MATRIETEN
(Matri̱e̱ten) [Van (behorend tot) Matar (Regen [dus in de regentijd geboren])].
Een Benjaminitische familie waartoe koning Saul van Israël behoorde (1Sa 10:21). De Nederlandse vertalingen gebruiken doorgaans de naam „Matri”. Het Hebreeuwse woord mat·riʹ gaat hier echter vergezeld van het bepalend lidwoord. Daarom wordt het in de Nieuwe-Wereldvertaling passend met ’de Matrieten’ weergegeven.