SILOAH
(Siloah) [zender].
De naam „Siloah” schijnt betrekking te hebben op een waterleiding of een kanaal in Jeruzalem. In de oudheid liep een kanaal vanaf de ingang van de grot van de Gihonbron omlaag naar het Kidrondal en om de uitloper van de zuidoostelijke heuvel heen naar een vijver op de plaats waar het Dal van Hinnom en het Tyropeondal samenkwamen. Het geringe verval van het kanaal (zo’n 4 à 5 mm per meter) had tot gevolg dat het water langzaam en zachtjes stroomde, hetgeen overeenkomt met de beschrijving van „de wateren van Siloah . . ., die zacht vloeien”. De verwijzing naar deze „wateren van Siloah” in Jesaja 8:6 is zinnebeeldig en symboliseert de bron van ware redding en zekerheid.