantie is zij weer in de pioniersdienst geweest, deze keer met haar moeder. — Verenigde Staten.