Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w51 15/6 blz. 192
  • Vragen van lezers

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Vragen van lezers
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehova’s koninkrijk 1951
  • Vergelijkbare artikelen
  • Vragen van lezers
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2004
  • Is Jezus met Kerstmis geboren?
    Ontwaakt! 1976
  • De bron van zijn leven
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1962
  • Stappen tot het leven
    De Wachttoren en Aankondiger van Jehova’s Koninkrijk 1950
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehova’s koninkrijk 1951
w51 15/6 blz. 192

Vragen van lezers

● Waarom zeide Jezus na zijn opstanding tot Maria Magdalena hem niet aan te raken, doch gebood Thomas hem wel aan te raken? — Een lezer uit New York.

De wijd en zijd gebruikte King James Vertaling en ook de Statenvertaling vertolken Jezus’ woorden tot Maria als volgt: „Raak mij niet aan; want ik ben nog niet opgevaren tot mijn Vader.” Daarna zeide hij tot haar heen te gaan en zijn discipelen te vertellen over zijn opstanding en komende hemelvaart (Joh. 20:17). Moderne taal verheldert Jezus’ bedoeling, zoals wij door de vertolking van Een Amerikaanse Vertaling bemerken: „Gij moet u niet aan mij vastklemmen, want ik ben nog niet opgestegen tot mijn Vader.” Het ging er dus niet om dat zij Jezus aanraakte; zij had hem niet alleen aangeraakt maar klemde zich zelfs aan hem vast, ongetwijfeld bevreesd dat hij zou verdwijnen en naar de hemel zou opstijgen. Jezus overtuigde haar er van dat hij nog niet zou weggaan, en dat zij er mee diende op te houden zich aan hem vast te klemmen maar zou heengaan en zijn discipelen zou vertellen wat er was gebeurd. Diezelfde dag verscheen Jezus aan andere discipelen, maar Thomas was niet aanwezig en zeide naderhand dat hij het niet zou geloven totdat hij de spijkerwonden van Jezus had gezien en zijn hand in Jezus’ doorstoken zijde had gedrukt. Enkele dagen later verscheen Jezus aan zijn discipelen terwijl Thomas aanwezig was, en hij vroeg Thomas zijn wonden aan te raken (Joh. 20:25-27). In beide gevallen had Jezus goede redenen om zo te spreken, en de twee gevallen zijn niet met elkaar in tegenspraak of tegenstrijdig.

● Wat wordt er bedoeld met de voetwassing, die staat vermeld in Johannes 13:4-16? Wordt hierdoor te kennen gegeven dat deze voetwassing als ceremonie door Christenen dient te worden verricht? — Een lezer in Virginia.

In de tijd van Christus droegen de mensen sandalen en de voeten van reizigers werden vuil, zodat het na aankomst op de plaats van bestemming noodzakelijk was de voeten te wassen. De reiziger die van zijn reis vermoeid was, werd dikwijls de hoffelijkheid betoond dat zijn voeten op aanwijzing van de gastheer door een dienstknecht werden gewassen (Luk. 7:44). Omdat het onder Christenen, die over het algemeen arm waren, niet gebruikelijk was dienstknechten te hebben, werd de dienst door de gastheer of de gastvrouw verricht (1 Tim. 5:10). Het was een dienst die in Jezus’ dagen veel praktische waarde had. Toen Jezus de voeten waste, stelde hij in het geheel geen religieuze ceremonie in, maar stelde een voorbeeld. „Indien dan Ik, de Here en de Meester, uw voeten gewassen heb, zo zijt gij ook schuldig, elkanders voeten te wassen. Want Ik heb u een voorbeeld gegeven, opdat, gelijkerwijs Ik u gedaan heb, gijlieden ook doet” (Joh. 13:14, 15). Hij legde nederigheid en liefde aan de dag door een slaafse dienst te verrichten tot vertroosting van zijn broeders en zusters; door een voorbeeld liet hij zijn discipelen de noodzaak zien, in Gods organisatie dienstknechten te zijn, en elkander te bedienen met het water der waarheid ten einde hen te helpen op een reine wijze te wandelen (Ef. 5:25, 26). Daarom dienen Christenen heden ten dage zijn voorbeeld na te streven door nederig te zijn en bereid te zijn hun broeders en zusters op praktische wijzen te dienen, evenals in Jezus’ dagen voetwassing praktisch was. Gewijzigde toestanden hebben de praktische voordelen van voetwassing onder diezelfde omstandigheden doen ophouden, en het dient niet louter als ceremonie te worden verricht.

● Hoe kan er worden gezegd dat Jezus in het jaar 2 v. Chr. werd geboren indien de Christelijke jaartelling bij zijn geboorte begint? — Een lezer van New Jersey.

Toen de Christenheid de jaren begon te tellen sedert Jezus’ geboorte, werd er in de berekening een fout gemaakt. Dit wordt algemeen erkend, maar hoe groot deze fout is, wordt betwist; sommigen zeggen dat de jaartelling vier tot acht jaar te laat begint. De Schrift toont echter aan dat Jezus’ geboorte in het jaar 2 v. Chr. viel. In het vijftiende jaar van de regering van Tiberius, toen Johannes de Doper dertig jaar oud was, begon hij zijn bediening (ongeveer 1 april). Zes maanden later was Jezus dertig (Num. 4:3; Luk. 3:1-3, 23; 1:36). Dat zou ongeveer 1 october zijn, in het zestiende jaar van Tiberius Caesar. Het eerste jaar van Tiberius begint op 19 augustus in 14 n. Chr.; zijn vijftiende jaar zou op 18 augustus van het jaar 29 n. Chr. eindigen. Indien Jezus derhalve op ongeveer 1 october, in 29 n. Chr., dertig jaar was, betekent dit dat zijn geboorte ongeveer dertig jaren eerder moet zijn geschied en wel ongeveer op 1 october in het jaar 2 v. Chr.

● Hoeveel dagen was Jezus in het graf? Sommigen zeggen drie volle dagen. Is dat juist? — Abonné in Vermont.

Neen, maar enkelen redeneren aldus naar aanleiding van Jezus’ woorden: „Want gelijk Jonas drie dagen en drie nachten was in den buik van den walvis, alzo zal de Zoon des mensen drie dagen en drie nachten wezen in het hart der aarde” (Matth. 12:40). Ogenschijnlijk zou dit een volle 72 uren betekenen, maar wij moeten andere soortgelijke uitdrukkingen die de werkelijke bedoeling van de woorden aantonen, niet voorbijzien. In de Bijbel behoeft „drie dagen” niet drie volle dagen te betekenen, maar kan gedeelten van drie verschillende dagen betekenen. Toen Rehabeam derhalve tot het volk zeide over „drie dagen” terug te komen, kwamen zij op de ’derde dag terug zoals de koning had gezegd’ (1 Kon. 12:5, 12, LV). Jezus zeide over zichzelf dat hij „ten derden dage” werd opgewekt (Luk. 24:46). Herhaaldelijk spreekt de Schrift er over dat Jezus de derde dag werd opgewekt; doch indien hij drie volle dagen, of 72 uren, in het graf was gebleven, zou het de vierde dag zijn geweest. Jezus werd op een vrijdagmiddag ter dood gebracht, bleef de gehele zaterdag in het graf en werd op zondagmorgen opgewekt. Zie voor een uitvoerige beschouwing over deze aangelegenheid, De Wachttoren van 15 maart 1944 (Engels).

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen