Het bijbelse scheppingsverslag gerechtvaardigd
● In de periodiek Förkunnaren, hetgeen de Verkondiger (dat wil zeggen, van Gods Woord) betekent, verscheen van de hand van de astronoom en doctor in de wijsbegeerte A. Ljunghall een ingenieus artikel over de natuurwetenschappen en het bijbelse scheppingsverslag. Het eindigde met de woorden: „Er kan worden gezegd dat het aan het licht gekomen, van christelijk standpunt uit bezien, betekenisvolle nieuwe, hierin bestaat dat er vrijwel onbetwistbare bewijzen voor zijn gevonden dat onze wereld een bepaalde ouderdom bezit, dat er een tijd is geweest dat het universum en materie niet bestonden, en dat er om deze reden een schepping moet hebben plaatsgevonden. Wij worden nu dus met het opmerkelijke feit geconfronteerd dat het bijbelse scheppingsverslag, dat, toen onze eeuw nog jong was, zo onwetenschappelijk, zo volkomen vreemd aan het wetenschappelijke denken was, nu geheel met de moderne zienswijze omtrent het universum in overeenstemming is”. „Degene die het met het christendom ernstig meent en van het geloof uitgaat dat er een God bestaat, die de Schepper van alles is, behoeft niet tegen alle logica en rede, tegen alle gezond verstand en wetenschappelijk onderzoek in te gaan. Zijn geloof is volledig in overeenstemming met de huidige wetenschappelijke gedachte over het universum”. — Svenska Dagbladet van 16 december 1958.