JEHOVAH ZELF IS DAAR.
Dit is de vertaling van de uitdrukking „Jehovah-sjammah”, gebruikt voor de stad die door de profeet Ezechiël werd gezien in zijn visioen dat in hoofdstuk 40 tot en met 48 staat opgetekend (Ezech. 48:35). De stad uit het visioen wordt afgeschilderd als vierkant (elke zijde meet 4500 lange ellen [ca. 2332 m]) en met 12 poorten, die elk de naam van een van de stammen van Israël dragen (48:15, 16, 31-34). Tot op zekere hoogte lijkt ze op de heilige stad, het Nieuwe Jeruzalem, die de apostel Johannes in een visioen zag (Openb. 21:2, 10-16). De stad uit het visioen in Ezechiëls profetie zal aan „heel het huis van Israël” gaan behoren (Ezech. 45:6). De naam „Jehovah-sjammah”, of „Jehovah zelf is daar”, duidt op Gods aanwezigheid in vertegenwoordigende zin, zoals die ook in andere schriftplaatsen wel onder woorden wordt gebracht, bijvoorbeeld in Psalm 46:5; 132:13, 14; Jesaja 24:23; Joël 3:21 en Zacharia 2:10, 11, waar over Jehovah, wie ’de hemel der hemelen niet kan bevatten’, gesproken wordt alsof hij in een aardse stad of plaats verblijf houdt. — 1 Kon. 8:27.