Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • be les 32 blz. 194-blz. 196 ¶4
  • Met overtuiging gebracht

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Met overtuiging gebracht
  • Trek voordeel van de theocratische bedieningsschool
  • Vergelijkbare artikelen
  • Het goede nieuws met sterke overtuiging prediken
    Onze Koninkrijksdienst 2000
  • Het goede nieuws aanbieden — Met persoonlijke overtuiging
    Onze Koninkrijksdienst 1985
  • Met overtuiging spreken
    Leg je toe op voorlezen en onderwijzen
  • ’Sta in volkomenheid, met een vaste overtuiging’
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2000
Meer weergeven
Trek voordeel van de theocratische bedieningsschool
be les 32 blz. 194-blz. 196 ¶4

LES 32

Met overtuiging gebracht

Wat moet je doen?

Spreek op een manier die laat zien dat je volledig overtuigd bent van de waarheid en belangrijkheid van wat je zegt.

Waarom is het belangrijk?

Jouw overtuiging zal anderen aanmoedigen om wat je zegt serieus in overweging te nemen en ernaar te handelen.

WANNEER iemand met overtuiging spreekt, zien anderen dat hij stellig gelooft in wat hij zegt. Zo’n overtuiging was duidelijk waar te nemen in de bediening van de apostel Paulus. Aan hen die in Thessalonika gelovigen waren geworden, schreef hij: „Het goede nieuws dat wij prediken, is niet alleen met woorden tot u gekomen, maar ook met . . . sterke overtuiging” (1 Thess. 1:5). Die overtuiging bleek zonneklaar uit zowel de manier waarop hij sprak als de wijze waarop hij leefde. Een sterke overtuiging moet ook heel duidelijk blijken uit de wijze waarop wij bijbelse waarheden presenteren.

Zich met overtuiging uiten is niet hetzelfde als betweterig, dogmatisch of arrogant zijn. Wanneer iemand vol overtuiging spreekt over wat er in Gods Woord staat, doet hij dat juist op een manier die een sterk geloof laat zien. — Hebr. 11:1.

Gelegenheden om overtuiging te tonen. Het is belangrijk om in de velddienst met overtuiging te spreken. Mensen merken vaak terdege op hoe je je boodschap brengt. Ze voelen hoe je er zelf tegenover staat. Krachtiger dan de woorden op zich, kan je overtuiging overdragen dat je iets heel waardevols met hen wilt delen.

Ook als je een gehoor van medegelovigen toespreekt, is het nodig dat met overtuiging te doen. De apostel Petrus schreef zijn eerste geïnspireerde brief „ter aanmoediging en om een ernstig getuigenis te geven dat dit de ware onverdiende goedheid van God is”. En hij drong er bij de broeders op aan: „Staat daarin standvastig” (1 Petr. 5:12). In een brief aan de gemeente in Rome gaf de apostel Paulus uiting aan zijn overtuiging, en ze hadden daar stellig baat bij. Hij schreef: „Ik ben ervan overtuigd dat noch dood noch leven, noch engelen noch regeringen, noch tegenwoordige noch toekomende dingen, noch krachten, noch hoogte noch diepte, noch enige andere schepping ons zal kunnen scheiden van Gods liefde, die in Christus Jezus, onze Heer, is” (Rom. 8:38, 39). Paulus schreef ook met overredingskracht over de noodzaak om tot anderen te prediken, en zijn eigen ijver op dat gebied vormde een duidelijk bewijs dat hij persoonlijk overtuigd was van de belangrijkheid ervan (Hand. 20:18-21; Rom. 10:9, 13-15). Eenzelfde overtuiging moet nu bij christelijke ouderlingen te bemerken zijn als ze uit Gods Woord onderwijzen.

Tijdens studieperiodes en ook op andere momenten moeten ouders zich met overtuiging uiten als ze geestelijke aangelegenheden met hun kinderen bespreken. Hiervoor is het nodig dat ouders in hun eigen hart liefde voor God en zijn wegen cultiveren. Dan kunnen ze vol innige overtuiging tot hun kinderen spreken, ’want uit de overvloed des harten spreekt de mond’ (Luk. 6:45; Deut. 6:5-7). Zo’n overtuiging zal ouders ook motiveren een voorbeeld te geven in ’geloof zonder huichelarij’. — 2 Tim. 1:5.

