Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • ad blz. 523
  • Granaatappel

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Granaatappel
  • Hulp tot begrip van de bijbel
  • Vergelijkbare artikelen
  • Granaatappel
    Inzicht in de Schrift, Deel 1
  • Granaatappel
    Verklarende woordenlijst
  • „De zeven vruchten” van het goede land
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2011
  • En-Rimmon
    Inzicht in de Schrift, Deel 1
Meer weergeven
Hulp tot begrip van de bijbel
ad blz. 523

GRANAATAPPEL

[Hebreeuws: rim·mōnʹ].

Bij monde van Mozes beloofde Jehovah de natie Israël dat hij hen in een land zou brengen dat rijk was aan tarwe, gerst, wijnstokken, vijgen, granaatappels, olijven en honing (Deut. 8:7-9). Kort daarvoor hadden verspieders het land verkend en waren met druiven, vijgen en granaatappels teruggekeerd (Num. 13:2, 23). Uit het geklaag van de Israëlieten in Numeri 20:5 blijkt dat zij de granaatappel reeds uit Egypte kenden. Aan de zoom van de schoudermantel van de hogepriester Aäron was een rij granaatappels van blauw draad, ineengedraaid met roodpurper geverfde wol en karmozijnen stof, afgewisseld met gouden belletjes, aangebracht (Ex. 28:33, 34; 39:24-26). Toen later de tempel werd gebouwd, werden de kapitelen van de twee koperen zuilen aan de voorhal van het huis met kettingen van koperen granaatappels versierd. — 1 Kon. 7:18, 20, 42; 2 Kon. 25:17; 2 Kron. 3:16; 4:13; Jer. 52:22, 23.

De granaatappelboom (Punica granatum) groeit in het hele Oosten als een kleine boom of struik, die zelden hoger wordt dan 4,5 m. Zijn talrijke breed uitstaande takken dragen donkergroene, speerpuntvormige bladeren en koraalrode tot scharlakenrode bloemen. De rijpe vrucht is kastanjebruin en heeft de vorm van een appel met aan de onderkant een rozet of kroon. Binnen de leerachtige schaal bevinden zich tal van kleine, sappige zaaddoosjes, die elk een kleine roze of rode zaadkorrel bevatten. Het sap van de granaatappel is een verfrissende drank (Hoogl. 8:2). Uit de zaden wordt een siroop bereid, grenadine genaamd, en de bloemen worden gebruikt voor de vervaardiging van een adstringerend geneesmiddel tegen dysenterie. De versluierde slapen van de Sulammitische werden met een „granaatappelschijfje” vergeleken en haar huid met een „paradijs van granaatappels”. — Hoogl. 4:3, 13; 6:7.

In bijbelse tijden werden veel granaatappelbomen aangeplant, en de plaatsen Rimmon, En-Rimmon en Gath-Rimmon ontlenen ongetwijfeld hun naam aan het feit dat in hun omgeving zoveel granaatappelbomen groeiden (Joz. 15:32; 19:45; Neh. 11:29). De boom werd zeer gewaardeerd en wordt derhalve vaak in samenhang met andere belangrijke vruchtdragende gewassen, zoals de wijnstok en de vijgeboom, genoemd. — Hoogl. 7:12, 13; Joël 1:12; Hag. 2:19.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen