SARSECHIM
(Sa̱rsechim) [misschien: Hoofd van de slaven].
Een Babylonische vorst die als een van de eersten Jeruzalem binnenkwam nadat het leger in de zomer van 607 v.G.T. een bres in de muren had geslagen (Jer 39:2, 3). Zijn positie en taken worden niet vermeld, ofschoon „Sarsechim” een titel geweest kan zijn, en de betekenis ervan zou op zijn werk kunnen duiden.