Het is speciaal van belang dat je je met overtuiging uit als je vragen worden gesteld over je geloof. Een klasgenoot, leraar of collega kan zich erover verbazen dat je niet meedoet met een bepaalde viering. Een gedecideerd en goed beredeneerd antwoord kan hem helpen je op de bijbel gebaseerde standpunt te respecteren. Waar komt het op aan als iemand je tracht te verleiden tot verkeerd gedrag — oneerlijkheid, drugsgebruik of seksuele immoraliteit? Het is zaak duidelijk te maken dat je dat soort dingen beslist niet doet en dat geen enkele poging tot overreding je van mening zal doen veranderen. Bij het afwijzen van het voorstel moet je vol overtuiging spreken. Toen Jozef zich tegen de immorele avances van Potifars vrouw verzette, verklaarde hij vastberaden: ’Hoe zou ik deze grote slechtheid kunnen begaan en in werkelijkheid zondigen tegen God?’ Toen ze aanhield, vluchtte hij het huis uit. — Gen. 39:9, 12.

Hoe overtuiging wordt getoond. De woorden die je gebruikt kunnen veel doen om overtuiging over te dragen. Bij talrijke gelegenheden liet Jezus belangrijke uitspraken voorafgaan door: „Voorwaar, voorwaar, ik zeg u” (Joh. 3:3, 5, 11; 5:19, 24, 25). Paulus’ overtuiging kwam tot uiting in bewoordingen als „ik ben ervan overtuigd”, „ik weet en ben ervan overtuigd in de Heer Jezus”, en „ik zeg de waarheid, ik lieg niet” (Rom. 8:38; 14:14; 1 Tim. 2:7). Met betrekking tot de vervulling van zijn woord inspireerde Jehovah zijn profeten soms tot nadrukkelijke verklaringen als „het zal zonder mankeren uitkomen” (Hab. 2:3). Bij verwijzingen naar deze profetieën zou je soortgelijke taal kunnen gebruiken. Als je niet op jezelf maar op Jehovah vertrouwt en als je respectvol tot anderen spreekt, zullen uitingen die eenzelfde overtuiging weerspiegelen, er een bewijs van vormen dat je een sterk geloof bezit.

Overtuiging kun je ook laten blijken door de ernst en intensiteit van je expressie. Je gelaatsuitdrukkingen, gebaren en lichaamstaal dragen daar allemaal toe bij, hoewel ze van persoon tot persoon wat zullen variëren. Je kunt best verlegen van aard zijn en een zachte stem hebben, maar wanneer je er ten volle van overtuigd bent dat wat je zegt de waarheid is en dat anderen het moeten horen, zal je overtuiging duidelijk waar te nemen zijn.

Natuurlijk moeten onze uitingen van overtuiging echt zijn. Als mensen voelen dat we doen alsof in plaats van uit het hart te spreken, zullen ze waarschijnlijk concluderen dat onze boodschap niets te betekenen heeft. Wees daarom bovenal jezelf. Afhankelijk van de grootte van je gehoor zul je misschien wat luider dan gebruikelijk en met meer intensiteit moeten spreken, maar je doel moet zijn je met oprechtheid en natuurlijkheid te uiten.

Wat je erbij helpt. Aangezien je overtuiging te maken heeft met hoe je over je materiaal denkt, is goede voorbereiding een sleutelfactor. Je kunt niet volstaan met eenvoudig iets uit een publicatie te kopiëren en dat dan ten gehore te brengen. Je moet de stof goed begrijpen en in staat zijn die met eigen woorden te brengen. Je moet er volledig van overtuigd zijn dat het waar is en dat wat je zegt waardevol is voor je toehoorders. Dat betekent dat je bij de voorbereiding van je voordracht hun omstandigheden in aanmerking moet nemen alsook wat ze al van het onderwerp weten en hoe ze er tegenover staan.

Het is voor anderen gemakkelijker onze overtuiging waar te nemen als onze voordracht vloeiend is. Zorg dus niet alleen voor goede stof maar werk ook hard aan de vloeiendheid van je voordracht. Schenk speciaal aandacht aan de gedeelten van je materiaal die grotere ernst vereisen, zodat je ze kunt brengen zonder aan je aantekeningen gebonden te zijn. Denk er ook aan Jehovah om zijn zegen op je inspanningen te bidden. Zo zul je ’door bemiddeling van onze God vrijmoedigheid verzamelen’ om te spreken op een wijze die een weerspiegeling vormt van je overtuiging een boodschap te hebben die waar is en belangrijk. — 1 Thess. 2:2.

HOE JE HET DOET

  • Spreek met gevoel, in een mate die past bij je onderwerp.

  • Gebruik taal die je overtuiging weerspiegelt.

  • Bestudeer je materiaal tot je het goed begrijpt en het met eigen woorden kunt brengen. Je moet volledig overtuigd zijn van de waarheid ervan en van het belang ervan voor je toehoorders.

OEFENING: Bestudeer de volgende bijbelverslagen: Exodus 14:10-14; 2 Koningen 5:1-3; Daniël 3:13-18; Handelingen 2:22-36. Hoe gaven bij de beschreven gelegenheden dienstknechten van God uiting aan hun overtuiging? Wat was de basis voor hun overtuiging? Hoe kun jij nu een soortgelijke overtuiging aan de dag leggen?

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen