Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • it-1 ‘Gezer’
  • Gezer

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Gezer
  • Inzicht in de Schrift, Deel 1
  • Vergelijkbare artikelen
  • Gezer
    Hulp tot begrip van de bijbel
  • Het mysterie van de poorten
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1988
  • Gob
    Inzicht in de Schrift, Deel 1
  • Een jaar in „het goede land”
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2007
Meer weergeven
Inzicht in de Schrift, Deel 1
it-1 ‘Gezer’

GEZER

(Ge̱zer) [Stuk; Deel].

Een koningsstad in het heuvelland ten O van de Palestijnse kustvlakte. Gezer wordt in de bijbel voor het eerst genoemd in verband met de vergeefse poging van zijn koning om Lachis tegen het Israëlitische leger onder aanvoering van Jozua te beschermen (Joz 10:33; 12:7, 8, 12). Gezer werd als grensplaats toegewezen aan de Efraïmieten (Joz 16:3; 1Kr 7:28), die de Kanaänitische bewoners echter niet volledig uit hun bezit verdreven (Joz 16:10; Re 1:29). Gezer was ook een levietenstad en werd als zodanig aan de Kehathieten toebedeeld. — Joz 21:20, 21; 1Kr 6:66, 67.

In de tijd dat David de Filistijnen „van Geba af tot aan Gezer” sloeg, moet de stad aan de Filistijnen hebben behoord (2Sa 5:25; 1Kr 14:16). Toen de Filistijnen bij Gezer een nederlaag leden, maakte Sibbechai, de Husathiet, zich een naam door Sippai, een nakomeling van de Refaïeten, neer te slaan (1Kr 20:4). Later trok de Farao van Egypte om de een of andere niet genoemde reden tegen Gezer op. Nadat hij de stad verbrand en haar Kanaänitische inwoners gedood had, gaf hij haar als bruidsschat aan de vrouw van Salomo. Salomo herbouwde de stad en versterkte haar waarschijnlijk. — 1Kon 9:15-17.

Gezer wordt ook vaak in wereldlijke bronnen genoemd. Op de muren van de tempel in Karnak bevindt zich een bericht van Thoetmozes III over de inneming van Gezer. De stad nam een opvallende plaats in op de Amarnatabletten, waar ze minstens negen keer met name wordt genoemd. Farao Merenptah pochte op zijn stèle dat hij ’Gezer veroverd had’.

Geleerden identificeren het oude Gezer met het huidige Tell Jezer (Abu Shusheh; Tel Gezer), halverwege tussen Jeruzalem en Tel Aviv-Jaffa (Joppe). Het lag derhalve in de buurt van een andere grote verkeersweg, de weg die Egypte met Mesopotamië verbond en die duizenden jaren voor commerciële en militaire doeleinden werd gebruikt. Wegens zijn hoge ligging op een heuvelrug van de Sjefela beheerste Gezer deze beide wegen.

De eerste opgravingen in Tell Jezer vonden in het begin van de 20ste eeuw plaats. Sindsdien is het een van de meest grondig geëxploreerde opgravingsplaatsen van Palestina geworden. Men vond daar onder andere de „Salomopoort en de kazemattenmuur”, die gebouwd waren op een puinlaag waarvan sommigen vermoeden dat ze is ontstaan toen Gezer door de Farao werd verbrand. Aangezien de bouwstijl zozeer overeen schijnt te komen met die welke in de vestingwerken te Hazor en Megiddo werd aangetroffen, neemt men aan dat ze alle drie volgens hetzelfde ontwerp werden gebouwd. In vroegere lagen vond men een grote hoeveelheid Filistijns aardewerk. De beroemdste vondst echter die in Tell Jezer werd gedaan, is waarschijnlijk de „kalender” van Gezer — een tablet dat blijkbaar door een schooljongen als geheugenoefening werd gebruikt. Ze is voor huidige onderzoekers waardevol gebleken daar ze aantekeningen voor de tijden van zaaien en oogsten in het oude Israël bevat en een kijkje geeft in het schrift en de taal uit de tijd van Salomo. — Zie AFB.: Deel 1, blz. 960.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen