BETH-SEMIET
(Beth-Semi̱e̱t) [Van (behorend tot) Beth-Semes].
Een inwoner van Beth-Semes in Juda. Jozua, de eigenaar van het veld waar de ark van het verbond goed zichtbaar op „een grote steen” stond nadat ze op een Filistijnse wagen daarheen was gereden, werd een Beth-Semiet genoemd. — 1Sa 6:14, 18.